Games

Met stijgende verbazing las ik het artikel 'Leren per vliegende schotel' (W&O 1 okt.). Michiel van Nieuwstadt constateert dat kinderen gemotiveerd zijn als ze een computerspel spel spelen met een duidelijk omschreven doel. Eigenlijk ben ik geschokt door deze conclusie. Het lijkt alsof Van Nieuwstadt met iets geheel nieuws komt en ook Margreet van den Berg, adviseur van scholen loopt duidelijk achter de feiten aan. Er waren en er zijn genoeg spelletjes en games die ingezet kunnen worden voor het onderwijs. Het is namelijk al lang bekend dat kinderen graag computerspelletjes spelen en als daar iets mee geleerd wordt, spelen zij ze ook graag, ook als dat doel voor hen niet zo duidelijk omschreven is. Daar is ook al onderzoek naar gedaan. Hebben zij nooit gehoord van spelen als `Wie is Oscar Lake?', een detectivespel waarmee een taal geleerd kan worden of de computerspelen van Howie, Richard Scarry, Escape from Planet Arizona of de onderwijsrobot Roamer, om er een paar te noemen? Ik ken er zo bijna honderd. De ontwikkelaars van al deze educatieve spelen waren hun tijd kennelijk ver vooruit. Het probleem met deze educatieve spelen is dat ze commercieel niet haalbaar bleken omdat de scholen en leerkrachten er (nog) niet mee om konden gaan of er geen geld voor over hadden. Het wordt tijd dat degenen die zich met ICT in het onderwijs bezig houden zich beter laten voorlichten door mensen die echt op de hoogte zijn.