Lang leve de gespecificeerde rekening

Zicht op de kosten van de infrastructuur bij ziekenhuisbehandelingen is iets moois. Het soort rekeningen dat patiënten krijgen niet.

Dhr. J. van `De Braeck Consultancy' gaat regelmatig dineren met zakenpartners in het grote Culinair Centrum GastroNova in de binnenstad. Hij kent het assortiment inmiddels aardig. Vandaag is hij er door omstandigheden in z'n eentje en gewoontegetrouw bestelt hij, zelfs zonder de kaart te raadplegen, zijn favoriete maaltijd. Bij het afrekenen verwacht hij het eenvoudige bonnetje met daarop kort en krachtig: 3-gangen menu inclusief huiswijn €35. Maar tot zijn verwondering krijgt hij twee A4-tjes met daarop een zeer gedetailleerd overzicht van de kosten die zijn bezoek aan het restaurant hebben veroorzaakt. Natuurlijk in de eerste plaats de genuttigde soep, vlees, frites, rauwkost en ijssorbet. Maar ook de salariskosten van de ober, koks en chef-kok, schoonmakers, ja zelfs de kosten voor de nachtelijke beveiliging staan vermeld. Allemaal kosten van personen die hij nog nooit aan zijn tafeltje heeft gezien.

Hij wist natuurlijk wel dat er zo'n enorme infrastructuur moest zijn, maar deze opsomming duizelt hem wel een beetje. Nou ja, het zullen wel de nieuwe tijden zijn van maatschappelijke behoefte aan transparantie en verantwoording. Het leek hem voor dat restaurant wel een heel gedoe om zo'n rekening uit te draaien; zo te zien hadden ze daarvoor een speciaal computerprogramma moeten ontwikkelen. Zouden daardoor ook de kosten van de rekening flink hoger zijn dan hij gewend was?

Hij vraagt de ober om uitleg, maar die kan hem ook niet echt verder helpen. De bedrijfsleider moet er aan te pas komen. Die legt uit dat het allemaal begonnen is bij de chef-kok. Die werkt wel in het restaurant, maar is daar niet in dienst en nu heeft de belastingdienst verordonneerd dat zo'n arbeidsrelatie ook in de rekening zichtbaar moet zijn. Wanneer ze dat niet zouden doen, dan zou de chef-kok gewoon als werknemer in loondienst worden beschouwd en dat wilden hij en zijn vakbond niet.

Met enige tegenzin betaalt dhr. J van `De Braeck Consultancy' de rekening. Hij heeft helemaal geen behoefte aan al die details, maar hij maakt er een niet al te groot probleem van, want hij kan bij zijn baas toch alles declareren.

De baas wordt er niet vrolijk van en zegt dat hij wel eens even met dat restaurant contact zal opnemen. Het restaurant belooft de nieuwe menukaart op te sturen. Dat is nu een heel boekwerk geworden waar honderden gerechten in staan met daarbij de prijzen.

Bovenstaande beschrijft ongeveer de huidige manier waarop we een bezoek aan het ziekenhuis moeten betalen. Vroeger vermeldde de simpele medische menukaart niet meer dan de artikelen opname, verpleegdag, 1e polikliniekbezoek en dagbehandeling. Tegenwoordig gaat het om een boekwerk met diagnosebehandelingcombinaties (DBC's) en je kunt je gemakkelijk voorstellen dat dat er een heleboel zijn, want geen patiënt is hetzelfde. Ik heb zelfs wel het aantal van 50.000 verschillende DBC's gehoord. Elke DBC heeft een bepaalde kostenopbouw afhankelijk van wie er bij betrokken zijn en welke manier van stellen van de diagnose en behandelen wordt gekozen. Zo kun je je spataderen laten behandelen door een chirurg of door een huidarts, kan dat in dagbehandeling of met een klinische opname, enz. Dat dergelijke verschillen ook in de kosten zichtbaar zijn is logisch, maar hoe ver moet je bij die opsomming gaan? Het is ook in het ziekenhuis zo dat 80 procent van de kosten veroorzaakt worden door 20 procent van de activiteiten. Beperk je dan gewoon tot het gedetailleerd factureren van die 20 procent en vraag voor de rest een bruikbaar gemiddelde. Het is in de kern een goede zaak dat het aan de gebruikers en de financiers van een ziekenhuis duidelijk is dat er een enorme, infrastructuur schuilgaat achter de diagnostiek en behandeling, maar moet je dat patiënten zo gedetailleerd factureren? Het idee achter de DBC's is prima, maar transparantie en verantwoording zijn hier monstrueus doorgeschoten.

Toen dhr.J. van `De Braeck Consultancy' het hele verhaal 's avonds aan zijn echtgenote vertelde, moesten ze er samen eigenlijk een beetje om lachen. Ach, zei ze, weet je nog dat in 1983 de ziekenhuisbudgettering werd ingevoerd? Eigenlijk heeft het zo'n beetje tot 1992 geduurd voordat het allemaal was uitgekristalliseerd en administratief lekker begon te lopen. Ja, zei dhr. J., en op dat moment begonnen we te denken aan een nieuw financieringssysteem, bijvoorbeeld op basis van DBC's!

Hoogleraar specialistisch geneesmiddelenbeleid, Instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) Erasmus MC Rotterdam