Dagje Boekelo voor paard en sensatie

Zo'n 40.000 mensen togen zaterdag naar Boekelo voor de crosscountry, het spektakelstuk van de military. Over veiligheidsbouten, friet en Burberry. ,,Ik heb helemaal níets met paarden.''

Rob en Perry Haakmeester turen gespannen naar hindernis nummer 22, beter bekend als `De Waterpartij'. De speaker heeft zojuist aangekondigd dat Frédéric Aronio de Romblay met Cordon Blue in aantocht is, en dat wil het echtpaar uit Enschede niet missen. Als het paard even later rakelings over het eerste deel van de hindernis springt en met een smak in het water beland, slaakt Perry Haakmeester een kreet van opwinding. ,,Zag je dat, Rob? Kantje boord.'' Haar man knikt. ,,Het lijkt net hink-stapsprong. Alleen valt er weinig te stappen voor het paard. Ik schat dat er hooguit twee meter ruimte tussen zit.''

Het oordeel van de bezoekers van de military in Boekelo is eensluidend: de Waterpartij is de moeilijkste hindernis van de crosscountry, het spektakelstuk van het internationale paardensportevenement dat dit jaar voor de 35ste keer georganiseerd wordt. Niet voor niets zijn de tribunes rond hindernis 22 afgeladen. Komt het paard ten val of niet – je kunt de spanning van de gezichten van de bezoekers af lezen. ,,Ik ben wel een beetje een sensatiezoeker'', erkent Perry Haakmeester. Als de goed geklede veertiger verneemt dat er acht jaar geleden twee paarden dodelijk verongelukten in Boekelo slaat zij verschrikt de handen voor haar gezicht. ,,Is dat zo? Dát vind ik nou zielig.''

Het incident in Boekelo staat niet op zichzelf. Ook in andere landen waar de military – een hippische sport die zijn oorsprong vindt in de cavalerie en buiten Nederland als `eventing' bekendstaat – wordt gehouden deden zich de afgelopen jaren dodelijke ongelukken voor; alleen al in Engeland stierven in 1999 vijf ruiters tijdens wedstrijden. Reden voor de internationale paardensportfederatie FEI om grootschalig onderzoek te laten verrichten naar de veiligheid van het volgens critici dieronvriendelijke evenement. Uit het eerder dit jaar verschenen `Hartington-rapport' blijkt dat in 2004 ruim 6 procent van deelnemers – al dan niet met paard – ten val kwam, ofwel één op de 359 ruiters. Sinds enkele jaren worden blessures bij paard en ruiter bijgehouden in een database. De FEI verzamelt zo veel mogelijk details over met name het crosscountry-onderdeel bij de diverse evenementen.

Gertjan ter Heijden trad de afgelopen jaren in Boekelo als veterinair op namens de FEI. Hij vindt de aandacht voor fatale ongelukken bij eventing schromelijk overdreven. Dat er in 1997 twee paarden verongelukten in Boekelo was ,,zeer uitzonderlijk'', stelt Ter Heijden. ,,Het had meer te maken met de gesteldheid van de bodem, dan met de betreffende hindernis.'' Over het algemeen krijgen dierenartsen volgens hem te maken met peesblessures, overrekkingen en onderhuidse bloedingen. Ook de begeleiding van de paarden is ,,in orde'', vindt de veterinair. Ter Heijden: ,,Ik durf te stellen dat er meer volgevreten paarden in de wei verongelukken dan paarden die aan de eventing deelnemen.'' Cruciaal is volgens hem dat een paard niet ongetraind de cross doet. ,,Vergelijk het met mountainbiken. Stuur iemand die nog nooit op zo'n ding gereden heeft met 60 kilometer per uur de weg op en de kans is groot dat-ie brokken maakt.''

Sue Benson, de Britse ontwerpster van het cross parcours in Boekelo, is eenzelfde mening toegedaan. Maar om de aanzwellende kritiek op eventing een halt toe te roepen, heeft zij zich bij haar ontwerp zoveel mogelijk aan de – buiten Engeland niet-bindende – veiligheidsnormen van de FEI gehouden. Benson: ,,Drie hindernissen in Boekelo zijn voorzien van veiligheidsbouten, die breken zodra er te veel gewicht op valt. De hekken die geen pin hebben, omdat de vorm of constructie dat niet toelaat, zijn gebruikersvriendelijk: helder van kleur, opvallend van vorm, goed afgebakend. Zo kunnen de paarden beter inschatten of een sprong haalbaar is of niet. Belangrijk is ook dat de dieren veel ruimte krijgen op het parcours. Niet alle paarden zijn gewend aan grote menigtes en ruimte stelt hen op hun gemak.''

Lang niet alle 40.000 bezoekers die zich zaterdag voor de cross country in Boekelo meldden, zal Bensons ingrepen zijn opgevallen. ,,De meeste mensen hier kunnen het voor- en achtereind van een paard niet van elkaar onderscheiden'', schampert Ron Meijer (56) uit Oegstgeest. ,,Ze komen vooral om te zuipen.'' De rij-instructeur en zijn vrouw Leny doen voor het achtste achtereenvolgende jaar de Military aan en kunnen er geen genoeg van krijgen. ,,Geen jaar is hetzelfde.''

Op het 5.700 meter lange crossparcours zijn inderdaad veel dagjesmensen te ontwaren. Met een patatje in de ene hand en een biertje in de andere, werpen zij zo nu en dan een vluchtige blik op de ruiters die in veiligheidsharnas over het terrein galopperen. De vaak verveelde partners van sponsoren – ,,ik heb helemaal níets met paarden'', verzucht een dame die liever niet met haar naam in de krant wil – kunnen hun toevlucht nemen tot café `t Holscher, waar jaren tachtig muziek uit de boxen schalt en het Burberry-gehalte opvallend hoog is. Morgen het springparcours, dan is het weer voorbij.

AFSCHEID STIBBE pagina 15