`Naar een hernieuwd evenwicht in onze samenleving'

Toen de belastingen niet langer werden geheven om er treinen mee te laten rijden, post van te bezorgen en ziekenhuizen mee in stand te houden, ontstond er merkwaardig genoeg geen gemor onder de bevolking. Braaf gingen de burgers door met offeren.

Ook toen de opbrengst uit de belastingpot voornamelijk begon weg te vloeien naar het politieke bedrijf, met steeds meer lokale en Europese banen en met een almaar uitdijende entourage van secretarissen, vertalers, assistenten, hulppolitici en chauffeurs, bleef het rustig en knus. De burgers gingen er blijkbaar vanuit dat de politieke kaste meegroeide met hun noden en dat er een tegenprestatie voor het geld werd geleverd.

Je zou verwachten dat de staat zich het risico realiseerde van een bevolking die het uiteindelijk op een muiten zou zetten.

Nee dus.

Nu er steeds meer verhalen aan het licht komen over de misdadige salarissen die functionarissen in de zorgsector en bij de woningbouwcorporaties opstrijken, functionarissen die niets dan wind en onkostennota's produceren, lijkt het begrijpelijk en terecht dat het volk het vertikt nog langer voor zulke idioten op te draaien.

Het blijft stil bij het volk, maar het broeit.

Toen het terrorisme werd uitgevonden, op de dag dat de krakers van het Witte Huis een oorlog nodig hadden, konden de oorlogshitsers rekenen op merkwaardig veel steun uit alle lagen van de bevolking. Terrorisme was het ultieme kwaad.

Ook toen er werkelijk oorlog kwam, en steeds meer politie en op iedere straathoek een slagboom, en steeds meer controle en steeds heviger retoriek, bleef het onder de burgers kalm. Gelaten accepteerde men fouillering en vrijheidbeperking, want de vijanden van de democratie loerden overal.

Je zou verwachten dat de staat zich het feit realiseerde dat je, om de democratie te redden, de democratie niet helemaal moest afschaffen.

Nee dus.

Nu je je dient uit te kleden bij de grens, altijd je legitimatiebewijs bij je moet dragen, onder continu cameratoezicht staat en schuldig bent tot je het tegendeel hebt bewezen, lijkt het begrijpelijk dat het volk het vertikt nog meer reële vrijheid in te leveren in ruil voor gedroomde vrijheid.

Het blijft stil, maar ondergronds smeult het.

We zitten muurvast.

Geen ingreep van de politiek kan redding brengen, geen protest van de bevolking zal baten.

Er zijn, wat de nieuwe klaploperkaste betreft, problemen opgeroepen die niet opgelost kunnen worden. Wet en gewoonterecht staan niet toe dat er zomaar topbanen worden opgeheven of salarissen gedecimeerd.

De remedie blijkt, als het om terrorisme gaat, erger dan de kwaal. Toch hoeft er morgen maar een bom in Den Haag te ontploffen of de sceptici staan met het schaamrood op de kaken.

De strop kan alleen maar nauwer worden. Nieuwe elites, nieuwe knevelarijen. We leven onder een stolp, zonder uitweg, zonder terugkeer. Alles draagt bij tot de sfeer van een naderende catastrofe. Alles draagt bij tot de gedachte dat alleen nog een knal uitkomst kan bieden.