Ozb: over oude en nieuwe schoenen

Op de opiniepagina van 6 september pleitte ik voor handhaving van de ozb.

Nee, meldt ir. Dees op de opiniepagina van 27 september, het is beter om de gemeenten de gelegenheid te geven opcenten op de inkomstenbelasting te heffen. Dat kan in de vorm van een bandbreedte. Dat is een interessante gedachte, overigens met heel wat haken en ogen: mensen verhuizen, het rijk verandert nogal eens wat aan deze belasting. Hoe werkt dit door in de opcenten? Hierover is in elk geval een zinnig debat mogelijk.

Het kabinet compenseert de gedeeltelijke afschaffing van de ozb evenwel door een verhoging van de uitkering uit het Gemeentefonds (met 1.062 miljoen euro). Daarmee verliest de gemeente het laatste restje invloed op de inkomstenkant van het lokale huishoudboekje.

De gemeente ligt aan het rijksinfuus, aldus R. Pans, voorzitter van de directie van VNG. De gemeente kan nagenoeg alleen over de (verdeling van de) uitgaven beslissen. Dat is een ernstige aantasting van de lokale democratie.

Ik pleit voluit voor handhaving van de ozb, maar die is natuurlijk niet heilig. Afschaffing van de ozb mag mijns inziens pas worden overwogen, als een volwaardig alternatief voorhanden is. En een alternatief is pas volwaardig als het systeem operationeel is en als de gemeente een reële invloed heeft op de hoogte van de inkomsten. Nu dreigt het kabinet goed ingelopen schoenen weg te gooien, voordat volwaardige nieuwe schoenen beschikbaar zijn. Dat blijft de mistroostige conclusie bij de door het kabinet aangekondigde gedeeltelijke afschaffing van de ozb.

    • Hugo Priemus