Schippers' uitbundige oeuvre

Alsof er gegrasduind is in het atelier van Wim T. Schippers, zo oogt zijn tentoonstelling in De Hallen in Haarlem. Tekeningen, schilderijen, assemblages en collages, (strip-)boeken en af en toe een bewegende sculptuur hangen naast elkaar in het bovenzaaltje. Veel werken zijn afkomstig uit de collecties van het Museum Boijmans Van Beuningen en het Stedelijk Museum te Amsterdam.

De energieke kunstenaar, schrijver, televisiemaker en neologismenbedenker Wim Schippers is ook bekend van tv-programma's als Hoepla in de jaren zestig en het radioprogramma Ronflonflon met het hyperactieve alter ego Jacques Plafond. In een vitrine liggen programmaboekjes van toneelvoorstellingen die Schippers bedacht, zoals Going to the dogs met honden als acteurs uit 1984. De tentoonstelling is samengesteld naar aanleiding van de Jacob van Looy-prijs 2005, een prijs die om de vijf jaar wordt uitgereikt aan artistieke dubbeltalenten.

Schippers' carrière begon in de beeldende kunst. Vanaf 1959 volgde hij een opleiding aan het toenmalige Instituut voor Kunstnijverheidsonderwijs en in 1961 vormde hij met onder anderen Ger van Elk de A-dynamische Groep. Hun kunst lag dichtbij de stroming Fluxus, maar deed ook denken aan de ready mades van Marcel Duchamp en de spottende, speelse kunst van Dada. In een manifest verklaarden de A-dynamici zich te richten op ,,waarachtige oninteressantie'', ,,stijlloosheid'', ,,slapte'' en het bewust niet-uitvoeren van ,,onuitvoerbare plannen''. Tulips (1966), een film van Schippers die helaas niet te zien is op de expositie, toont een dressoir met daarop een bosje bloemen. Na lange, lange tijd wachten dwarrelt er een bloemblaadje naar beneden. Deze film is een mooi voorbeeld van de genoemde ,,waarachtige oninteressantie''. Eerder trok Schippers al de aandacht toen hij in december 1963 een flesje limonade leeggoot in de zee bij Petten.

De vele tekeningen en assemblages op de tentoonstelling bestaan uit samenvoegingen van abstracte vormen, collages met krantenknipsels, getekende mensfiguurtje en vreemde objecten. Schippers combineert beeldelementen die gebaseerd lijken op het suprematisme van El Lissitsky in het werk op papier Composition Ridicule uit 1978. Tussen de strenge balkencompositie tref je plots een stripachtig getekende naakte vrouw aan, die met haar diagonale ligging de compositie met schuine balken completeert. De kunstenaar blinkt uit in het combineren van vreemde vormen en onverwachte materialen. Zelf zegt hij in een tv-interview met Max Pam (Verdomd interessant maar gaat u verder, 1994), dat in een hoekje staat te spelen: ,,Kunst is niet het maken van mooie dingen.'' Het gaat Schippers om de spanning die het gebruik van verschillende materialen en vormen oproept. Zijn kunst is daardoor ,,poly-interpretabel''. Als toeschouwer mag je je verbazen over de absurdistische combinaties.

Het meest fascinerend zijn Schippers' ongrijpbare plannen. Zo bedacht hij een grote vliegende kubus die zich met één kilometer per uur voortbeweegt door Amsterdam. De kosten en opleverdatum liggen nog niet vast, maar zijn pas aan te geven na onderzoek, reken- en speurwerk. Dit project, Kubus op Drift (bedacht in 2003), neemt een voorschot op de verre toekomst. Tegelijkertijd maakt het plan duidelijk dat Schippers zijn A-dynamisch manifest trouw is gebleven: het is een onuitvoerbaar plan.

Naast de projectvoorstellen springen de assemblages die de kunstenaar dit jaar maakte eruit, zoals DA, een soort stemmig grafmonument met een uitbundig uitroepteken met een grote steen als punt. Toch is de expositie wat tam. Het geheel is te duidelijk opgezet om de toekenning van de Jacob van Looy-prijs kracht bij te zetten en vormt vooral een bescheiden samenvatting van een decennialange carrière in de beeldende kunst.

Tentoonstelling: Wim T. Schippers, Beeldend Werk. T/m 4/12 in De Hallen, Grote Markt 16, Haarlem. Open di t/m za, 11-17u, zo 12-17u. Inl. (023)5115775 of www.dehallen.com.