Studeren zoals jíj dat wilt

Meer collegegeld betalen om sneller of met meer `extra's' te studeren. Of juist goedkoper en dan schriftelijk studeren. Het kan op commerciële hogescholen. De overheid overweegt om hen ook subsidie te geven.

Hbo-opleidingen zonder overheidssubsidie: tien jaar geleden dacht niemand dat er een markt voor was. Ze zouden óf te duur zijn, óf tweederangs onderwijs bieden. Maar inmiddels zijn er tientallen commerciële hogescholen. Ze tellen meer dan 60.000 studenten. Omdat ze minder aan regels en tradities gebonden zijn, konden ze het keuze-aanbod verrijken. Enkele instituten oogsten zelfs topwaarderingen bij hun studenten.

Soms hoor je de klacht dat de gesubsidieerde hogescholen zo weinig van elkaar verschillen. Alle bacheloropleidingen kosten 1.496 euro per jaar. Al die opleidingen krijgen per student 4.000 euro subsidie per jaar. En volgens critici lijkt het of ze allemaal gericht zijn op dezelfde `standaard-student'.

Dus wat moet je als je best drie keer zoveel collegegeld per jaar wilt betalen in ruil voor sneller studeren, meer flexibiliteit of betere kansen op een baan? Dan kun je soms wel terecht bij een commerciële hogeschool. Hetzelfde geldt voor werkende mensen die voor weinig geld een schriftelijke cursus zoeken. In het gesubsidieerde hbo vind je dat niet.

Sinds 1997 biedt een groeiend aantal particuliere instituten hbo-studies aan, met toestemming door en erkenning bij de overheid. Ze doen dingen die het gevestigde hbo laat liggen. Het bekendst zijn de Leidse Onderwijs Instellingen (LOI). De LOI biedt, net als concurrent NTI, goedkope schriftelijke hbo-cursussen en telt duizenden studenten. Je studeert thuis achter je bureau. Een beurs krijg je niet, net zo min als deeltijdstudenten bij andere hogescholen.

Er zijn nog meer soorten hogescholen bij gekomen. Zolderkamerinstituten voor muziek- of bijbelonderwijs, prijsvechters in verkorte heao-studies, en instituten die voor een stevig collegegeld extra kwaliteit en kansen op een baan beloven. Voorbeelden van zulke topscholen zijn TIO (toerisme), het instituut voor de autobranche (IVA), hogeschool Thim van der Laan voor fysiotherapie en Intercollege Business School. Dit zijn voltijd-opleidingen en je krijgt er gewoon studiefinanciering voor.

De commerciële hogescholen zijn een mooie aanvulling op het gevestigde hbo, vindt de overheid. Blijkbaar doen ze bepaalde dingen efficiënter dan gewone hogescholen, anders zouden ze het zonder de subsidie van de overheid niet redden. De overheid wil sommige particuliere instituten nu toch subsidie gaan geven. De minister denkt dat dit gevestigde hogescholen prikkelt en de student meer keuzemogelijkheden geeft.

Maar bieden deze instituten ook goed onderwijs? Als je ziet hoeveel soorten particuliere opleidingen er zijn, begrijp je dat er geen eenduidig antwoord is op die vraag. Toch zal er dit jaar meer duidelijk worden. Veel commerciële opleidingen worden nu gekeurd door de keurmerkinstantie NVAO. Half augustus had alleen LOI al een groot aantal positieve oordelen binnen. Vele anderen zaten nog in de wachtkamer.

Een ander soort kwaliteitsoordelen is wèl beschikbaar. Dat zijn de `studentenoordelen' uit de Nationale Studenten Enquête, die dit jaar ook bij een aantal particuliere instituten is uitgevoerd. Gemiddeld bleken de studenten hier net zo tevreden als bij gesubsidieerde instituten. Maar onderling waren er aanzienlijke verschillen. In de grafiek staan de oordelen, samen met het gevraagde collegegeld. En wat blijkt? De goedkope opleidingen doen nauwelijks onder voor het gemiddelde hbo; maar een aantal instituten met hoog collegegeld krijgt zeer hoge rapportcijfers. Kwaliteit heeft blijkbaar zijn prijs.