Verruil dikke voor slanke auto (gerectificeerd)

Auto's vertonen steeds vaker een opmerkelijke overeenkomst met obesitas. Nieuwe auto's worden steeds groter, breder en zwaarder dan hun voorgangers. De huidige VW Polo is bijvoorbeeld groter dan de eerste Golf en de gemiddelde Sedan is nu al even breed als een mens lang is (1 meter 80). Waarom? Daar is een simpele verklaring voor. Het heeft te maken met marketing en sales. Wat namelijk niet zoveel mensen beseffen, is dat productiekosten vooral zitten in de factor arbeid. De fabrikant die voor een luttel bedrag met wat meer staal een auto groter maakt, kan een substantieel hogere prijs vragen. En dat werkt blijkbaar.

Er verschijnen immers steeds meer grote auto's en Sport Utility Vehicle's (SUV) op de Nederlandse wegen. Vreemd, want het gemiddelde huishouden wordt juist steeds kleiner. Een groot nadeel van al die zwaardere auto's is dat alle brandstof-efficiency teniet wordt gedaan. In deze voertuigen worden zwaardere motoren gebruikt `waar weer meer in moet'. Daarom is het hoog tijd een voertuig op de markt te brengen dat zich `slank voortbeweegt'. Vergelijk het met een snelkassa: `minder mee, dan sneller door'. Of andersom met een vliegtuig: mensen met obesitas passen niet in een goedkope economy seat.

Het plan voor de kilometerheffing van de commissie-Nouwen gaat, zoals het er naar uitziet, veel geld kosten. Maar er zijn meer bezwaren. Juist als mensen er voor hun werk op uit moeten, zullen zij de gevolgen van dit plan het meest in de portemonnee voelen. Het plan legt namelijk de nadruk op het gebruik van de auto, maar de ruimteclaim die de auto met zich meebrengt is evengoed een probleem. De kans is groot dat, met de afschaffing van de Belasting Personenauto's en Motorrijwielen (BPM) en de motorrijtuigenbelasting het autobezit alleen maar zal toenemen.

Toch is hier een redelijk eenvoudige oplossing voor te bedenken: de Space Efficient Vehicle (SEV). In plaats van dat we gaan rondrijden in meer en steeds grotere auto's, zoals de SUV, moeten we ervoor kiezen om het vervoersmiddel af te stemmen op de vervoersbehoefte.

De SEV, die ongeveer 1,40 meter breed is en 3,70 meter lang, biedt, mits in voldoende aantallen in gebruik, de mogelijkheid om het bestaande wegennet veel beter te benutten. Dat kan door de rijbanen te versmallen, wat al eerder losjes is voorgesteld door minister Peijs. Maar het kan ook door het zogenoemde dual lane use. Hierbij maken twee van deze smallere voertuigen, net als motorfietsen, gebruik van één rijbaan (3,50 meter breed bij snelwegen). Op dit moment zijn diverse autofabrikanten al bezig met de ontwikkeling van smalle voertuigen. Maar de industrie maakt geen haast, aangezien zij produceert om winst te maken en niet zomaar bereid is om miljarden te investeren in de (om)bouw van productielijnen zolang er geen vooruitzicht is dat deze smalle voertuigen ook zullen worden verkocht.

Maar er is hoop. De omstandigheden veranderen namelijk in rap tempo. De prijzen aan de pomp zijn het laatste jaar scherp gestegen en veel overheden nemen maatregelen om het toenemende autoverkeer te reguleren. Zo biedt de SEV een oplossing voor zowel overheid als consument. Ten eerste kunnen deze slankere, lichter gemotoriseerde voertuigen de uitstoot van uitlaatgassen verminderen en de doorstroming verbeteren. Daarbij is, vanwege het lage voertuiggewicht, het brandstofgebruik en de motorrijtuigenbelasting veel lager. Ten tweede kan er bespaard worden op het bijbouwen van wegen. Ten slotte is er, milieutechnisch gezien, veel minder restproduct als de SEV naar de sloop gaat. Zo worden er geen batterijen gebruikt zoals bij hybride aandrijving. En als we dit voertuig in Nederland maken, kan dit een enorme impuls geven aan de werkgelegenheid, de export en de innovatie. De overheid kan de verkoop van SEV's aantrekkelijk maken. Nederland, dat al speciale regelingen kent zoals voor de bevordering van de hybride auto, kan hierin zelfs het voortouw nemen.

En bedenk eens hoe het er in de toekomst uit zou kunnen zien. Wie in een SEV rijdt, zou, in geval van files, op de pechstrook verder mogen rijden. Vanwege de verkeersveiligheid zou de passeersnelheid dan wel beperkt moeten blijven tot 20 kilometer per uur. Dit heeft uiteindelijk twee voordelen: de `slanke automobilist' is dan sneller ter plaatse en de niet SEV-gebruiker profiteert uiteindelijk mee omdat de algehele doorstroming erop vooruitgaat.

De SEV zal voldoen in zeker 90 procent van de vervoersbehoefte. Singles (Nederland kent er ruim 3 miljoen, Amsterdam bestaat er voor meer dan 50 procent uit), stellen, en éénkindgezinnen zullen er genoeg aan hebben. Huishoudens die over een auto plus een SEV beschikken, zullen de laatstgenoemde vaker gebruiken. Alleen al wegens het lage verbruik. Je kunt je zelfs voorstellen dat organisaties in hun lease-beleid de voorkeur zullen gaan geven aan SEV's. Minder verlies aan arbeidsuren, minder smoesjes.

Belangrijk is dat op de fundamentele behoefte om individueel mobiel te blijven, niet wordt afgedongen en dat de automobilist maar ook de overheid een serieus en goedkoper alternatief wordt geboden.

Ralph Panhuyzen, Auctor intellectualis Automobiliteit & Innovatie. Voorheen directeur van logistiek centrum Amsterdam.

Rectificatie

Ralph Panhuyzen, auteur van Verruil dikke voor slanke auto (1 oktober, pagina 13), werd bij dit artikel oud-directeur genoemd van logistiek centrum Amsterdam. Hij was directeur van logistiek centrum Amsterdam Westpoint.