De partij en de toekomst

De grootste regeringspartij, het Christen Democratisch Appèl (CDA), viert dezer dagen het feit dat 25 jaar geleden deze nieuwe politieke formatie een feit werd. De protestantse partijen CHU en ARP zagen zich genoodzaakt samen te gaan met de katholieken van de KVP. Immers, door secularisatie en ontzuiling zagen die partijen hun ledental verdampen. Bij het ontstaan van het CDA stond één ding vast: behaalde resultaten uit het verleden vormden geen garantie voor de toekomst.

Achteraf kan vastgesteld worden dat het CDA veel succes had in de eerste tien jaar na de fusie. In het vorige decennium volgde een electorale afstraffing die zijn weerga niet kende in de parlementaire geschiedenis tot dat moment. De partij werd weggevaagd bij de verkiezingen van 1994 met een verlies van twintig zetels. Een rampspoed die door de voormalige CDA-leider Lubbers destijds achteraf trefzeker werd aangeduid als ,,een dipje''. Daarna vertoonde de partij een opmerkelijke veerkracht: het wetenschappelijk bureau van de partij voorzag de ontgoochelde beweging van een vernieuwd ideologisch fundament. En toen het moment daar was in 2002, tijdens de neergang van het paarse intermezzo en de rumoerige opkomst van Fortuyn, was het CDA klaar om te oogsten.

Gisteren stelde minister-president en CDA-leider Balkenende vast dat zijn politieke organisatie op dit moment ,,zelfbewust en zelfverzekerd'' is. Daaraan bestond al weinig twijfel. Het is wel de vraag waar in het oog van de burgers zelfbewustzijn ophoudt en zelfgenoegzaamheid begint. Balkenende deed in zijn toespraak zijn best om de continuïteit van de partij te benadrukken. Hij vergeleek zich met zijn illustere voorgangers Van Agt en Lubbers. Veelzeggend waren de punten van overeenkomst die hij koos. Van Agt, die ondanks publieke schimpscheuten destijds door bleef gaan met zijn ,,moreel reveil''. En daarmee het voorbeeld werd van Balkenende voor zijn discussie over waarden en normen. En Lubbers die bleef doorpraten ook al keerden duizenden aanwezigen op een protestdemonstratie in de Houtrusthallen hem de rug toe. Is dat wat Balkenende aantrekt? Regeren terwijl een groot deel van de samenleving zijn kabinet figuurlijk de rug lijkt toe te keren, als men afgaat op het eigen `tevredenheidsonderzoek' onder de bevolking van het kabinet? Is de ideoloog Balkenende ook in staat als leider bij te sturen en te luisteren als de omstandigheden daarom vragen?

Het CDA van Balkenende regeert nu drie jaar, het eerste kabinet-Balkenende meegerekend. Maar de partij en de premier lijken vroeg oud. Prominente partijgenoten als De Vries of Aantjes worden niet geacht met hun kritiek op het CDA naar buiten te treden. Ten behoeve van het aanstaande verkiezingsseizoen is nu een nieuw koersdocument gepresenteerd, dat echter geen nieuwe koers inhoudt. Voor het CDA van 2005 geldt meer nog dan voor het CDA in 1980: de toekomst trekt zich weinig aan van resultaten uit het verleden.