De gouverneur is een schaakfanaat

Twee ronden voor het einde van het WK schaken zit Veselin Topalov op rozen. Voor de ambitieuze gouverneur van de provincie San Luis zal de compromisloze Bulgaar een ideale winnaar zijn.

Vertel een willekeurige Argentijn dat de gouverneur van de provincie San Luis een miljoen dollar prijzengeld op tafel heeft gelegd om het wereldkampioenschap schaken binnen te halen en de kans is groot dat hij mismoedig het hoofd zal schudden. Alsof in een land dat nog aan het opkrabbelen is na de economische crisis van 2001 het geld niet beter kan worden gebruikt.

Uiteraard ziet die gouverneur dat heel anders. Alberto Rodriguez Saa, telg uit een familie die in deze regio al sinds 1860 de dienst uitmaakt, heeft grootse plannen met zijn provincie. Musici en filmers worden gelokt met uitstekende faciliteiten en dankzij de superbrede informatiesnelweg die hij heeft laten aanleggen wordt de bevolking in rap tempo voorzien van snelle internetaansluitingen.

Daarnaast is de gouverneur een schaakliefhebber. Op de lagere school wil hij schaken invoeren als leervak en een wereldkampioenschap schaken leek hem een uitstekende gelegenheid om het buitenland te laten zien wat San Luis zoal in zijn mars heeft.

Daarom is het ook niet bij die een miljoen dollar gebleven. Het hotel waar de spelers verblijven, een aardig complex aan een meertje in de bergen, zo'n 800 kilometer ten westen van Buenos Aires, is grondig gerenoveerd en voor iedere journalist staan er ongeveer drie computers klaar. Ook de spelers ontbreekt het aan niets. Iedereen heeft een auto tot zijn beschikking en er zijn mobieltjes uitgedeeld waarmee ze de hele wereld mogen afbellen. Het klapstuk is de `schaakdoos', een groot vierkant, strak vormgegeven gebouw naast het hotel waar gespeeld wordt. Het ruikt nog erg nieuw, maar het is nauwelijks voor te stellen dat in elf weken tijd is gebouwd. Het is niet alleen voor deze gelegenheid neergezet. Na het toernooi zal het dienst gaan doen als conferentieoord. De speelzaal is ronduit spectaculair. De spelers zijn aan vier kanten omgeven door tribunes en boven hen hangt een grote installatie met aan alle kanten elektronische borden waarop iedereen, waar hij ook zit, de partijen kan volgen. Nu is het alleen wel zo dat die tribunes doorgaans karig bezet zijn. De foto's van een bijna lege zaal die de eerste weken de wereld rondgingen moeten de irritatie van de organisatie hebben gewekt. Met enige creativiteit wisten ze afgelopen weekend en maandag, een nationale feestdag, de zaal aardig vol te krijgen, maar gisteren waren het weer plukjes toeschouwers hier en daar die toekeken hoe het kampioenschap zijn ontknoping nadert.

De totale kosten van het WK, met inbegrip van de aanpassingen aan de infrastructuur, worden inmiddels geschat op meer dan tien miljoen dollar. Dat levert natuurlijk ook wrok en wrevel op. Zo stonden er na de openingsceremonie demonstranten voor de deur die spandoeken ophielden met leuzen als `schaakmat voor het onderwijs' en `schaakmat voor de gezondheidszorg' en ook hingen in de stad posters van een opgestoken middelvinger met daarop een schaakkroontje en eronder de woorden `welkom bij het wereldkampioenschap schaken'. Toch zijn het zwakke protesten. Om te beginnen is oppositie voeren hier een slechte carrièrekeus en verder kan een gouverneur die de werkloosheid terugbracht van 14,7 tot 1,2 procent zich het een en ander permitteren.

Vraag een willekeurige schaker wat hij denkt van het WK en de kans is groot dat hij het een succes noemt. Tienduizenden liefhebbers hebben het toernooi de afgelopen weken op het internet gevolgd en het enthousiasme is groot. De schaakkoorts die opbloeide is zonder meer te danken aan Veselin Topalov. Over zijn vernietigende explosie in de eerste toernooihelft zal nog lang gepraat en geschreven worden. Een enkel halfje morste hij in zijn eerste zeven partijen, de rest won hij allemaal. Of hij wit had of zwart, de Bulgaar zocht naar winstkansen en met die compromisloze instelling veroverde hij de harten van de fans. Topalov speelde als Bobby Fischer en Garri Kasparov, en niet als Vishy Anand of Peter Leko of Vladimir Kramnik die met zwart meestal tevreden zijn met remise.

Dat hij dit tempo in de tweede toernooihelft niet kon volhouden kwam niet als een verrassing, hoewel een groeiend aantal aanhangers inmiddels geloofde dat Topalov elke stelling tegen iedere tegenstander kon winnen. Er volgden vier remises. Een keer, in de tiende ronde tegen Alexander Morozevitsj, miste hij een opgelegde winst, de andere puntendelingen waren terechte uitslagen. Na deze terugkeer op aarde werd uitgekeken naar het sleutelduel in de twaalfde ronde tegen Peter Svidler, zijn naaste belager, die een dag eerder met een overwinning op Morozevitsj, zijn achterstand had teruggebracht tot anderhalf punt. Topalov had er ook naar uitgekeken, vertelde hij na afloop, omdat hij zin had in een open gevecht, maar de openingskeuze van zijn tegenstander stelde hem teleur. In plaats van een scherpe Siciliaan kwam er een tamme Spanjaard op het bord. Kort overwoog hij of hij koste wat kost op winst zou spelen. Al snel overwon het gezonde verstand en na enkele vervlakkende afruilen konden na 21 zetten de stukken weer in de doos.

Met nog twee ronden te gaan heeft Topalov anderhalf punt voorsprong op Svidler en Anand. De Indiër strafte met zwart een gewaagde openingsopzet van Leko af en schoof op naar de gedeelde tweede plaats. Niemand twijfelt eraan dat Topalov spoedig wereldkampioen zal zijn. Op de persconferentie vroeg iemand Anand of hij in wonderen geloofde. ,,Hier is Topalov het wonder'', antwoordde hij.