Dekker: huurders krijgen sterkere positie

Minister Dekker (Volkshuisvesting, VVD) wil de positie van huurders verstevigen. Dat blijkt uit haar reactie op een vandaag gepresenteerd rapport van de commissie-Leemhuis over de zeggenschap van huurders. Het voorstel om verhuurders te verplichten om huurders instemming te vragen bij bijvoorbeeld een verhoging van de servicekosten, wijst de minister echter af.

De commissie-Leemhuis, ingesteld door het ministerie en de Woonbond, vindt dat huurders moeten worden erkend als ,,in het bijzonder belanghebbend''. Zowel bij commerciële verhuurders en woningcorporaties moeten huurders eenzelfde soort van zeggenschap krijgen. Dat moet er onder andere toe leiden dat (toekomstige) huurders eerder worden betrokken in het overleg tussen de corporaties of projectontwikkelaars en gemeenten.

Door de voorgenomen wijzigingen in het huurbeleid, waarbij verhuurders meer vrijheid krijgen om zelf huurverhogingen vast te stellen, is volgens de commissie-Leemhuis grote onzekerheid ontstaan voor de huurders. Ze pleit er daarom voor de huurstijgingen niet langer per jaar maar over een periode van enkele jaren vast te stellen. Minister Dekker heeft vanmorgen laten weten dat het rapport gebruikt zal worden bij de herziening van het huurbeleid. Zij hoopt de wetgeving nog deze kabinetsperiode af te krijgen.

De Woonbond, de belangenorganisatie van huurders, is teleurgesteld dat er geen instemmingsrecht komt voor huurders, bijvoorbeeld over de vaststelling van servicekosten. ,,Het is onterecht dat een meerderheid van de huurders geen bepalende stem heeft in het beleid van de verhuurder''. Ook vindt de Woonbond het teleurstellend dat huurders geen recht van initiatief krijgen. Daarmee zouden ze als belanghebbende partij de verhuurder kunnen dwingen om beter onderhoud te plegen. Minister Dekker wil het recht op initiatief in de komende wetgeving wel verruimem, maar zal de verhuurder niet verplichten om het ook over te nemen, zo laat ze weten.

Vanmorgen werd bekend dat de Rotterdamse woningcorporatie Woonbron geld gaat terugbetalen aan huurders die jarenlang onterecht hebben meebetaald aan het onderhoud van gemeenschappelijk groen bij hun woningen. De organisatie heeft dat besloten nadat de Hoge Raad had bepaald dat dergelijke kosten niet mogen worden doorberekend als het gemeenschappelijke tuinen betreft die vrij toegankelijk zijn. De corporatie zal volgens directeur G. van den Heuvel van de locatie Prins Alexander van Woonbron in totaal ,,enkele miljoenen'' euro terugstorten.

Hoeveel huurders geld terugkrijgen, is volgens Van den Heuvel nog niet bekend. Woonbron streeft ernaar het geld voor 1 december te hebben teruggestort.