Employé Pentagon gaf Israël geheimen

Een hoge functionaris van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft gisteren voor een rechtbank in Alexandria (Virginia) toegegeven geheime informatie te hebben doorgespeeld aan Israël. Israël ontkent de functionaris van het Pentagon, Lawrence A. Franklin, te hebben aangezet tot spionage. Hij zou uit eigener beweging tot de winter van 2003-2004 geheime documenten hebben doorgegeven aan de inmiddels overgeplaatste Israëlische diplomaat Naor Gilon en twee directeuren van AIPAC, de pro-Israëlische lobbyorganisatie in de VS.

Franklin bekende gisteren schuld in ruil voor strafverlichting en behoud van pensioenrechten. Ook zal hij getuigen in de komende processen wegens hoogverraad tegen Steve Rosen en Keith Weissman, de twee inmiddels ontslagen AIPAC-directeuren.

Franklin was in het Pentagon een naaste medewerker van de onderminister van Buitenlandse Zaken, Douglas Feith, en van plaatsvervangend onderminister voor het Midden-Oosten, David Satterfield. Franklin zou via Gilon en de AIPAC-medewerkers informatie over het Amerikaanse beleid in Irak, Iran en Saoedi-Arabië hebben doorgegeven. In de processtukken wordt de aard van deze informatie niet geopenbaard. Het is voor het eerst in het onderzoek van de FBI dat een Israëlische diplomaat direct in verband is gebracht met deze zaak. Franklin zegt te hebben gehandeld uit onvrede over het Amerikaanse beleid in Irak. Hij hoopte dat hooggeplaatste Israëliërs, voorzien van geheime informatie, de Amerikaanse koers zouden kunnen beïnvloeden.

Voorzitter Yuval Steinitz van de commissie voor Defensie en Buitenlandse Zaken van de Knesset zei gisteren dat Israël Franklin niet heeft aangezet tot zijn daden. ,,Wij bespioneren onze beste vrienden niet'', zei Steinitz. Die uitspraak staat lijnrecht tegenover de bekentenis van Franklin die nu een diplomaat met naam en functie heeft genoemd. Eerder ontkenden twee Israëlische ministers dat de diplomaat en de Pentagon-medewerker elkaar ooit hebben ontmoet.

Uit angst dat de affaire AIPAC zou schaden, werden Rosen en Weissman ontslagen. Zij ontkennen niet Franklin te hebben ontmoet, maar zeggen dat deze contacten tot het normale politieke netwerken hoorden. ,,Iedereen praat in Washington DC tijdens de lunch met iedereen. De onderwerpen die we bespraken stonden ook in de kranten'', zei Rosen eerder in Ha'aretz.