Belgen later met vervroegd pensioen

België verhoogt de leeftijd waarop werknemers met vervroegd pensioen kunnen naar 60 jaar. Nu kunnen de meeste Belgen nog op hun 58ste stoppen met werken.

De federale regering heeft hierover gisteren een akkoord bereikt. Ook werd het kabinet het vanmorgen eens over de begroting voor het nieuwe jaar welke voor de zevende keer op rij sluitend zal zijn.

Het kabinet is onder leiding van premier Verhofstadt sinds het weekeinde in conclaaf geweest om over diverse controversieel liggende zaken overeenstemming te bereiken. Eén van de moeilijkste punten betrof het zogeheten 'eindeloopbaan-dossier' waarin de bestaande vervoegd pensioenregelingen worden beperkt. Als protest tegen de plannen organiseerde de socialistische vakbond ABVV vrijdag een algemene staking van 24 uur. De eindversie van het voorstel van de regering die gisteren onder de titel `generatiepact' aan de sociale partners is overhandigd wijkt weinig af van het plan zoals dat een maand geleden werd gepresenteerd. Alleen is het aantal uitzonderingen waarop werknemers alsnog op hun 58ste met vervroegd pensioen kunnen gaan verder uitgebreid. De bonden raadplegen de komende tijd hun leden.

De basisregel vanaf 2008 luidt dat werknemers pas vanaf 60 jaar met brugpensioen kunnen. Voorwaarde is wel dat zij minimaal dertig jaar hebben gewerkt. In 2012 wordt deze arbeidsverledeneis verder opgetrokken naar 35 jaar. Nu geldt nog als voorwaarde voor vervroegd pensioen dat iemand minimaal 25 jaar moet hebben gewerkt. Voor mensen met zware beroepen worden uitzonderingen gemaakt. Hetzelfde geldt voor oudere vrouwen voor wie het minder makkelijk is een langdurig arbeidsverleden op te bouwen.

De plannen van de regering Verhofstadt passen in de afspraken van de Europese Unie om de arbeidsdeelname van oudere werknemers te verhogen. Het streven van de EU is dat in 2010 de helft van de beroepsbevolking tussen de 55 en 64 jaar nog aan de slag is. Nu werkt voor de Unie als geheel rond de veertig procent van deze leeftijdscategorie.