Vrijheid van handelen

Met nog krap negen weken te gaan tot de ministersconferentie in Hongkong, loopt de spanning bij de Wereldhandelsorganisatie WTO ver op. Gisteren stelde de Amerikaanse onderhandelaar Rob Portman voor om de landbouwsteun in de VS met maximaal 60 procent te verminderen. Die propositie legt de bal op het Europese speelveld. Het landbouwbeleid in Europa, de VS en ook Japan is het belangrijkste obstakel voor het bereiken van een verdere voortgang in de zogenoemde Doharonde. In die ronde moet een nieuwe stap worden gezet naar de liberalisering van de wereldhandel.

Westerse landen zouden vooral graag zien dat het exporteren van diensten verder wordt geliberaliseerd. Zo'n voorstel maakt enkel kans als de opkomende landen en ontwikkelingslanden forse concessies op het gebied van de landbouw kunnen incasseren. De vorige ministersconferentie, twee jaar geleden in het Mexicaanse Cancún, liep vooral daarop stuk.

Landbouw is en blijft zo de sleutel tot het slagen van de komende WTO-conferentie, en een doorbraak in de Doharonde. Dat betekent dat de Europese Unie en de Verenigde Staten tot een vergelijk op dit terrein zullen moeten komen. Hier wreekt zich de adembenemende complexiteit van het dossier. Dat geldt niet alleen inhoudelijk, het gaat ook op voor de politieke kant van de zaak.

Portmans aanbod kan worden opgevat als een handreiking en evengoed als een uitdaging aan de Europese Unie. Maar houdt het stand? De regering-Bush geniet tot 1 juli 2007 een zogenoemde fast track-autoriteit. Dat betekent dat handelsakkoorden mogen worden afgesloten waarover het Congres zich later enkel vóór of tegen mag uitspreken, zonder amendementen. Dat geeft in principe een grote onderhandelingsvrijheid, maar de discussie met het Congres wordt er niet helemaal door buiten werking gesteld. Nog deze zomer kwam een vrijhandelsakkoord met de Midden-Amerikaanse landen er op het nippertje doorheen. De landbouwlobby is sterk, en sommige deelstaten zullen zich via hun vertegenwoordigers in het Congres niet makkelijk gewonnen geven. Zeker niet nu de Republikeinen het minder makkelijk hebben gekregen in het politieke krachtenveld in de VS.

In Europa, dat nu een antwoord moet formuleren op het Amerikaanse aanbod, liggen de zaken mogelijk nog ingewikkelder. De Europese Commissie heeft formeel de bevoegdheid om te onderhandelen. Maar vorige week stuurden dertien lidstaten een brief naar Brussel met de boodschap dat zij bij elke concessie die de Commissie doet, toch wensen te worden geconsulteerd. De Britse premier Blair, dit halfjaar voorzitter van de EU, kan bovendien rekenen op het nodige wantrouwen van vooral Franse kant. Hij stelde een paar maanden geleden bij de Europese begrotingsbesprekingen de landbouwsubsidies opnieuw ter discussie.

Zo gaan de twee belangrijkste deelnemers, de EU en de VS, bij het meest toonaangevende dossier, de landbouw, naar Hongkong met een wankel mandaat. Voortgang bij de Doharonde ligt in het verschiet. Maar zoals de zaken er nu voorstaan mag van de bijeenkomst jammer genoeg geen doorbraak worden verwacht.