Het nieuws van 7 oktober 2005

`Britse diplomaat schreef stukken Shakespeare'

Volgens twee Britse wetenschappers zijn de toneelstukken van William Shakespeare niet door hemzelf geschreven, maar door de rijke Britse grootgrondbezitter en diplomaat Sir Henry Neville (1562-1615).

Het is niet voor het eerst dat een ander dan Shakespeare wordt genoemd als de schrijver van zijn toneelstukken. Al eeuwenlang hebben deskundigen eraan getwijfeld of de nauwelijks geschoolde Shakespeare – de zoon van een eenvoudige handschoenenmaker – wel kon beschikken over de grote eruditie die nodig was om zijn toneelstukken te schrijven. Ook is er zeer weinig bekend over het leven van Shakespeare, tijdens zijn leven werd zelfs geen portret van hem gemaakt. Dit zou wijzen op een mystificatie.

De wetenschappers Brenda James en William Rubinstein denken nu dat spookschrijver Neville Shakespeare als `zetbaas' gebruikte omdat hij als diplomaat niet wilde worden gezien als schrijver van politiek gevoelige en controversiële toneelstukken. In de stukken komen veel van Neville's koninklijke en andere voorouders voor. Een tastbaar stuk bewijsmateriaal is een notitie met details die in het stuk Henry VIII gebruikt zijn. Verder stellen James en Rubinstein dat de stijl en woordkeus in de brieven van Neville treffende overeenkomsten vertonen met die van Shakespeare. Ook noemen zij een al lang bekend document in het handschrift van Neville en met diens naam erop, waarop zeventien pogingen zijn gedaan de handtekening van Shakespeare na te maken.

Euforie rond hybriden zakt in

Op de autotentoonstelling van Frankfort klonk het thema hybride auto's tot in alle uithoeken van het complex door. Elke fabrikant beloofde te gaan werken aan de ontwikkeling van dat aandrijfconcept, waarbij een verbrandingsmotor en elektromotor optimaal samenwerken om het brandstofverbruik te verlagen. Maar hybride techniek maakt auto's wel bijna 10 procent zwaarder en tussen de 4.000 en 6.500 euro duurder. Amerikaanse auto's met grote benzineslurpende V8 motoren kunnen er ongeveer 15 procent zuiniger mee rijden. Maar in Europa komt men na de initiële euforie voor onder andere de Toyota Prius hybride auto zo zoetjes aan op andere gedachten. ,,Diesels leveren een veel grotere bijdrage aan de verlaging van brandstofverbruik en derhalve een beduidend lagere CO2 uitstoot'', zei Jean-Martin Folz, bestuursvoorzitter van PSA Peugeot Citroën, tegen journalisten. Niet alleen zijn concern, dat met een aandeel van 65 procent marktleider is voor alle in Europa verkochte auto's met minder dan 110 gr/km CO2 uitstoot, denkt aan een alternatieve Europese hybride oplossing. Ook Ford, BMW en Mercedes-Benz werken aan zogenaamde `milde' hybriden waarvan de meerprijs slechts 1.000 euro bedraagt, maar die toch een procent of zes zuiniger zijn. Over een jaar of drie mag men de eerste Europese auto's met een dergelijke `milde' hybride technologie voor diesels in de showrooms verwachten. Een start-stop mechanisme in stadsverkeer en terugwinnen van remenergie zijn de kenmerken van milde hybriden.

Folkert de Jong

Toen Folkert de Jong (Alkmaar, 1972) in mei 2001 `doorbrak', werd hij regelmatig vergeleken met Georg Grosz en Otto Dix, want net als deze interbellumschilders specialiseerde beeldhouwer De Jong zich in het groteske en perverse leven. Hij voerde gruwelijk grimlachende militairen op, terroristen met konijnenoren, soldaten die vervaarlijk zwaaien met hun krukken in het grote beeld The Iceman Cometh vonden ze hun plaats. Nu, vier jaar later, heeft De Jong in het Domein in Sittard zijn eerste museale solo-expositie en is de vergelijking met Grosz en Dix nog pregnanter geworden. Zijn beelden zijn nog steeds grotesk, maar vallen na alle gebeurtenissen na september 2001 pijnlijk samen met de tijdgeest. De Jong werkt veel met styrofoam en purschuim, goedkope bouwmaterialen, die een vreemd aantrekkelijke lichtblauwe of vuilgele kleur hebben. Ze geven De Jongs beelden altijd iets ironisch en speels. Dat zie je goed in Life's Illusions (2003) een installatie waarin De Jong een soort styrofoamen Adams Family opvoert. Zijn grote installatie Medusa's First Move: The Council (2005) is nu voor het eerst in Nederland te zien. Zeven absurde figuren zitten om een tafel zitten, op een vlot. De vrouwen zijn heksachtig, de mannen zijn grimassende, maar geamputeerde militairen; hier wordt een complot van Hieronymusch Bosch-achtige proporties gesmeed. Er is in Medusa's First Move zoveel te associëren, te denken en te lachen dat je er niet op uitgekeken raakt. Het zegt heel veel over de tijd waarin we leven: absurditeit, vluchtigheid en angst: een meesterwerk in piepschuim.