Kabinet verruimt regels arbeidstijden

Het kabinet gaat de wettelijke arbeidstijden verruimen om zo slaapdiensten, bijvoorbeeld bij de brandweer en in de zorg, mogelijk te maken. De maximale arbeidstijd wordt 48 uur per week, en voor werknemers die daarmee instemmen, 60 uur.

Dat heeft het kabinet gisteren besloten. Een wetsvoorstel van deze strekking is naar de Raad van State gestuurd voor een adviesaanvraag. De regels zouden in 2006 moeten ingaan.

De aanpassing werd noodzakelijk na een uitspraak van de Europese rechter twee jaar geleden in de zaak van een Duitse arts. De rechter bepaalde dat zogenoemde slaapdiensten, waarbij werknemers 's nachts op hun werk slapen en oproepbaar zijn, als gewone werktijd meetellen voor de bepaling van de maximum werktijd. Onverkorte toepassing van de uitspraak, die voor de hele EU geldt, zou tot hoge kosten en roosterproblemen leiden, vooral in sectoren met veel slaapdiensten zoals de brandweer en de zorg.

Om de aanpassing te kunnen doorvoeren, moet Nederland gebruik maken van een uitzonderingsclausule in de Europese richtlijn voor arbeidstijden. Die clausule was indertijd speciaal opgenomen voor het Verenigd Koninkrijk, dat zich niet aan de maximale arbeidstijden uit de richtlijn wilde binden.

Aanvankelijk wilde het kabinet wachten met aanpassen van de regels voor arbeidstijden tot de Europese richtlijn was gewijzigd. Door grote meningsverschillen tussen de lidstaten over de mate waarin de EU beperkingen mag opleggen, is wijziging van de richtlijn voorlopig niet aan de orde. Het kabinet wil de uitkomst van de discussie niet langer afwachten, omdat dan te lang onduidelijk is welke regels moeten gelden.

De gekozen oplossing, overschrijding van het maximum van 48 uur per week, wijkt af van wat Nederland in Europa bepleit: dat slaapdiensten een aparte categorie vormen die niet of slechts gedeeltelijk meetellen bij het bepalen van de maximum werktijd.