`Rekeningrijden beter dan snelweg A6-A9'

Om files tussen Schiphol en Almere te verminderen kan het beste rekeningrijden worden ingevoerd, zo blijkt uit berekeningen van Rijkswaterstaat.

Het is de vraag of rekeningrijden er ooit komt. Struikelblok is het ontbreken van draagvlak onder politici en onder delen van de Nederlandse bevolking.

Maar tegenstanders van de eventuele aanleg van een nieuwe autosnelweg tussen Almere en Schiphol, zijn vóór rekeningrijden. Zij wijzen er op dat het beprijzen van de wegen die er al liggen niet alleen leidt tot minder groei van het autoverkeer op deze route, maar ook tot veel minder files. Zij beschouwen de invoering van een congestieheffing (een heffing die alleen geldt voor bepaalde wegvakken en op drukke tijdstippen) als hét alternatief voor de aanleg van een snelweg die volgens hen een bedreiging vormt voor de leefbaarheid en de ruimtelijke kwaliteit van het gebied tussen Amsterdam, Almere, het Gooi en Abcoude.

Het kabinet neemt volgend jaar een besluit over de beste manier om de vele files op de route tussen Almere en Schiphol op te lossen en de zogenoemde noordvleugel van de Randstad bereikbaar te houden. Zonder verdere weguitbreiding, staat er in de startnotitie van Rijkswaterstaat, ontstaat over enkele jaren ,,zware overbelasting van het wegennet in de corridor, met ernstige filevorming en lange reistijden tot gevolg''.

Er liggen twee varianten waarvan de effecten op dit moment door Rijkswaterstaat worden onderzocht. De eerste variant is de aanleg van een nieuwe snelweg, al dan niet ondertunneld, tussen de knooppunten Muiderberg en Holendrecht. De tweede variant, de zogenoemde stroomlijnvariant, behelst het uitbreiden van bestaande snelwegen zoals de Gaasperdammerweg bij Amsterdam, en het reconstrueren van enkele knooppunten zoals Muiderberg, Diemen en Holendrecht.

Uit een studie van Rijkswaterstaat naar de effecten van deze varianten op het verkeer, een `tussenstand', blijkt nu dat over vijftien jaar de mobiliteit op deze route met ruim 40 procent zal zijn toegenomen als er niet meer wordt gedaan dan het beter benutten van de bestaande wegen. De vertraging zal dan zijn verdubbeld. Iemand die dan bijvoorbeeld in de avondspits van het knooppunt Badhoevedorp naar Diemen gaat, rijdt ongeveer 47 kilometer per uur. Een nieuwe snelweg verhoogt volgens de studie de mobiliteit met zo'n 8 procent, en het fileleed zal ongeveer 15 procent minder groot zijn dan zonder zo'n nieuwe snelweg. In de avondspits van Badhoevedorp naar Diemen rijdt dezelfde automobilist dankzij een nieuwe snelweg gemiddeld 56 kilometer per uur. De `stroomlijnvariant' heeft vergelijkbare effecten.

Omwonenden in de regio waar de nieuwe snelweg is voorzien, wijzen nu op de effecten van de invoering van een congestieheffing op de route tussen Schiphol en Almere.

Uit de berekeningen van Rijkswaterstaat blijkt dat bij invoering van zo'n fileheffing het verkeer over vijftien jaar met 5 tot 10 procent minder zal zijn gegroeid dan met een nieuwe snelweg, en dat het fileleed met 20 tot 40 procent minder zal groeien. Wie na invoering van de congestieheffing in de avondspits van Badhoevedorp naar Diemen rijdt, haalt dan een snelheid van 71 of 77 kilometer per uur, afhankelijk van de hoogte van de heffing.

Alle reden dus om serieus te pleiten voor de invoering van rekeningrijden, stellen woordvoerders van het Platform tegen A6-A9, waarin een groot aantal bewonersverenigingen en milieuclubs is verenigd. De kosten voor invoering van het rekeningrijden kunnen betaald worden, zeggen ze, uit de besparing op de aanleg van nieuwe wegen, in dit geval de verbindingsweg tussen A6 en A9.

Het ministerie van Verkeer en Waterstaat bevestigt de berekeningen. Wel wijst een woordvoerder erop dat er nog een lange weg is te gaan voordat een definitief besluit wordt genomen. Voor dat besluit is ook van belang of er een (spoor)weg door het IJmeer komt, en wat het kabinet zal besluiten over tot welke omvang de stad Almere uiteindelijk zal mogen groeien.

Invoering van een eventuele congestieheffing op de route tussen Schiphol en Almere staat of valt bovendien met de discussie over het rekeningrijden in politiek Den Haag, aldus de woordvoerder van het ministerie.