Schuiven met lasten en uitgaven

De tegenbegrotingen van de oppositiepartijen worden doorberekend door het Centraal Planbureau en zijn daarom niet onrealistisch.

,,Je kunt elk model een beetje manipuleren door de variabelen die je erin stopt.'' Met deze uitspraak nam minister-president Balkenende twee weken geleden afstand van de alternatieven die de oppositiepartijen hadden ingediend voor de miljoenennota. Balkenendes boodschap was duidelijk: u kunt uw alternatieven laten doorrekenen door het Centraal Planbureau (CPB) en ze kunnen op het eerste gezicht betere economische effecten hebben dan het regeringsbeleid, maar ze rammelen.

De uitval van de premier op de modellen van het CPB was opmerkelijk, omdat de doorrekeningen van het planbureau als een soort economische witwasmachine worden beschouwd in Den Haag.

De alternatieve begrotingen van de oppositiepartijen staan vandaag en morgen centraal tijdens de Algemene financiële beschouwingen, het debat over 's lands financiën voor volgend jaar met minister Zalm (Financiën, VVD) en staatssecretaris Wijn (belastingen, CDA). PvdA, GroenLinks, SP, ChristenUnie en LPF legden hun voorstellen ter doorrekening voor aan het CPB. Aan het begin van elke analyse zet het CPB nog eens uiteen wat een tegenbegroting is. Die ,,bestaat uit een aantal wijzigingsvoorstellen op de plannen van het kabinet.'' Het CPB berekent vervolgens in hoeverre de maatregelen van de opositiepartijen het `basisbeeld' van de regering `aantasten'.

De vijf oppositiepartijen hebben allemaal hun eigen manier om de economie nog wat harder aan te jagen dan het kabinet, nog wat meer banen te creëren en nog wat extra's te doen aan de koopkracht. Allemaal schuiven ze met uitgaven en belastingen. De ChristenUnie bijvoorbeeld bezuinigt 2,25 miljard euro en pompt dat via lastenverlichting (per saldo 1,15 miljard) en extra uitgaven (1,25 miljard) terug in de economie. De lasten op milieu worden verzwaard, onder meer door autorijden zwaarder te belasten. De partij kiest ervoor om de lasten op arbeid met bijna drie miljard te verlagen, onder meer door een aanpassing van de arbeidskorting en de invoering van een belastingkorting voor oudere werknemers. De maatschappelijke voorkeur van de ChristenUnie schemert door de maatregelen heen: de partij bevordert kleine deeltijdbanen, zodat vrouwen kunnen werken maar ook tijd overhouden voor hun gezin.

Bij GroenLinks, SP en PvdA ligt de nadruk op een herverdeling van de lasten. GroenLinks verandert het meest aan de kabinetsplannen: in totaal bezuinigt de partij 9,9 miljard euro, maar stelt daar 11,1 miljard euro aan extra uitgaven tegenover alsmede een lastenverlichting van 2,5 miljard euro. Bezuinigingen op Defensie, zelfstandige bestuursorganen en asfalt worden afgewisseld met extra geld voor onderwijs, openbaar vervoer en kinderbijslag. De lasten voor het bedrijfsleven worden verzwaard ten gunste van gezinnen. Grootste klapper is de verlaging van de inkomstenbelasting in de eerste en tweede belastingschijf met 5 procentpunt. Dat kost 11 miljard euro. Door die lastenverlichting gaan de minima er bij GroenLinks tot 15,5 procent op vooruit en schiet de werkgelegenheid omhoog.

De PvdA volgt eenzelfde pad, maar minder rigoureus. Een paar miljard extra bezuinigen hier, wat extra miljarden voor gezinnen daar. Onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid krijgen er wat bij, defensie, wegen en provincies moeten inleveren. De sociaal-democraten verzwaren de milieubelasting, ten gunste van lagere lasten op arbeid. Belangrijk voorstel van de PvdA is om de nominale zorgpremie (door het kabinet geraamd op 1.106 euro per jaar) te veranderen in een premie van 400 euro voor iedereen en daarboven een inkomensafhankelijke premie. Dat maakt de omslachtige uitkering van de zorgtoeslag overbodig.

Ook de SP richt zich op sociale zekerheid en op een evenwichtiger inkomensverdeling. Met 5,5 miljard euro aan bezuinigingen en 6,8 miljard euro aan extra uitgaven maakt de partij hier geld voor vrij. De SP is verder voor verhoging van het minimumloon, extra geld voor stads- en streekvervoer en een uitbreiding van het huidige ziekenfondspakket in het nieuwe zorgstelsel.

De LPF kiest voor weinig veranderingen. De partij bezuinigt bijna 2 miljard en geeft daarvan 100 miljoen terug. Wel wil de LPF lastenverlichting van 2,3 miljard euro, met als belangrijkste punt teruggave van het `kwartje van Kok'. Vanochtend overhandigde Kamerlid Van As (LPF) aan Zalm symbolisch een vat met 20.000 handtekeningen.

Met hun kennis van de CPB-modellen kunnen de financiële woordvoerders aardig uitkomen op de gewenste percentages. Balkenende had een beetje gelijk met zijn opmerking over het manipuleren van de modellen: als je weet hoe het werkt, komt eruit wat je erin stopt. Maar dat geldt evenzeer voor de plannen van het kabinet.