Van Aartsen moet leren besturen

De kilometerheffing is het product van een innovatieve manier van besturen. Maar als de politiek zich nu onbetrouwbaar toont, zijn we terug bij af, menen Maarten Hajer en Maarten Poorter.

Als we een politicus zien wankelen, is het verleidelijk om alle aandacht te richten op de choreografie van de val. Maar de fixatie op het onhandige optreden van VVD-aanvoerder Van Aartsen inzake de kilometerheffing leidt af van het cruciale besluit waar de Tweede Kamer voor staat en doet bovendien geen recht aan de bestuurlijk vernieuwende aanpak van het fileprobleem.

De kilometerheffing is voorgesteld door het Platform Anders Betalen voor Mobiliteit. Dit platform, onder leiding van voormalig ANWB-directeur Paul Nouwen, bestond uit bestuurders van verschillende overheden, FNV en VNO-NCW, en van organisaties als de ANWB en Natuur & Milieu.

Minister Peijs bood deze maatschappelijke actoren een op het gebied van verkeer en vervoer nog nooit vertoonde macht om het beleid naar hun hand te zetten. De minister zegde het Platform toe het advies letterlijk over te nemen in de Nota Mobiliteit op voorwaarde dat de leden er samen uit zouden komen. Het Platform werd in oktober 2004 ingesteld met de nadrukkelijke instemming van de Kamer. In het voorjaar van 2005 nam de Kamer een motie aan van de leden Hofstra (VVD) en Dijksma (PvdA), waarin minister Peijs nogmaals verzocht werd ,,het platform te verzoeken een nader voorstel te doen ten aanzien van de technische maatregelen die noodzakelijk zijn om te kunnen beginnen met de kilometerheffing''.

Het advies kwam er niet zomaar. Na een turbulent overlegproces werd een breed akkoord bereikt, waarin alle deelnemers zich op hoofdlijnen uitspraken voor de beprijzing van het weggebruik naar tijd, plaats en milieukenmerken van het voertuig. De vaste autobelastingen zouden in dit plan worden afgeschaft en de kilometerbeprijzing zou mogelijk zijn vanaf 2012. In de aanloop moest snel worden begonnen met een knelpuntenheffing op de beruchtste filelocaties in de Randstad.

De steun van Hofstra voor de invoering van de kilometerheffing is opvallend te noemen. Hofstra werd eind jaren '90 als Kamerlid vooral bekend als kwelgeest van de tolpoortjes en kilometerheffing van Netelenbos. Samen met onder andere De Telegraaf en de ANWB wist Hofstra vanuit de Kamer de initiatieven van `Tineke Tolpoort' Netelenbos te blokkeren. Dat Hofstra nu juist de grootste voorvechter is geworden voor het nieuwe filebeleid, komt voort uit zijn eerdere steun aan het brede maatschappelijke Platform. De VVD had immers beloofd een eenduidig advies van het platform te steunen.

De opstelling van Hofstra is consequent, maar dat geldt niet voor Van Aartsen en evenmin voor minister Peijs. Van Aartsen komt terug op een motie die eerder door zijn partij is ingediend. En minister Peijs heeft, ondanks haar toezeggingen, het advies niet volledig overgenomen in de Nota Mobiliteit, hoegenaamd vanwege te hoge invoeringskosten.

Terwijl Van Aartsen en Hofstra zich opmaken voor hun gladiatorengevecht, speelt zich ook een interessante krachtmeting af in de coulissen van de politieke bühne. In Nederland functioneren vele platforms en netwerken waarin overheden en maatschappelijke partners samenwerken om tot breed gedragen beleid te komen. Deze bestuurlijke netwerken onttrekken zich stelselmatig aan de openbaarheid en zijn dan ook niet zelden een probleem voor de democratische legitimiteit.

Het mobiliteitsplatform vormde hierop nu net een opmerkelijke uitzondering: functioneerde wel in de volle schijnwerpers van de politiek en wist zich gelegitimeerd door Kamerbreed gesteunde moties. Dat is de bestuurskundige betekenis van het incident tussen Van Aartsen en Hofstra.

De kilometerheffing is het product van een innovatieve manier van besturen die het mogelijk heeft gemaakt een belangrijke stap te zetten. In de wetenschappelijke discussie worden grote voordelen toegedicht aan dit moderne `netwerkbestuur', maar het veronderstelt wel een zekere mate van vertrouwen. Bovendien moeten duidelijke afspraken worden gemaakt over politieke spelregels. Die waren hier nu net in orde. Als de politiek zich nu onbetrouwbaar toont, zijn we terug bij af: de Haagse politiek moet het dan weer helemaal zelf doen, de hiërarchie is terug en dan zal het mobiliteitsdossier opnieuw te complex blijken. Hierbij moet niet worden vergeten dat het akkoord gevoelig lag: sommige deelnemers hadden er het liefst geen ruchtbaarheid aan gegeven. De invoering van de kilometerheffing – een oplossing zonder tegenstanders – geeft vertrouwen dat de politiek in staat is voortgang te boeken.

De Nederlandse politieke cultuur maakt het moeilijk systeemveranderingen door te voeren. We smokkelen ze dan ook het liefst het systeem binnen, aldus bestuurskundige Paul 't Hart. Juist die gefaseerde invoering van een systeem van kilometerbeprijzing via een knelpuntenheffing is hiervan een goed voorbeeld. Het plan van het Platform leidt naar verwachting tot minder files. Omdat de automobilist gaat betalen naar tijd en plaats, is het aannemelijk dat de auto vaker buiten de spits wordt gebruikt. Daarnaast draagt het plan bij aan minder uitstoot en dus aan een schoner milieu, omdat het gebruik van vuilere auto's meer gaat kosten.

Natuurlijk spreekt het plan voor invoering van de kilometerheffing in 2012 tegelijkertijd niet echt van grote daadkracht. Er blijven bovendien nog tal van politieke keuzen over. De crux zit veeleer in de gefaseerd invoering, waarbij snel op knelpunten tot uitvoering wordt overgegaan. Dit geeft dan ook de kans om systeemfouten op te sporen en zal uiteindelijk tot de invoering van een veel beter uitgewerkt systeem leiden in 2012.

Ook dat kan bestuurlijk alleen maar slim worden genoemd. Bovendien is het platform van Nouwen eindelijk een voorbeeld van de bestuurlijke vernieuwing waarover zoveel gesproken wordt. De samenleving heeft overeenstemming bereikt, nu de Kamer nog. Bij de invoering van de kilometerheffing gaat het daarom om veel meer dan om de ego's van de betrokken politici alleen.

Maarten Hajer en Maarten Poorter zijn verbonden aan de Afdeling Politicologie van de UvA en deden afgelopen jaar onderzoek naar de kilometerheffing.