Uitgebreide kinderopvang kan

Vorige week opperde VVD-fractieleider Jozias van Aartsen dat kinderen tot half zeven op school moesten kunnen zijn. Dat leidde tot een storm van kritiek. Hij vindt dat het toch een goed idee is.

`Wat staat mij voor ogen als ik naar Nederland in 2015 kijk? Ouders voelen zich vrij te kiezen voor een combinatie van arbeid en zorg. Dan is er al jaren een heldere afspraak met alle scholen. Voor ouders en leerlingen die dat willen hebben ze faciliteiten van half acht 's ochtends tot half zeven 's avonds. Wat in Engeland en Frankrijk al traditie is, gebeurt dan eindelijk in Nederland.''

Deze uitspraak deed ik vorige week bij de Algemene politieke beschouwingen in de Tweede Kamer. Ik heb het niet bij deze uitspraak gelaten. Een grote Kamermeerderheid steunde de motie Van Aartsen-Bos om scholen te verplichten ruimte beschikbaar te stellen als ouders dat willen ten behoeve van kinderopvang voor en na schooltijd. Dit naar analogie van de al geldende verplichting voor de overblijf tussen de middag.

Mij viel op dat ik in de Kamer en vanuit het land hartelijke steun kreeg behalve van de drie christelijke partijen en de SP maar dat vanuit het ministerie van OCW en vanuit de schoolbesturen en leerkrachten een storm van protest losbrak.

Het hoofdredactioneel commentaar van deze krant van maandag jl. maakte zich er een milde spreekbuis van. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat de critici naar oud retorisch recept eerst een karikatuur maken van de VVD-voorstellen, om die karikatuur vervolgens te bestrijden.

De VVD zou een blik willekeurige uitkeringsgerechtigden willen opentrekken om plompverloren voor een groep kinderen neer te zetten, zonder oog voor pedagogische kwaliteiten en veiligheidseisen. De VVD zou het voor ouders mogelijk willen maken hun kinderen zo lang mogelijk elders te `dumpen'. Leerkrachten zouden na schooltijd kinderoppas worden en de kinderen elf uur per dag op school vasthouden. Deze reacties zijn welhaast kwaadaardig te noemen.

Het spreekt voor zich: degenen die de buitenschoolse opvang verzorgen, moeten hun vak verstaan. Dus worden aan hen dezelfde eisen gesteld als aan de huidige buitenschoolse opvang. Wij sluiten daarbij de inzet van mensen met een uitkering niet uit. Er zijn bijvoorbeeld jonge afgestudeerden van de PABO die vergeefs een vaste baan in het basisonderwijs zoeken en momenteel van een bijstandsuitkering leven. Zulke mensen kunnen prima buitenschoolse opvang verzorgen. Maar dat wil de SP niet.

Achter het verzet van de onderwijswereld zit iets anders. Daar is men bang voor extra taken voor leraren. Maar die komen er niet. Wij zeggen duidelijk: de school moet op zijn minst `mogelijk maken' dat andere partijen opvang bieden. Wij hebben nooit gezegd dat leraren hier voor op zouden moeten draaien. Alleen de schooldirecteur krijgt wat extra werk. In het belang van de kinderen zal zij of hij dat graag doen. Niettemin kritiseert minister Van der Hoeven (CDA) ons voorstel op haar weblog met de tekst: ,,Leraren mogen geen kinderoppas worden.'' Heeft zij niet opgelet?

Achter het verzet van de christelijke partijen gaat nog iets anders schuil. Het blijft onuitgesproken, maar het heeft allicht te maken met een traditionele visie op het gezin: vader werkt, moeder zit om half vier thuis met de thee. Voor ons ligt daar juist mede een reden voor dit voorstel. De VVD streeft naar volstrekt gelijke kansen voor mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt. In de praktijk worden de kansen van vrouwen kleiner wanneer ze moeder worden. Natuurlijk staat buiten kijf dat het belang van het kind nimmer mag worden geschaad. Maar te suggereren dat de VVD kinderen wil opofferen om vrouwen meer kansen te geven op de arbeidsmarkt, is schandalig. Ook werkende moeders zijn goede moeders.

In ons voorstel is veel ruimte voor de eigen voorkeur en creativiteit van scholen. Scholen kunnen kiezen voor een minimaal scenario, waarbij professionals of vrijwilligers van buiten de school de opvang verzorgen en zij alleen de schooldeuren openzetten tussen half acht 's morgens en half zeven 's avonds. Scholen kunnen echter ook kiezen voor een uitgebreider scenario, waarbij de school als `brede school' gaat functioneren.

In veel gemeenten zetten kinderopvangorganisaties, sportclubs, culturele instellingen, welzijnsorganisaties, ouders en vrijwilligers nu al, in samenwerking met de school, een geweldig en sluitend programma voor kinderen neer.

De VVD streeft simpelweg naar een regeling waarbij kinderen van werkende ouders niet meer ofwel heen en weer gesleept worden ofwel een paar dagen per week `sleutelkinderen' zijn, maar waarbij ze overdag op één plek kunnen leren, spelen en sporten. En waarbij dus de ouders met een gerust hart kunnen werken zonder zich in onmogelijke bochten te hoeven wringen die zowel gezinsleven als carrière belemmeren.

Wij hebben aangegeven hoe dat te bereiken is. Maar de minister lijkt alleen beren op de weg te zien. Als de minister niet snel actie onderneemt, zal de VVD het initiatief nemen om de kinderopvang voor en na school te regelen.

Jozias van Aartsen is voorzitter van de Tweede-Kamerfractie van de VVD.