Europees schimmenspel

Angst regeert de politiek in veel lidstaten van de Europese Unie. Het is het gebrek aan politieke moed geweest dat de onderhandelingen over de toetreding van Turkije tot de EU ook gisteren weer tot een smakeloze vertoning maakte. Politici in Europa hebben weliswaar te maken met een achterban die zich roert, die Brussel kritischer bejegent en niet iedere uitbreiding als een zegen ziet, maar dat zijn nu juist kerntaken van de politiek: het electoraat serieus nemen, beslissingen nader verklaren en als het moet koelbloedige besluitvorming afdwingen.

Een trefzekere orkestratie daarbij is onontbeerlijk. Bij de gesprekken over de mogelijke toetreding van Turkije was hiervan geen sprake. De procedure werd jaren geleden zonder nadere uitleg door Brussel op de rails gezet. Politiek debat over hoe gewenst Turkije als EU-lid is, werd gesmoord. Pas in het allerlaatste stadium roerden de kiezers zich. En terecht. Ze wezen in Frankrijk en Nederland de EU-grondwet af. In hun stem klonk ook bezorgdheid over de Turkse toetreding door. De uitkomst overviel de politiek. De reacties waren voorspelbaar: in een te laat stadium op de rem trappen, stampei maken met een knipoog naar de achterban en volgens Europese gewoonte de ene deal met een andere proberen te vereffenen. Het is deze praktijk van voldongen feiten scheppen, hier vervolgens hijgend achteraan hollen en dit proces met handjeklap bezweren waardoor de EU in een kwade reuk is komen te staan.

De afgelopen dagen was het Oostenrijk dat de Turkse toetredingsgesprekken te laat probeerde tegen te houden. De bezwaren van de Oostenrijkse kiezers tegen Turkije wegen zwaar – en zij zijn bepaald niet de enigen die bedenkingen hebben – maar dat hadden de Oostenrijkse politici zich eerder moeten realiseren. Het zou een zeldzaam staaltje van innerlijke tegenspraak zijn geweest als de EU op de valreep en onder dreiging van een Oostenrijks veto had besloten Turkije geen lidmaatschap in het vooruitzicht te stellen maar slechts een speciaal partnerschap. De Turken wezen dat laatste met recht af als onaanvaardbaar. Afspraak is afspraak. Ook volgens de uitkomst van het spoedoverleg gisteren is de gezamenlijke Europees-Turkse doelstelling van de onderhandelingen: toetreding van Turkije. Die onderhandelingen zijn overigens een open proces waarvan de uitkomst niet vooraf kan worden gegarandeerd.

Inmiddels gaapt een kloof zo breed als de Bosporus tussen de politieke vanzelfsprekendheid van de toetredingsgesprekken en de twijfels van het Europese electoraat. Er valt van EU- en van Turkse kant nog heel wat missiewerk te verrichten om de burgers duidelijk te maken dat ook deze mogelijke uitbreiding uiteindelijk past in de beschavingsidealen van de Europese grondleggers: vrede, veiligheid en welvaart.

In het kielzog van het koortsachtig overleg over Turkije, mogelijk zelfs als wisselgeld daarvoor, werd gisteren besloten dat ook de toetredingsgesprekken met Kroatië kunnen beginnen. Oostenrijk is de grote pleitbezorger van Kroatië in de Unie. De link is snel gelegd: Wenen voert de druk inzake Turkije op om uiteindelijk een gunstige beslissing over het Balkan-land te forceren. Zo wordt een schimmenspel opgevoerd, waarin zaken niet gaan waarover ze zouden moeten gaan en waarmee de Europese politiek zich in toenemende mate vervreemdt van een electoraat dat Europa op zijn beurt steeds vaker de rug toekeert.