`Toezichthouders inperken'

De territoriumdrift van toezichthouders moet ingeperkt worden. Hun expansie moet een halt worden toegeroepen en hun activiteiten moeten zelf het onderwerp worden van toezicht.

Dit zal de CDA-fractie deze week naar voren brengen in de algemene financiële beschouwingen met minister Zalm (Financiën, VVD) in de Tweede Kamer. Het Kamerlid Frans de Nerée tot Babberich (CDA) vergelijkt de toezichthouders met zelfrijzend bakmeel: ze rijzen de pan uit.

Grote toezichthouders zoals de Autoriteit Financiële Markten (AFM), Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), Opta (telecom), DTE (energie) en De Nederlandsche Bank hebben hun budgetten en personeelsbestanden de afgelopen jaren explosief zien toenemen. Zo is de begroting van de AFM tussen 2000 en 2005 van 17,8 naar 69,7 miljoen euro gestegen en die van de NMA van 9,8 naar 37,6 miljoen euro. Het aantal werknemers van alle toezichthouders bedroeg in 2004 2.800 mensen, ruim twee keer zoveel als het aantal ambtenaren van het ministerie van Financiën.

Het kabinet wil centrale regelgeving en bureaucratie terugdringen, maar deze komt via de achterdeur van de toezichthouders terug, vindt het CDA. ,,Het is net een horror film,'' zegt De Nerée, ,,iedere keer als er een arm wordt afgehakt, komen er drie voor terug.''

De CDA-woordvoerder verwacht brede steun in de Kamer voor zijn voorstel om de Rekenkamer opdracht te geven de toezichthouders jaarlijks door te lichten. Verder zou het kabinet jaarlijks een overzicht moeten geven van de kosten en het personeelsbestand van de toezichthouders, van de kosten die ze doorberekenen aan hun klanten en van de boetes die ze uitdelen. Toezichthouders stellen regels op, voeren regels uit en leggen boetes op, waarbij ze soms de boetes zelf mogen houden.