Corruptie erg groot in China

Binnen de Chinese overheid is sprake van ernstige en grootschalige financiële malversaties. Dat blijkt uit een rapport dat de Chinese Rekenkamer vandaag heeft gepubliceerd.

Er was sprake van onregelmatigheden bij het ministerie van Financiën en bij het Comité voor Nationale Ontwikkeling en Hervorming, de twee belangrijkste staatsorganen die belast zijn met de distributie van staatsgelden. Bij 32 Chinese overheidsinstanties op ministerieel niveau constateerde de Rekenkamer wanbeheer, ruim eenderde van het totaal.

Enkele voorbeelden. Het ministerie van Sport streek 240 miljoen yuan (24 miljoen euro) aan sponsorgelden op zonder dat die ooit aan de betrokken instanties werden uitgekeerd. Het ministerie van Onderwijs hief 154 miljoen yuan (15,4 miljoen euro) aan onterechte heffingen. Het rapport meldt dat het geld vaak worden weggesluisd naar geheime rekeningen.

China kampt al sinds de economische hervormingen van eind jaren zeventig met een structurele overheidscorruptie. Chinese leiders hameren erop dat die corruptie moet worden aangepakt omdat anders niet alleen de geloofwaardigheid, maar zelfs het voortbestaan van de Chinese staat gevaar loopt.

De corruptie blijkt moeilijk de kop in te drukken, ook omdat er onvoldoende toezichthoudende organen zijn die hun controlerende taak werkelijk onafhankelijk van het overheidsapparaat kunnen uitvoeren. ,,Het is moeilijk om het onderzoek te doen, maar het is nog moeilijker om de problemen op te lossen'', zo stelde Qin Rongsheng, directeur van het Chinese Instituut voor Accountantsonderzoek vandaag naar aanleiding van het rapport in de Chinese pers.

Het rapport komt een dag nadat het World Economic Forum zijn nieuwe rapport over de concurrentiepositie van de landen in de wereld publiceerde, het Global Competitiveness Report. Daarin zakt China van de 44ste naar de 49ste plaats van meest concurrerende landen ter wereld, nog maar net vóór India, dat juist steeg naar de 50ste plaats. Volgens het rapport lijdt China aan ,,institutionele zwaktes die, indien niet aangepakt, de opkomst in het bovenste echelon van de meest concurrerende economieën zal vertragen.''