Scholen VS sporten zonder hoofdtooi

Sportteams op Amerikaanse scholen mogen komend seizoen geen indiaanse namen meer gebruiken.

Het publiek bij wedstrijden van de sportteams van San Diego State University wordt altijd tot groot enthousiasme opgezweept door `Monty Montezuma', de azteekse strijder. En in Illinois danst `Chief Illiniwek' uitdagend met zijn rood-wit-blauwe hoofdtooi over het american-footballveld om de tegenstander van zijn stuk te brengen.

Niet lang meer. Met ingang van 1 februari 2006 zijn alle indianennamen en -bijnamen verboden op kleding van thuisspelende teams, niet voor bezoekende teams. Vanaf 2008 geldt een volledig verbod. De National Collegiate Athletic Association (NCAA), de vereniging die in de VS sportwedstrijden op universiteitsniveau coördineert, kondigde deze zomer een verbod aan op namen en mascottes die als racistisch en beledigend kunnen worden ervaren. Die maatregel zal een einde maken aan de dansende indianen op en rond het veld. De NCAA meent dat ,,mascottes, bijnamen of afbeeldingen die vijandig of beledigend zijn voor een ras, etniciteit en nationaliteit'' niet thuishoren op het sportveld. Het geldt voor alle teams met namen als Redskins, Chiefs, Braves of Apaches en treft volgens de NCAA 88 competities.

Het verbod is het gevolg van jarenlange klachten door indianenstammen en belangengroepen voor indianen. Zij menen dat vooral de capriolen van mascottes beledigend zijn voor hun afkomst. ,,Dit is vernederend. We zijn geen mascottes'', legt journaliste Lisa Mitten, zelf een Mohawk-indiaan en voorstander van het verbod, het verbod uit. ,,Om het te begrijpen, moet je je eens voorstellen hoe je het zou vinden als alles wat heilig is voor jou, danst tussen bierdrinkende en schreeuwende mensen.''

Cindy La Marr, voormalig hoofd van de National Indian Education Association, wees er tegenover persbureau Knight Ridder op dat het gebruik van mascottes kinderen het verkeerde beeld over indianen blijft geven.

Het verbod op het gebruik van beledigende namen, afbeeldingen en mascottes komt niet onverwacht. Sinds Stanford University in Californië in 1972 na een klacht van 55 indiaanse studenten als een van de eerste scholen zijn team veranderde – van de Indians naar de Cardinals – zijn tweeduizend sportteams op eigen initiatief of na klachten van indianenstammen van naam veranderd. In sommige gevallen is er een akkoord gesloten met een lokale stam over het gebruik van de naam.

Begin dit jaar beval de NCAA de overige colleges en universiteiten onderzoek te doen naar de eigen naam, de manier waarop ,,het instituut studentsporters, leraren, fans en toeschouwers voorlicht over de manier waarop mascottes zich verhouden tot het sporter zijn'' en het aantal indianen met sportbeurzen.

Slechts drie universiteiten kregen ontheffing van de NCAA (waaronder North Carolina Pembroke, dat door Lumbee-indianen werd opgericht). Vrijwel alle andere scholen moeten hun mascotte veranderen en hebben protest aangetekend.

Het verbod betekent niet alleen dat er een andere naam moet worden verzonnen, maar ook dat alle logo's, het briefpapier, strijdliederen etc, moeten worden aangepast. De rector magnificus van North Dakota University klaagde tegenover een lokale krant dat in het Fighting Sioux-ijshockeystadion drieduizend indianenafbeeldingen uit de granieten vloer zullen moeten worden gehaald. Florida State University huurde, in samenwerking met gouverneur Jeb Bush, een advocaat in die zal moeten bewijzen dat de zevenhonderd Seminoles in Florida toestemming hebben gegeven voor het gebruik van de Seminoles-naam en mascotte. San Diego State University ontkomt mogelijk aan het verbod doordat de universiteit drie jaar geleden (na klachten van Mexicaanse studenten) Monty Montezuma's cartoonachtige kleding liet veranderen in een historisch verantwoord kostuum dat door een van de kostuumontwerpers van Disneyland werd gemaakt. Bovendien zegt de universiteit dat MontyMontezuma een Azteek is, en na onderzoek geen nakomelingen van de Azteken in de VS zijn gevonden.

Vooralsnog treft het verbod alleen school- en universiteitsteams, maar ook in de nationale competities dreigen namen te zullen veranderen. Tegen de Redskins (een American footballteam gevestigd in Washington DC) worden juridische stappen ondernomen, en ook de profhonkballers van de Cleveland Indians en de Atlanta Braves (wier fans met tomahawks zwaaien) liggen onder vuur. Bij de Braves speelt Andrew Jones, de enige Nederlandse honkballer in de Major League.

In Californië heeft de zaak inmiddels het hoogste politieke niveau bereikt. Gouverneur Arnold Schwarzenegger sprak vorige week zijn veto uit over een verbod op het gebruik van de naam Redskins in de staat.

Niet alle indianen zijn het overigens eens met de afschaffing van de sportnamen. Uit een peiling in september door de University of Pennsylvania bleek dat 90 procent van de ondervraagde indianen het gebruik van de naam Redskins niet beledigend vonden.

En anderen zien nieuwe problemen opduiken: ,,Als al die naamsveranderingen doorgaan, wat is dan de volgende stap?'', vroeg columnist Greg Otto van de Temple University in Philadelphia zich onlangs in zijn column in de universiteitskrant af. ,,Verbiedt de NCAA de Miami Hurricanes en de Tulsa Golden Hurricanes omdat het de mensen wier leven door de recente orkanen is verwoest van streek kan maken? En wanneer zal de Ierse gemeenschap in de VS zich storten op Notre Dame [die een vechtende Ierse dwerg als mascotte hebben, red.]?''