Treinzelfmoordenaars kunnen worden tegengehouden

De man die een zelfmoordenaar redde, gaf het goede voorbeeld, ook al liet hij daarbij zelf het leven, vindt Maarten Huygen.

Op een halve meter van mij vandaan stormt een zware kolos met een vaartje van honderd kilometer per uur voorbij. Ik voel de lucht die hij verplaatst tegen me aanblazen. Als ik wilde, zou ik er naar toe kunnen lopen om hem aan te raken en een arm breken of erger. Jaarlijks springen in Nederland meer dan 200 mensen voor deze kolos en ze worden direct verpletterd. Er is een industriële routine ontstaan om binnen een paar uur de menselijke resten op te ruimen en indien mogelijk voor een laatste afscheid weer tot een lichaam in elkaar te passen. Dat is een gruwelijk karwei.

Hier in dit oude station van Naarden-Bussum is niets meer te zien van het ongeluk van een week geleden. Er waaien alleen wat slierten wit wc-papier langs de rails waar het is gebeurd. Een lange locomotief met zijn metershoge uitkijkpost en passagiersramen opzij raast vlak langs het perron en ik schrik omdat een twaalfjarige jongen met schooltas in de richting van de trein loopt. Het hart van de passerende machinist moet een slag hebben overgeslagen. Als het perron er niet was om op de trein te stappen, zouden de autoriteiten een hek tussen het perron en het spoor plaatsen, zoals voor een afgrond of langs een brug.

Zelfmoord op het spoor is zo oud als de trein zelf. De schrijver Tolstoj liet Anna Karenina voor de trein springen. Piet Paaltjens, die later de hand aan zichzelf sloeg, dichtte eind 19de eeuw hoe hij samen met Rika geplet zou worden onder één trein.

Het is sinds de 19de eeuw steeds gemakkelijker geworden. Nederland heeft het drukste spoor in Europa. Er razen grote aantallen treinen langs stationnetjes waar ze niet hoeven te stoppen en het aantal zelfmoordenaars vanaf perrons neemt toe.

Hoewel ik geen zelfmoordplannen heb, kom ik ook in de verleiding om voor zo'n trein te springen. Een irrationele drang om het gewoon te proberen. Zo'n naderende trein is als een diepte die je naar beneden trekt. Omdat hij zo groot is, lijkt hij langzaam te gaan. Pas als de trein passeert, besef je hoe hoog de snelheid is. Het is niet na te gaan hoeveel zelfmoordenaars op de laatste tiende seconde voor hun dood spijt hebben gekregen van hun daad.

Vorige week vrijdagmiddag sprong een 35-jarige vrouw hier voor een trein die kwam aansnellen op het spoor dat rakelings langs het perron loopt. Aan die kant van het station Naarden-Bussum lopen meer rails naast elkaar en als de trein één rails verder had genomen, had ze het misschien niet gedaan. Zo impulsief kan zelfmoord zijn.

De 51-jarige Piet ging achter haar aan om haar te redden. Daar slaagde hij in, de vrouw raakte slechts lichtgewond, maar zelf werd hij verpletterd. Hij moet de snelheid van dit grote gevaarte hebben onderschat.

Ik heb de familie van Piet nog gebeld, maar zij stelden er geen prijs op als ik zijn volle naam in de krant zou zetten en die wens moet ik respecteren om deze dagen voor hen niet nog moeilijker te maken. ,,Piet was een sober man. Ik denk dat hij niet blij zou zijn met een verhaal over hem. Ze staan daarboven ook niet te juichen over een artikel in de krant'', zegt zijn aangeslagen broer, die het nog steeds niet kan geloven.

Piet gaf met zijn onbezonnen heldhaftigheid het goede voorbeeld, want hij legde zich niet neer bij de plannen van deze vrouw. Vaak wordt beweerd dat zelfmoord een eigen keuze is waar je als buitenstaander niets tegen kunt doen. Maar als je het aan specialisten in dit onderwerp vraagt, psychologe Aly van Geleuken van het Depressiecentrum in Utrecht bijvoorbeeld, bedenken mensen zich vaak bij de eerste hindernis.

Hekken voor het spoor hebben zin. Mensen die zelfmoord plegen, zijn vaak tijdelijk niet bij hun verstand. Ze kunnen over hun persoonlijke crisis heen raken en maar al te vaak doen ze de rest van hun leven geen poging meer.

Als er jaarlijks 220 mensen buiten hun wil door treinen uit het leven werden weggerukt, zou het onderwerp hoge urgentie hebben. Maar zelfmoordenaars worden ten onrechte als vrije beslissers gezien.

Niet alleen de nabestaanden van de zelfmoordenaars maar ook de machinisten, conducteurs en schoonmakers zitten met de bloedige resten opgescheept. Daar is veel publiciteit aan gegeven, dus het moet de meeste treinzelfmoordenaars bekend zijn hoeveel leed ze anderen berokkenen. Het gaat vaak om gezonde mensen en niet om vereenzaamde, terminaal zieke bejaarden. De meeste zelfmoordenaars zijn jong, met mannen tussen 18 en 24 als grootste risicogroep.

Conducteurs en machinisten kunnen bij begrafenisondernemers en ambulancepersoneel in de leer gaan hoe zich over gruwelijke taferelen heen te zetten. Maar het aantal zelfmoorden kan omlaag. De beheerder van de rails, Prorail, en de Nederlandse Spoorwegen bedenken met specialisten in psychische depressies methoden om het aantal zelfmoorden te laten afnemen. Er worden hekken gezet voor gedeelten van de rails waar mensen vaak voor de trein springen.

Het perronprobleem is moeilijker. Toezicht is duur en het perron is moeilijk af te schermen. Een verderop gelegen rails achter een hek voor doorgaande treinen zoals bij de drukke New Yorkse metro? Hekken die na vertrek van de trein uit het perron oprijzen? In het buitenland zijn daar voorbeelden van te zien. Hoeveel geld heeft de samenleving over voor mensenlevens?

De steriele term zelfdoding raakt uit de mode, gelukkig maar, want die uitdrukking lijkt te veel op zelfbediening. Hier is geen sprake van emancipatie. Gelukkig is na een opleving in de taboedoorbrekende jaren zestig en zeventig het jaarlijkse aantal zelfmoorden gedaald van 1800 tot 1500 per jaar. Tussen dood of leven valt niet te kiezen zoals tussen mayonaise en ketchup. Er zijn te veel andere mensen bij betrokken. Als die zeggen dat de zelfmoordenaar een `eigen keuze' maakte die moet worden gerespecteerd, is dat alleen om zichzelf te troosten.

Piet had het bij het goede eind. De door hem geredde vrouw heeft na zijn dood geen extra reden om de hand aan zichzelf te slaan, integendeel. Ze zou haar best moeten doen om haar crisis te overleven omwille van Piets nagedachtenis.