In Frankrijk is nee-zeggen tijdrovende bezigheid

Alles wat verandering betekent, lijkt in Frankrijk op verzet te stuiten. Niet alleen bij de bevolking, maar soms zelfs bij de regering. Gisteren was het weer eens nationale actiedag.

,,Respecteer ons nee!'' staat op het houten bord van Marie-Therèse Peneau (70) uit Massy. Met hetzelfde bord liep ze ook al door de straten van Parijs na het referendum in mei, want Peneau behoorde toen tot de socialistische nee-stemmers tegen de Europese Grondwet. Vandaag kan dezelfde leus weer moeiteloos mee in de actiedag tegen de regering van premier Dominique de Villepin en tegen het koopkrachtverlies.

Nee-zeggen is een tijdrovende bezigheid geworden in Frankrijk. Het referendum van mei niet meegerekend, was het gisteren alweer de vierde actiedag dit jaar. Op het menu dit keer als officieel hoofdgerecht: nee tegen soepeler ontslagrecht voor kleine ondernemingen.

Maar lang niet alle demonstranten – uit het onderwijs, overheidsbedrijven als EDF, bedrijven als Renault en British Airways – hebben daar zelf direct mee te maken. Het gaat dan ook om een ,,amalgaam van onvrede'', zegt Marie-Therèse Peneau. En een waarschuwing voor ,,de politici van links en rechts die lak hebben aan wat de mensen denken''. Want, waarschuwt zij, Frankrijk stevent af op de ,,sociale catastrofe'' als de onvrede van de mensen niet gehoord wordt.

In totaal waren gisteren volgens de vakbonden ruim een miljoen mensen op de been in 150 steden. De politie hield het op 450.000. In maart waren ze al eens met een miljoen, in januari en februari waren er kleinere demonstraties. De onvrede is veelomvattend. Nee tegen hervormingen in het onderwijs, nee tegen privatiseringen, nee tegen het liberale Europa, nee tegen toetreding van Turkije tot de EU.

Bij vlagen neemt het verzet een verbeten karakter aan. Na verschillende dreigementen de afgelopen jaren van stakende werknemers om desnoods het eigen bedrijf op te blazen, bleken vorige week Corsicaanse nationalisten en communistische havenarbeiders in Marseille elkaar te vinden in de strijd tegen de privatisering van de verlieslijdende veerbootmaatschappij SNCM. Resultaat: havens dicht, een veerboot een dag gekaapt.

Eigenlijk alles wat verandering betekent, lijkt in Frankrijk op verzet te stuiten en soms strekt dat verzet zich uit tot de regering. President Chirac mag Turkije anders dan veel van zijn partij- en landgenoten dan wel graag bij de EU hebben, gisteren voer hij op een ander front met hernieuwde scherpte uit tegen de Europese Commissie.

Chirac vindt het ,,abnormaal'' dat Brussel zich niet drukker maakt om de reorganisatieplannen van het Amerikaanse elektronicabedrijf Hewlett Packard, dat in de Europese Unie 6.000 en in Frankrijk 1.240 banen wil schrappen. Maar waarom eigenlijk? Waarom lijken Fransen toch zo chronisch ontevreden met de wereld?

Minister van Werkgelegenheid Gérard Larcher oppert een dag voor de stakingen tijdens een ontbijt met een paar journalisten een eenvoudige verklaring voor de actieve opstelling van de regering: ,,Wij weigeren nu eenmaal fatalistisch te zijn.''

Meer dan andere landen? ,,Nou ja, de Britse premier Blair staat niet bekend als een interventionist, maar die trad toch ook op toen Rover ten onder ging?'' En dan was er ook nog ,,de emotie bij de premier'' omdat HP in Frankrijk relatief meer mensen wil ontslaan dan elders.

Volgens Larcher is Frankrijk helemaal ,,geen ongastvrij land'' voor buitenlandse bedrijven, omdat alles muurvast zou zitten. ,,Wij richten heus niet een Bastille op tegen elke verandering.''

Maar als je in Frankrijk iets wilt veranderen, moet je wel voorzichtig te werk gaan, gezien de ,,zware sociale stemming''. Niet voor niets laten de leden van de regering-Villepin steeds horen dat ze ,,luisteren'' naar de onvrede en dialoog wensen.

,,Zo'n bedrijf als Hewlett Packard heeft gekozen voor de shock: ze hebben de ontslagen aangekondigd zonder tevoren contact op te nemen'', aldus minister Larcher. ,,Dan krijg je conflicten. Je moet het voorbereiden, laten zien wat je in strategisch opzicht terug wilt geven. Zeker een bedrijf als Hewlett Packard, dat veel vertrouwen van Frankrijk kreeg.'' Larcher verwijst naar de betrokkenheid van HP bij de simulatie van kernproeven.

Volgens Claude Dargent, socioloog aan de Parijse topschool Sciences-Po, heeft Frankrijk nog altijd last van een licht superioriteitsgevoel. ,,We houden graag vast aan de gedachte dat Frankrijk sinds de Revolutie veel aan de wereld gegeven heeft – en het daarom verdient wat terug te krijgen zonder steeds te moeten aanpassen.'' Bovendien is volgens Dargent de illusie dat Frankrijk zich af kan sluiten van onaangename ontwikkelingen in de wereld, in elk geval bij kiezers, niet verdwenen. ,,Frankrijk is langer dan andere Europese landen een gesloten land geweest, en politieke reflexen veranderen nu eenmaal maar langzaam – ook al staat Frankrijk al lang niet meer op eigen benen.'' Maar de belangrijkste reden voor de doorwoekerende onvrede is het onvermogen om de massawerkloosheid op te lossen. ,,Bij elke hervorming wordt het alleen maar slechter, dat is de les die Fransen trekken'', zegt Dargent.

Politici kunnen daarom altijd rekenen op wantrouwen en protest, ook als ze een middenweg kiezen. Dat bleek volgens Dargent bij de socialistische premier Jospin, die tot 2002 de stemming in het land ,,eigenlijk goed samenvatte'' met het credo `ja tegen de markteconomie, nee tegen de marktsamenleving'. Toch werd hij in 2002 door de kiezer weggestemd.

De betogingen van gisteren waren de vuurdoop voor Dominique de Villepin, die na zijn aantreden vier maanden geleden meteen de vakbonden op Matignon ontving, een unicum in Frankrijk. Hij toonde gisteren opnieuw begrip voor de onvrede, maar hield vast aan zijn hervormingspolitiek. De vakbonden eisen ,,binnen een paar dagen'' tegemoetkomingen. Villepins luisterbereidheid leidde gisteren tot een populaire leus in de straten van Parijs (rijmend in het Frans): ,,Villepin, hoor je het? De werknemers staan op straat.''

De verklaringen van de minister en de socioloog vinden weerklank op straat. De Portugese Aurore (59), sinds kort werkloos medisch onderzoeker, woonde jaren in België voordat ze naar Frankrijk kwam. Haar nieuwe land vond ze ,,erg gesloten''. ,,Fransen willen hun goede leven erg graag onder elkaar regelen.'' Maar dat betekent niet dat zij vindt dat Frankrijk de voorbeelden van anderen moet volgen. Zo kan het wel zijn dat een soepeler ontslagrecht elders tot meer werkgelegenheid leidt, zegt Aurora, ,,maar vooral voor jongeren is het een ramp dat steeds meer beschermde rechten wegvallen''.

Ingenieur Jean-Christophe Villé (37), geen vakbondslid, vindt dat Frankrijk zich moet aanpassen aan de wereld en concurrerend moet zijn. ,,Ik ben zelf een klant van de mondialisering'', zegt Villé. ,,Want ik koop ook liever een `made in China' als dat goedkoper is.'' Toch debuteert Villé vandaag als staker. Hij werkt namelijk bij Hewlett Packard in de Parijse voorstad Les Ulys. Op zijn houten bord staat: ,,HP. Honneur Perdu'' – Verloren Eer. ,,We verdienen veel geld voor het bedrijf. Dat er nu ontslagen vallen, voelt als een sanctie op ons goede werk. We hebben beter verdiend.'' En eigenlijk, voegt hij er na enig nadenken aan toe, is dat niet zijn enige grief. Een liberale wereld is best goed, maar niet als er wordt ,,ontslagen voor de aandeelhouders''. En ook niet als publieke voorzieningen als de elektriciteit, de veerdiensten of de autowegen, worden geprivatiseerd. ,,Daartegen zeg ik ook nee. Wij zeggen allemaal nee!''

hoofdartikel: pagina 7

Rectificatie

In het overzicht Frankrijk in Europa (woensdag 5 oktober, pagina 5) worden cijfers gegeven van de staatsschuld als percentage van het bruto binnenlands product. Dit is onjuist. Deze cijfers geven het financieringstekort weer als percentage van het bbp over 2004.