Vuurtje?

Onlangs liep ik door de straten van Havana. Met enige regelmaat kwam er een roker op me af die om een vuurtje vroeg. Omdat ik niet rook, moest ik ze keer op keer teleurstellen.

Ik ging op de rokers letten en het viel me op dat ze elkaar van vuur voorzien op de manier die wij op school omschreven als `jouw hete tegen mijn koude drukken'.

In Castro's arbeidersparadijs is een sigaret wel te bemachtigen maar zijn lucifers, zoals bijna alles, schaars. Waarschijnlijk is er elke dag één roker die 's ochtends met één lucifer zijn huis verlaat. De rest van rokend Havana is zo – socialistisch, toch? – voorzien.

Bijdragen van lezers zijn welkom via www.nrc.nl/ik