Prettige dag

Na zijn correspondentschap in Indonesië zoekt Dirk Vlasblom weer aansluiting in Nederland. Zijn vierde verslag, deze keer aan het loket.

In een volle bus voert een meisje een opgewekt gesprek via haar mobiele telefoon. Ze dempt haar stem niet, de medereizigers luisteren ongewild mee en het duurt nogal lang. Een vrouw die een rij verder zit, schiet uit haar slof: ,,Hoor 's wijffie, as je niet zaggies ken prate, kom ik dat dingetje zelf uit je hande hale.'' Het is moeilijk meetbaar waardoor de medereizigers zich ongemakkelijker voelen: door het ellenlange, te luide gebabbel of door de felle, kort aangebonden reactie.

Als ik bij kennissen informeer wat er veranderd is in Nederland, de laatste jaren, hoor ik vaak: `De mensen worden egocentrischer en ruwer'. Het enige voorval in zes weken dat me te binnen schiet, is dat hierboven en dat trof me niet als nieuw. Vijf jaar geleden ik was heel even in Rotterdam werd ik bijna van de sokken gereden door een moeder met kind die haar wandelwagen als een bulldozer door de Koopgoot stuurde en zich niets aantrok van minder haastige wandelaars. Die verruwing is al langer bezig.

Volslagen nieuw is een conventie die op mijn zenuwen begint te werken. Als de serveerster in de stationsrestauratie heeft afgerekend, als de cassière in de supermarkt het wisselgeld uittelt, als de lokettist van de spoorwegen het vervoersbewijs onder het glas doorschuift en - verd... als het niet waar is - als de politieman zijn bekeuring heeft uitgeschreven, zeggen ze allemaal, echt allemaal: ,,Een prettige dag verder.'' Sommigen reppen van een `fijne dag', maar dat komt op hetzelfde neer.

De eerste keer dat ik dit zinnetje opving, dacht ik: een beetje futloze tekst, maar vast aardig bedoeld. De tweede keer meende ik het vaker te hebben gehoord en alle keren daarna bekroop me de prangende vraag: wie heeft dit in godsnaam bedacht? De tekst doet sterk denken aan het Amerikaanse `Have a nice day', een oppervlakkige vorm van hartelijkheid. Soortgelijke teksten heb ik tot vervelens toe gehoord in Singapore. In dit sociale laboratorium van Zuidoost-Azië worden omgangsvormen ontwikkeld op de tekentafel en vervolgens drillenderwijze aangeleerd. Beleefdheid in cellofaanverpakking. Dat serveersters in Londense pubs alle gasten met `love' aanspreken, is ook een gewoonte, maar dat klinkt tenminste niet bedacht.

De herkomst van de Nederlandse newspeak vraagt om nader onderzoek, maar ik heb alvast een hypothese. De `verruwing' is in ambtelijke en directieburelen onderkend als probleem en sociaal-psychologen van de kouwe grond hebben een formule bedacht ter verbetering van de zeden. Personeelsleden van dienstverlenende bedrijven gingen vervolgens verplicht op cursus en binnen de kortste keren was een trend geboren.

Sindsdien word ik na een beltegoed-verslindende stilte `bedankt voor het wachten' en wordt me na een blauwtje bij de bureaucratie alsnog een `prettige dag' gewenst. Een schrale troost.

De eerste drie afleveringen zijn terug te lezen op www.nrc.nl