`Moeders moeten nu wel werken'

Het kabinetsplan om scholen verantwoordelijk te maken voor kinderopvang leidde direct tot verzet. Maar op de Almeerse basisschool De Bommelstein wil men best aan de slag.

In háár tijd, zegt juf Edith Vleugels (50), stopte je als vrouw met werken als je moeder werd. Zelf deed ze dat ook tien jaar. Maar zij kon dat, onderstreept ze, omdat haar man genoeg verdiende voor een heel gezin. Dat gold voor de meeste mannen in die tijd. Maar dat geldt niet voor veel van de 320 gezinnen rond de basisschool in Almere waar zij nu werkt. ,,De meeste gezinnen kunnen niet rondkomen van één gewoon salaris, de meeste moeders móeten dus ook werken.''

Het kabinet heeft gisteren besloten dat er een wetsvoorstel komt om scholen te verplichten kinderen van 's ochtends half acht tot 's avonds half zeven op te vangen. Zodat alle werkende ouders hun kinderen op een veilige plek kunnen laten. Vakbonden en deskundigen wierpen onmiddellijk bezwaren op: leraren zijn al overbelast, scholen zijn geen opvangcentrales en bovendien: wie gaat dat betalen?

Maar op basisschool De Bommelstein (dalton) in Almere hebben ze er in theorie geen bezwaar tegen, zegt directeur Marja Sliedrecht. De samenleving verandert, zegt zij, en de scholen mogen best meegaan. Zij is 57 jaar en heeft altijd gewerkt. Ook toen haar kinderen klein waren. ,,Het is niet alleen een economische kwestie; ik vind dat alle vrouwen zich buitenshuis moeten kunnen ontplooien, net als mannen.'' Een school moet creatief zijn, vindt zij. ,,Toen moeders nog thuis zaten, hadden we genoeg leesouders. Nu niet. Maar we hebben daarvoor in de plaats oudere tutor-leerlingen ingezet die de kleintjes helpen met lezen. En dat is eigenlijk veel leuker.''

Gezinnen rond deze basisschool kunnen niet van één inkomen rondkomen en toch is het geen arme buurt. Hier woont alles door elkaar, zegt Marja Sliedrecht. Lage inkomens, middeninkomens, hoge inkomens. Het leven is voor iedereen duur, zegt juf Edith, te duur voor één gewoon inkomen.

Van de 320 leerlingen op de Bommelstein blijven er dagelijks 100 `over' tussen de middag omdat allebei de ouders werken. Wat niet wil zeggen dat er dan 220 ouders thuis zitten – het ene kind wordt gehaald door een oppas, het andere kind eet mee met de buren. Sliedrecht: ,,In theorie zóu er altijd één ouder thuis kunnen zijn voor de kinderen, ook in deze tijd. Maar dan moet het gezin financieel een stapje terug doen en leven van één inkomen. Dan heb je geen auto en kun je weinig leuks betalen voor de kinderen, laat staan een studie later. En dat willen mensen niet opofferen. Iedereen wil alles, iedereen wil meedoen in de maatschappij, en dat begrijp ik ook wel weer.''

De Bommelstein wil best meewerken aan kinderopvang op school. Mits. ,,Ten eerste moeten we extra ruimte krijgen. Ze kunnen wel om drie uur alle stoelen en tafels uit een lokaal verwijderen maar dan zitten de kinderen in een kil, stoffig klaslokaal. Dat is niks. Zo'n naschoolse ruimte moet gezellig zijn aangekleed zodat kinderen rustig op een bank kunnen hangen, op een kussentje kunnen liggen als ze moe zijn – ontspannen zoals thuis.''

Ten minste even belangrijk, zegt juf Edith, is het personeel dat de kinderen dan opvangt. ,,Als dat er te weinig zijn heb je enorme groepen. Hoe moeten die kinderen dan uitrusten? Vijftien kinderen is al veel te veel.'' Dat gaat geld kosten. ,,Want met ongeschoolde vrijwilligers red je het niet. Die doen hun best maar die worden niet altijd voor vol aangezien door de kinderen, dat blijkt tijdens de overblijf tussen de middag. Dan zetten de kinderen een grote mond op.''

En nog een dwarsstraat: moeten kinderen in de toekomst zowel hun avondeten als ontbijt op school eten? Juf Edith wijst erop dat veel ouders in Almere forenzen zijn, net als in bijvoorbeeld Zoetermeer, Nieuwegein, Hoofddorp en Leidschendam. ,,Die ouders zitten al om zeven uur in de auto. Dus de school moet om kwart voor zeven open.''

Afgezien van de praktische obstakels, de financiële vragen en de economische noodzaak van meer opvang, is er een ontwikkeling die Marja Sliedrecht zorgen baart. Egocentrische ouders. ,,Ik vind het prima dat ouders de zorg voor hun kinderen op gezette tijden uitbesteden aan anderen. Maar dan moeten ze in de tijd dat ze wél thuis zijn echt zorg en liefde aan hun kinderen geven. Moderne ouders willen álles terwijl ze ook plichten hebben tegenover hun kinderen. Vaak hebben ze dan weer een schuldgevoel over hun drukke agenda en kunnen ze daardoor niet kritisch kijken naar hun kind. Lichte kritiek van ons op het gedrag van hun kinderen willen ze niet horen. Terwijl de tijd nemen om kritisch naar je kind te kijken, ook een vorm van liefde geven is.''