Justitie kan ambtenaren vervolgen

Ambtenaren die zich bij het uitoefenen van hun functie schuldig hebben gemaakt aan strafbare feiten, moeten daar individueel voor kunnen worden vervolgd.

Dat blijkt uit een conceptwetsvoorstel dat minister Donner (Justitie, CDA) gisteren voor advies heeft rondgestuurd. De minister wil een einde maken aan de huidige praktijk dat ambtenaren strafrechtelijke immuniteit genieten, omdat overheidsorganen niet vervolgd kunnen worden. Deze immuniteit voor ambtenaren is het gevolg van een uitspraak van de Hoge Raad uit 1996 in het zogeheten Pikmeer-arrest.

In dat arrest oordeelde de Hoge Raad dat de gemeente Boarnsterhim niet vervolgd kon worden voor het illegaal storten van verontreinigde baggerspecie. Omdat de gemeente niet vervolgd kon worden, gold dat ook voor de ambtenaren die bij die storting betrokken waren, aldus de Hoge Raad.

Die uitspraak leidde er in 2002 toe dat het openbaar ministerie de gemeente Enschede en ambtenaren van het ministerie van Defensie niet kon vervolgen voor laakbare handelingen die mede de vuurwerkramp in 2000 tot gevolg hadden. Twee directeuren van het ontplofte bedrijf S.E. Fireworks werden daar toen wel voor veroordeeld. Sindsdien heeft de Kamer er bij herhaling op aangedrongen om die strafrechtelijke immuniteit op te heffen.

Donner volgt met het wetsvoorstel aanbevelingen van de commissie-Roelvink uit 2002. Die commissie stelde voor om de mogelijkheid van strafrechtelijke aansprakelijkheid van individuele ambtenaren, met name leidinggevenden en ambtenaren in hun rol als opdrachtgever te vergroten.

Ook overheidsinstellingen moeten vervolgd kunnen worden als het gaat om overtreding van zogenaamde ordeningswetgeving (sociaal-economische en administratieve ordening), luidde een andere aanbeveling van Roelvink.

Maar Donner handhaaft voorlopig de strafrechtelijke immuniteit voor overheidsorganen. Hij laat dit afhangen van het debat over dit wetsvoorstel. Donner stelt in het wetsvoorstel voor om niet alleen strafbaar handelen van individuele ambtenaren vervolgbaar te maken, maar ook het handelen van leidinggevenden en opdrachtgevers. ,,Ook bij plegen, medeplegen, uitlokken en medeplichtigheid is vervolgbaarheid het uitgangspunt'', aldus Donner.