Duimschroeven en hangmatten

Vroeg opgestaan vandaag. David (10) en ik moeten naar Veenhuizen in Drenthe om ons te laten opsluiten in een cel. Een misdaad plegen was niet eens nodig.

Loodgrijze wolken hangen dreigend boven de akkers. Als we Veenhuizen binnenrijden slaan de eerste harde regendruppels tegen de voorruit. Bij een modderig parkeerveld staat een groot gebouw met tralies voor de ramen. `Gevangenismuseum' vermeldt een bord bij de ingang. Ha, hier moeten we zijn!

Het gebouw was van 1823 tot 1900 een dwanggesticht voor bedelaars, landlopers en wezen. Ze konden hier werken, wonen en de kinderen gingen naar school, hoewel er nog geen leerplicht was. Later diende het als werkplaats voor gevangenen uit de omgeving. Met zeven gevangenissen is Veenhuizen een echt gevangenisoord. Sinds een half jaar is er in het dorp ook een museum.

Voordat David en ik naar binnen gaan, stappen we in een blauwe boevenbus, ook met getraliede ramen. Vroeger werd de bus gebruikt voor gevangenen en bedelaars, nu zitten er tien kinderen in, nagezwaaid door hun ouders die niet mee mogen. ,,Wij zijn ook boeven, maar we gaan niet naar de gevangenis'', legt Stijn (7) zijn broertje Wisse (4) uit. De bus maakt een rondrit langs een aantal gevangenissen met hoge hekken eromheen. In totaal zitten hier zo'n duizend gevangenen, sommigen blijven er een paar maanden, anderen hebben levenslang. Er zijn ook afdelingen met kinderen vanaf twaalf jaar. ,,Daar zitten echte boeven in hoor'', zegt Stijn. ,,Misschien ook wel meisjes'', oppert Wisse. ,,Waar moet je drukken om de bus te laten stoppen?'' grapt een andere jongen. Maar er is geen drukknopje. De bus stopt pas als we het terrein van het Gevangenismuseum oprijden.

In het museum zijn onder meer brandijzers en duimschroeven tentoongesteld. Er hangen zware ijzeren boeien waarmee bezoekers hun enkels en polsen aan de muur kunnen ketenen. In het cachot, een schemerachtig hol, is het verhaal van Jannes te horen. Verderop waan je je in een koepelgevangenis waar bewakers hun ronde doen. We lopen langs de nauwe slaapkooien met hangmatten voor de weeskinderen.

Dan is het toch heus tijd voor de cel. Het cellenblok bevindt zich aan de andere kant van de binnenplaats. Er zijn ouderwetse en nieuwe cellen. De isoleercel is kaal, op een plastic matras en een wc na. Misdadigers moeten hier soms een paar dagen doorbrengen, maximaal 23 uur per etmaal. Eén uur mogen ze `luchten'. In de arrestantencel zijn de muren volgekalkt met namen en scheldwoorden. In de tweepersoonscel is plaats voor een stapelbed, wc, tv, magnetron en koelkast. Maar de hoge kleine tralieraampjes en de zware stalen deur maken duidelijk dat het geen hotelkamer is. Als ik de deur achter ons dichttrek klinken de stemmen op de gang opeens ver weg. David wordt bleek. Wat als we inderdaad opgesloten zitten? Maar de deur blijkt niet op slot te kunnen. Buiten halen we diep adem. Heerlijk frisse lucht!

Het Gevangenismuseum, Oude Gracht 1, Veenhuizen. Inl: 0592-388264, www.gevangenismuseum.nl