Uitleenwoorden

Aan het begin van dit jaar was ik een paar weken in Indonesië. Je weet dat je daar Nederlandse woorden gaat tegenkomen, maar toch vond ik het een vreemde ervaring. Tientallen malen heb ik op uithangborden advokat, dokter of notaris zien staan. En knalpot. Een en ander geeft ook te denken. Kende de inheemse bevolking, voordat de Nederlanders er de baas werden, functionarissen die ongeveer hetzelfde werk deden als `onze' advocaat en notaris? Of waren het voor de Indonesiërs vreemde woorden voor onbekende beroepen? En zo ja, in welke periode hebben zij zich deze vakken met de bijbehorende functienamen dan eigengemaakt?

Al die uithangborden met knalpot zijn eveneens intrigerend. Je ziet ze vaak langs de kant van autowegen en aan de rand van de stad, doorgaans bij kleine, eenvoudige garages. In het Nederlands wordt knalpot gebruikt voor `knaldemper', een onderdeel van de uitlaat dat het geplof van de uitlaatgassen dempt. Volgens mijn woordenboek Bahasa-Nederlands betekent knalpot in het Indonesisch `uitlaat'. Oud kan dit woord niet zijn. Het moet aan het begin van de 20ste eeuw zijn meegelift met de eerste geïmporteerde auto's – vast bestemd voor onder anderen notarissen en advocaten.

Zijn er meer Nederlandse woorden voor auto-onderdelen in het Bahasa terechtgekomen, of staat de knalpot op zich? Ik heb geen idee en ik heb ook geen poging gedaan om het uit te zoeken, want over een paar jaar krijgen wij dit te horen van de Utrechtse taalkundige Nicoline van der Sijs. Ik noemde het vorige week al even: Van der Sijs is begonnen met een ambitieus project waarin zij alle woorden en uitdrukkingen die het Nederlands aan andere talen heeft uitgeleend, systematisch in kaart zal brengen. Mooi is dat zij daarbij ruim aandacht zal schenken aan de cultuurhistorische achtergrond van het uitlenen: aan de contacten die tussen het Nederlands en andere talen bestaan of hebben bestaan, en aan de redenen waarom bepaalde woorden zijn uitgeleend.

Hoe heeft het bijvoorbeeld kunnen gebeuren dat het Singalees, de taal van Sri Lanka, het Nederlandse molen kent in de vorm móla? En waarom en sinds wanneer noemen de Denen een schaats naar het Nederlands een skøjte? Schaatsen lijkt mij toch geen Nederlandse uitvinding.

En weet u waarom zowel het Frans als het Engels het woord witloof kent? Omdat de `uitvinding' van de groente witlof, in het Belgisch-Nederlands witloof, in de achttiende eeuw in Brussel heeft plaatsgevonden: toevallig ontdekte men daar, aldus Van der Sijs, dat cichoreiwortels die lang in een donkere schuur hadden gelegen, scheuten wit loof kregen die heel smakelijk zijn. Ik bedoel maar: volgens sommige mensen is Nederland een kikkerlandje met bijbehorende kikkertaal, maar wij hebben er toch maar voor gezorgd dat wereldwijd mensen bekend zijn met witloof. En het Nederlandse woonerf is, hoe wij er ook over mogen denken, onder die naam bekend in onder meer het Engels, Duits, Frans, Grieks, Hongaars, Italiaans, Japans, Pools, Spaans, Turks en Zweeds.

Aardig is ook dat u aan dit omvangrijke project kunt meewerken. Op www.onzetaal.nl heeft Van der Sijs een vragenlijst gezet met zeven vragen. ,,Misschien'', schrijft zij, ,,heeft u tijdens uw vakantie, werk in het buitenland, bij geëmigreerde familieleden, in buitenlandse media, fictie of non-fictie een of meer Nederlandse woorden opgevangen. Of kent u als wetenschapper Nederlandse vondsten waarvan de namen door uw buitenlandse collega's zijn overgenomen.''

Als dit zo is, vul dan die lijst in. Uiteindelijk komen we daardoor te weten welke talen de meeste Nederlandse woorden hebben overgenomen, in welke periode dit gebeurde en om wat voor soort woorden het gaat. Die knalpot zit er zeker bij.

Reacties naar de Achterpagina of naar sanders@nrc.nl