Meer bevingen door Himalaya

De aardbeving in Pakistan was langverwacht, maar het tijdstip was een volslagen verrassing. Seismologen voorzien meer en misschien zwaardere bevingen in de komende decennia.

De aardbeving die zaterdagmorgen het noorden van Pakistan trof, behoort met een magnitude van 7,6 niet tot de allergrootste. Tientallen keren groter was de totale kracht van de aardbeving (en daaropvolgende tsunami) die op tweede kerstdag van het vorig jaar toesloeg voor de kust van Indonesië.

Langs de duizenden kilometers lange kreukelzone van het Himalayagebergte – het getroffen gebied is daarvan onderdeel – zijn de laatste jaren vele aardbevingen van 7 of meer geregistreerd. De meest vernietigende recente beving in de Indiase staat Gujarat op 26 januari 2001 (magnitude: bijna 8) was letterlijk en figuurlijk een buitenbeentje op een afstand van meer dan duizend kilometer van de belangrijkste breukvlakken in de Himalayabergketen.

Op 90 kilometer ten noordoosten van de Pakistaanse hoofdstad Islamabad ligt de jongste beving veel dichterbij de normale plaats voor aardbevingen in het gebied. De breukvlakken langs de boogvormige bergketen van de Himalaya markeren het punt waar het noordwaarts drijvende Indiase continent zo'n vijftig miljoen jaar geleden tegen Azië is opgebotst. Nog altijd drijft India verder noordwaarts, met een snelheid van enkele centimeters per jaar schuift het continent aldus steeds dieper weg onder de Euraziatische plaat.

Een deel van deze beweging zorgt ervoor dat de toppen van de Himalaya steeds verder worden opgestuwd, een ander gedeelte wordt geabsorbeerd in de Tibetaanse hoogvlakte ten noorden van de Himalaya. Als gevolg van de noordwaartse stuwing ontstaan dwars breukvlakken (die lopen van oost naar west). De beving van zaterdag om 5.50 uur Nederlandse tijd is ontstaan langs een van die breukvlakken.

De aardbeving was lang voorzien. Vier jaar geleden waarschuwden geologen van de universiteit van Colorado (Boulder) dat `een of meerdere grote aardbevingen in een groot deel van het Himalayagebied al ver over tijd zijn' (Science, 24 augustus 2001). Probleem is dat seismologen over de precieze timing van grote aardbevingen nog altijd bitter weinig kunnen zeggen.

De Amerikaanse geologen in Science baseerden hun waarschuwing op het uitblijven van zeer grote aardbevingen langs de Himalaya in de laatste 50 jaar. India is in die vijftig jaar immers wel verder noordwaarts gedreven op vloeibaar gesteente in de mantel, de duizenden kilometers dikke laag die onder de aardkorst als een schil rond de kern van de aarde ligt. Een halve eeuw staat gelijk aan een verplaatsing van India naar het noorden met een tot enkele meters in het totaal.

Op sommige plaatsen is de aardkorst elastisch en wordt gesteente permanent in elkaar gedrukt, maar op andere plaatsen is de spanning steeds verder opgelopen. Aan de uiterste westkant van de Himalayabergketen is zaterdag een breukvlak losgeschoten, een gebeurtenis die waarschijnlijk heeft geresulteerd in een verschuiving met enkele meters. Maar met deze beving zijn niet in één keer alle problemen opgelost.

Het hoogste gebergte ter wereld staat de komende decennia borg voor nog meer natuurgeweld. In de afgelopen dagen zijn enkele naschokken geregistreerd die KNMI-seismoloog Hein Haak desgevraagd typeert als `behoorlijk krachtig'. ,,De grootste die ik heb gezien had een magnitude van 6,3.'' De naschokken zijn op zichzelf geen voorbode van een nieuwe aardbeving, maar ze kunnen er wel voor zorgen dat de schade snel verder oploopt, omdat reeds verzwakte gebouwen misschien het laatste zetje krijgen.

Volgens Haak is de vernietigende kracht die de Pakistaanse beving aan het oppervlak heeft laten zien te verklaren door het feit dat de aardbeving plaatshad op een diepte van niet meer dan acht à tien kilometer. Bij een diepere aardbeving kan de tussenliggende aardkorst de schok beter absorberen. Bovendien is de energie die is vrijgekomen bij de haard van de aardbeving (het zogeheten hypocentrum) dan al meer verdeeld geraakt (zoals langs een uitdijende golf in een vijver). Voordeel is dat zo'n ondiepe beving een relatief geringe reikwijdte heeft. Een reden, aldus Haak, dat de schade 90 kilometer verderop in Islamabad binnen de perken is gebleven.