Schildersvak is materie en ambacht

Vorige week begonnen twintig studenten aan de Klassieke Academie voor Schilderkunst in Groningen. De nieuwe vakopleiding wil de traditie van het academisme in Nederland redden.

De twintig houten ezels zien er nog nieuw uit. Geen spatje verf, alleen hier en daar wat houtskoolvegen. ,,Henk Helmantel en Rein Pol hebben de ezels in elkaar geschroefd'', zegt Tom Hageman (62). Hij is de organisator van de Klassieke Academie voor Schilderkunst in Groningen waar vorige week twintig studenten aan hun opleiding begonnen. Helmantel en Pol zijn twee van de bekende schilders die meewerken aan de vierjarige vakopleiding die de traditie van het academisme in Nederland wil redden.

Het gaat niet slecht met het realisme en het figuratieve in de Nederlandse schilderkunst, maar de kunstacademies zijn te ver doorgeslagen in hun aandacht voor concepten en het individu, vindt Hageman. ,,De techniek wordt verketterd omdat het de creativiteit in de weg staat. Maar Karel Appel heeft nog Rijksakademie gedaan en ook Picasso en Willem de Kooning kenden het metier. Het vak is materie en ambacht. Je moet weten hoe je een werk opbouwt. Dat soort grondslagen van het schilderen onderwijzen wij hier.''

Tegenwoordig kan een academiestudent het vak alleen nog door zelfstudie leren. Hageman vindt dat raar. ,,De klassieke muziek bestaat toch ook naast andere stromingen? Daar zijn toch opleidingen voor. Wij sluiten aan bij een traditie van vijfhonderd jaar Europese schilderkunst. Wij leiden op voor de markt, dat was lang taboe. Het alternatief is dat je opleidt voor het subsidiecircuit. Dat is niet gunstig voor de studenten.''

Het idee voor een klassieke academie kwam vier jaar geleden van Matthijs Röling. Maar de schilder en docent van kunstacademie Minerva in Groningen kreeg het plan niet van de grond. Hageman, hij werkte tot 1993 zelf ook bij Minerva, besloot vorig jaar november een poging te wagen. ,,Ik heb collega's gevraagd of ze les wilden geven en iedereen was enthousiast. Ik heb het topsegment van de Noordelijke Realisten zo'n beetje verzameld. Niemand vroeg hoeveel het schoof, wel waren sommigen een beetje bang om voor de klas te staan.''

De school betaalt 50 euro per uur. De Klassieke Academie werkt zonder subsidies en moet alles betalen uit het lesgeld van 2476 euro per jaar dat de studenten betalen voor twee dagen onderwijs per week. Hageman is bezig een stichting op te richten die sponsors moet zoeken. Vooral om het tekort van 35.000 euro weg te werken dat is ontstaan door de verbouwing en inrichting van de twee leslokalen in een oud kledingatelier in de binnenstad.

Voor de twintig beschikbare plaatsen kreeg de school veertig aanmeldingen. Een selectiecommissie van kunstenaars maakte de keuze. De toegelaten studenten variëren in leeftijd van begin twintig tot eind vijftig. Volgens Hageman vergelijkbaar met een avondopleiding bij een gewone kunstacademie. Hij verwacht in de toekomst meer jonge mensen. Groter wil hij de opleiding beslist niet maken. ,,Dan word ik een manager. En ik wil geen gedoe met bureaucraten. Geen vergaderingen, maar eens per maand een sociëteit hier in de school waar je met een kratje bier en borrelnootjes van Albert Heijn genoeglijk praat.'' Over een paar maanden wil hij eindelijk zijn atelier wel weer eens zien, waar hij sinds februari niet meer geweest. ,,Ik ben nu directeur, conciërge, administrateur, kantinebaas en boodschappenjongen. Gisteren heb ik het lokaal nog aangeveegd. Het wordt wel wat te gortig, maar als ik aan de wieg van een klassieke opleving mag staan, heb ik een tevreden oude dag.''

De studenten, alle twintig, zijn vroeg vanmiddag, zodat de les al iets voor vier uur kan beginnen. Jan van Loon geeft modeltekenen en anatomie. Hij legt uit dat het gelaat een ellipsvorm heeft. Van Loon (67) heeft de tas met stencils en boeken meegenomen die hij vroeger gebruikte in de lessen op Minerva. Hij haalt een hand vol papiersnippers van de bodem. ,,Helaas hebben de muizen er in gezeten.'' Hij laat de studenten in tweetallen elkaars portret tekenen. ,,Teken het hoofd, later kun je thuis deelstudies maken van neus, oor of mond. Neem de tijd en probeer niet in vijf minuten een gelijkend portret te krijgen.''

Terwijl de studenten bezig zijn legt hij uit waarom anatomie zo belangrijk is. ,,Je moet begrijpen welke spiergroepen bij een beweging horen. Het is een manier van kijken, je kweekt begrip voor de vorm. Het gaat niet alleen om `wat voel ik' of `wat is mijn visie'.''

Piet van de Hoef (55) staat geconcentreerd te schetsen. ,,Ik schilder al een jaar of vijftien en steeds intenser. Ik heb geen opleiding gehad. Wel cursussen en privé op atelier bij een schilder. Nu wil ik het vanaf de basis ontwikkelen en er mijn beroep van maken. Ik ben inmiddels uitgewerkt als huisarts en ik heb er voor gespaard om dit te gaan doen.''

Olivier Schelfhout (34) zit een beetje vast met zijn portret. De eerste ging goed, maar bij de tweede wilde hij zijn medestudent vanuit een te hoog perspectief tekenen. Anderhalf jaar geleden is Schelfhout gestopt met zijn werk – hij zette bedrijfjes op en verkocht die weer – om te gaan schilderen. ,,Ik was thuis bezig maar kwam steeds voor problemen te staan. Daarom doe ik nu een goede opleiding. Ik zoek nog wat, maar ik wil zeker realistisch werken. Mensen en landschappen vind ik het leukst.'' Hij kan de opleiding volgen omdat zijn vrouw werkt. ,,En ik verkoop al redelijk, portretten en landschappen.'' Zijn naam heeft hij in ieder geval mee: hij stamt af van de schilders Andreas en Lodewijk Schelfhout. ,,Jammer dat ik dit niet eerder heb gedaan.''