Wie ziekte zaait, zal ook ziekte oogsten

De invoering van het nieuwe zorgstelsel met zijn zorgtoeslag of stroppenpot; de rekeningen die niet deugen, omdat ze niet aansluiten bij de nieuwe methode van prijsbepaling (de diagnosebehandelcombinatie): de indruk kan ontstaan dat het in de zorg vooral gaat over geld of met elkaar oorlog voeren. Al enkele jaren was echter te voorzien dat het tot dergelijke uitbarstingen moest komen, meent Armand Höppener.

In de afgelopen decennia is de grens tussen zorg en welzijn steeds verder vervaagd. Heel begrijpelijk, omdat voor het individuele geluk beide onlosmakelijk verbonden zijn. De patiënt wil bij een loket voor beide aspecten geholpen worden, waardoor de grens van welzijn opschuift naar zorg. Het perfide karakter van de wisselwerking is niet onderkend tussen enerzijds een toenemende bewustwording, welvaart en individualisering van burgers en anderzijds een overheid die blijft suggereren dat er een verzekerd stelsel bestaat waarbinnen alles te koop is.

Het gevolg is een toenemende vraag waarbij de eigen verantwoordelijkheid van de burger voor zijn eigen gezondheid langzaam is uitgehold. Het gevolg is dat het systeem overbelast raakt en de meest ernstig zieke mensen zorg tekortkomen. De burger nu geforceerd opvoeden naar eigen verantwoordelijkheid miskent de situatie.

Een omslag in het denken is noodzakelijk, waarbij het bevorderen van gezondheid een centrale plaats krijgt. Het bestrijden van ziekte heeft ertoe geleid dat alles in de zorg is gaan draaien om ziekte. Hier geldt dat wie ziekte zaait ook ziekte zal oogsten.

Dit betreft niet alleen de burger maar ook de professionele wereld. Het gaat er om dat vanuit een epidemiologische invalshoek wordt gekeken naar de zorgbehoefte en vervolgens interventies worden ontwikkeld die burgers zelf meer laten sturen op hun gezondheid. Initiatieven zoals `disease management' bij diabetes en een `step care'-benadering passen hierbij. Essentieel is dat de financiering de ombouw van curatief naar preventief ondersteunt. Als eerste stap is noodzakelijk dat binnen de financieringssystematiek (de diagnosebehandelcombinatie) preventie als een belangrijk onderdeel is opgenomen.

Ook hier hebben twee elementen elkaar versterkt in een verkeerde richting van meer verzakelijking en verkilling. De zo belangrijke vertrouwensband is onder druk komen te staan door een cultuur waarin patiënt en arts gelijkwaardig moesten zijn. Het gevaar is aanwezig dat er een schijnrelatie ontstaat met meer distantie. De meest extreme afstandelijke relatie is die van: U vraagt en wij draaien. Daarnaast heeft de te eenzijdige aandacht voor beheersing geleid tot een grote aandacht voor regelgeving en financiën, waardoor de inhoud niet meer die plaats krijgt die het verdient.

Professionals zijn gefrustreerd geraakt, omdat hun signalen over een falend beleid niet worden gehoord. We zien dan ook een professionele wereld die steeds meer naar binnen is gericht. Langzamerhand is een grote kloof ontstaan tussen inhoud en beleid.

Professionals in de zorg trekken zich terug of luisteren bij voorbaat al naar regels die van buiten komen zonder een eigen morele vertaling. Juridisering en regelgeving worden als feiten geaccepteerd. Professionals zijn meegegaan in het dienen van mammon (de geldgod).

Het omgekeerde is juist nodig. Professionals weten als geen ander waarom zij in de zorg zijn gaan werken, welke idealen hun voor ogen stonden en hoe deze geleidelijk naar de achtergrond verschoven. Juist als zij hier weer aandacht voor vragen, herwinnen zij het vertrouwen van de patiënten. Immers, waarden als mededogen, oprechtheid, trouw, moed, bescheidenheid of het beste van jezelf willen geven worden door patiënten herkend als essentieel voor hun leven en dus ook voor de relatie met hun dokter.

Dokters moeten uit hun inhoudelijke schulp kruipen en de van oudsher belangrijke opvoedkundige taak weer oppakken. De overheid en zorgverzekeraars kunnen hun wantrouwende houding dan ook beter ombuigen naar het aanspreken van zorgaanbieders en professionals op deze essentiële waarden. Dan ontstaat ruimte om oplossingen te vinden voor de huidige problemen

Tot slot is er nog een derde reden die heeft bijgedragen aan de huidige malaise. Het is nog steeds not done om mensen of organisaties aan te spreken op hun verantwoordelijkheid bij het ontstaan van ziekten en kosten in de zorg. We zien bij vetzucht, ondanks overtuigend bewijs van de negatieve gevolgen, dat er geen aanspreekcultuur is ontstaan over wie opdraait voor de kosten anders dan deze af te wentelen op het zorgstelsel.

Bij roken is wel een doorbraak bereikt. Maar wie spreekt een werkgever aan op de ondersteuning van de mentale of lichamelijke fitheid van zijn werknemers?

Waarom is de zorg verantwoordelijk voor de huisvesting van de dakloze, overlast veroorzakende zwervers en niet primair de minister van Volkshuisvesting en de woningbouwcorperaties? Waarom moet de zorg opdraaien voor een falend drugsbeleid, terwijl de verantwoordelijkheid toch bij justitie ligt, die blijft criminaliseren?

Het getuigt van een misplaatst gevoel van solidariteit dat de zorg hiervoor moet opdraaien, terwijl het in werkelijkheid om verwaarlozing gaat. De zorgwereld zal burgers, bedrijven en overheden moeten aanspreken en moeten wijzen op hun medeverantwoordelijk voor hun ziekte bevorderend dan wel ziekte instandhoudend gedrag en de gevolgen daarvan.

Armand Höppener is psychiater en bestuursvoorzitter van Altrecht, een instelling voor geestelijke gezondheidszorg in de provincie Utrecht.