Doe wat niemand doet!

Doe niet wat je vrienden doen, is een goede raad als je een studie moet kiezen. Er zijn betere criteria, zoals slagingskansen en uitzicht op werk. Niet op de huidige arbeidsmarkt, maar die over vijf jaar.

Tuintherapie. Verzekeringswiskunde. Prikzuster. De tiende dimensie. Stukjes leren schrijven. Bedenk een onderwerp en je kunt er op een universiteit of hogeschool in afstuderen. Dat is leuk, al die keuzemogelijkheden. Maar hoe pik je daar de studie uit die bij je past? Een paar tips uit de Keuzegids Hoger Onderwijs.

,,Chill! Ga jij ook media en entertainment studeren? Kunnen we straks samen ontzettend foute videoclipjes maken – of een nieuwe website voor pukkelige jongens met relatieproblemen!''

Bij hun studiekeuze volgen veel jongeren hun vrienden of gaan ze af op trendy onderwerpen. Maar er zijn meer dingen om op te letten. Wat zijn de toelatingseisen? Hoe tevreden zijn de studenten? Moet je hard studeren? Kom je gemakkelijk aan een baan? Op al die punten kan een studie mee- of tegenvallen. Het is beter om dat vooraf te weten.

Dat je voor een exacte studie een exact pakket nodig hebt, en voor een economische opleiding liefst een Economie en Maatschappij-pakket, dat hoeft niemand uit te leggen. Maar er zijn uitzonderingen. Zo hoef je bij een hbo-opleiding voor de gezondheidszorg geen exact pakket of biologiekennis mee te brengen. Terwijl medische opleidingen op de universiteit juist zware eisen stellen. Nuttig om te weten. De Keuzegids, die komende week verschijnt, geeft daarom bij elke studie een overzicht van toelatingsmogelijkheden voor alle havo- en vwo-profielen.

Een andere vraag is hoe tevreden de studenten over hun opleiding zijn. Daar bestaan gegevens over, verzameld door de Nationale Studentenquête die elk jaar wordt gehouden en die je ook in de Keuzegids kunt vinden. Als je even niet let op verschillen per school, zie je dat er ook landelijk per studierichting verschillen zijn. Het meest tevreden zijn studenten bij kleinschalige studies in de exacte, artistieke of medische hoek. Ze zijn lovend over hun docenten en over de begeleiding. Ook het feit dat de opleiding een praktische inslag heeft, draagt bij tot de tevredenheid.

Het andere uiterste zijn enkele technische studies (zwaar, ouderwets) en een aantal studies die door hun populariteit behoorlijk massaal zijn geworden. Voorbeelden zijn toerisme en international business (IBMS). Studenten klagen daar over oppervlakkigheid, gebrekkige studiebegeleiding, overbelaste docenten,gedrang bij computers of late tentamenuitslagen. Deze klachten zie je vooral in het hbo; ook een enkele universitaire studie (zoals bouwkunde of economie) heeft er last van.

Maar bij het studentenoordeel draait het niet louter om massaliteit. Zo is de pabo, de lerarenopleiding voor het basisonderwijs, met 10.000 nieuwe studenten per jaar de meest populaire opleiding in het hoger onderwijs. Toch staat de pabo in de top-5 van studies met de meest tevreden studenten. Een flink aantal pabo's legt namelijk een sterk accent op zelfstandig werken in (kleine) groepen; dat staat garant voor tevreden studenten. Een tweede troef is dat de opleiding een duidelijk beroepsperspectief biedt. Ook dat wordt gewaardeerd.

Motivatie en perspectief zijn sowieso belangrijk bij het kiezen van een studie.Dat zie je als je naar slagingskansen kijkt: die liggen juist bij een pittige studie als geneeskunde opvallend hoog, omdat de studenten daar gemotiveerd zijn en van aanpoten weten.

Iets dergelijks zie je bij de kans op boeiend en goed betaald werk, zoals die gemeten wordt in landelijke enquêtes onder afgestudeerden. Enkele populaire studies scoren matig. Van alle communicatiewetenschappers vindt bijvoorbeeld maar 31 procent werk op het eigen opleidingsniveau. Dat is wel wat minder dan de score van 96 procent die de pabo's halen!

Ook hierover zijn in de Keuzegids Hoger Onderwijs bij alle studies cijfers te vinden. Zo verdienen kunstenaars en creatieve therapeuten kort na hun afstuderen maar 1.100 tot 1.300 euro bruto per maand. Een afgestudeerde van de zeevaartschool krijgt het dubbele. En een jonge tandarts het drievoudige.

Maar het allerbelangrijkst is eigenlijk de kans op werk over vijf jaar, als je afstudeert. Daarvoor bestaan per groep studies heel aardige prognoses, waar je zeker naar moet kijken. Maar ook met gezond verstand kun je al een eind komen. Vermijd opleidingen die in korte tijd heel populair zijn geworden, tenzij je erg aan juist dat vak verknocht bent. Voorbeelden: toerisme, communicatie, journalistiek, bedrijfskunde.

Slimmer is het om een opleiding te kiezen die op dit moment niet in trek is. Dan is de kans op een baan groot. Neem de exacte studies: naar afgestudeerden uit die hoek blijft de komende jaren vraag, terwijl er maar weinig studenten zijn. Tel uit je winst!

Frank Steenkamp is directeur van het Centrum Hoger Onderwijs Informatie voor Consument en Expert (Choice) in Leiden.