Wet voor semi-publieke topinkomens

Het CDA heeft een draai gemaakt in het politieke debat over topinkomens in de semi-publieke sector. Hierdoor is een meerderheid ontstaan in de Tweede Kamer voor een wettelijke norm voor deze inkomens.

Gisteren nam de Kamer met ruime meerderheid een motie aan van Kamerlid Bakker (D66) die het kabinet oproept uiterlijk in december te komen met een wettelijke normering.

De wettelijke norm geldt onder meer voor bestuurders in ziekenhuizen, hbo-instellingen, universiteiten, toezichthouders en woningcorporaties. Eerder bleek al dat een meerderheid in de Tweede Kamer vindt dat de inkomens van bestuurders bij semi-publieke instellingen niet mogen uitkomen boven het salaris van de minister-president (nu 130.000 euro).

De VVD stemde als enige partij tegen de motie. Kamerlid Van Egerschot (VVD) zei dat de semi-publieke sector te veel verscheidenheid vertoont om onder één normering voor de topinkomens te kunnen vallen. ,,Bepaalde semi-publieke instellingen bewegen zich vrij in de markt, andere zijn volledig afgeschermd van concurrentie. Wij kunnen daarom een normering niet in één wet samenvatten'', aldus Van Egerschot.

Het kabinet wil een onderzoek afwachten van een commissie onder leiding van voormalig VVD-politicus Dijkstal over de beloning van de managers in de semi-publieke sector. Vorige week zei minister Zalm (Financiën, VVD) voorstander te zijn van een systeem waarbij het inkomen van de premier de norm is, maar daar moet in uitzonderlijke gevallen van afgeweken kunnen worden. Minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD), verantwoordelijk voor de inkomens in de publieke en semi-publieke sector, heeft een wettelijke normering een paardenmiddel genoemd.

De ommezwaai van het CDA om steun te geven aan de motie-Bakker is opmerkelijk omdat Kamerlid De Nerée tot Babberich (CDA) vorige week weliswaar kritiek had op de hoogte van de topinkomens, maar afstand nam van een wettelijke normering en de kabinetslijn steunde. Hierdoor viel De Nerée tijdens de financiële beschouwingen hoon ten deel van de oppositiepartijen en D66.

Onlangs bleek dat bijvoorbeeld woningcorporaties op grote schaal de aanbevelingen van hun eigen brancheorganisatie Aedes en de verzoeken van minister Dekker (Volkshuisvesting, VVD) en de Tweede Kamer negeren om volledige openheid over de beloningen van hun directeuren te geven. Meer dan de helft van de 25 grootste corporaties bleek in het jaarverslag van 2004 geen volledige transparantie te geven over de beloningen.

De Raad van State, het belangrijkste adviesorgaan van de regering, uitte eerder kritiek op de openheid van beloningen in de semi-publieke sector. Het orgaan wees erop dat de ingestelde publicatieverplichting in de marktsector niet voorkomen heeft dat daar nog steeds topsalarissen worden verdiend die discussie oproepen.