Hoe Simon Simon parodieerde

Simon Carmiggelt schreef in 1947 een parodie op `De avonden', de debuutroman van Simon van het Reve. Het tekstje is teruggevonden door een verzamelaar.

Alles was al onthuld, zo leek het. Het boekje Alias, dat in 2002 verscheen bij de Vereniging van Carmiggeltvrienden, vermeldt maar liefst 31 pseudoniemen die Simon Carmiggelt tijdens zijn lange schrijversleven heeft gebruikt. Om te beginnen natuurlijk de naam Kronkel, waarmee hij meer dan 8.700 columns in Het Parool ondertekende, maar daarnaast wisten de samenstellers Ruud Broens en Wim Koster nog heel wat meer bij elkaar te sprokkelen. Vooral uit de satirische rubriek De kleine krant, die in de eerste naoorlogse jaren wekelijks verscheen in De Groene Amsterdammer. Carmiggelt was daarvan een hoogst productief medewerker, die gedichten publiceerde als Karel Bralleput en voor allerlei parodistische bijdragen wonderbaarlijke namen verzon als ds. J. Hanebrajer, mevr. E. Koops-Bruinwinkel, dra. Tine Lijsterdoos, Coba Mug en Adri Zultvouwer. Dit alles is dus drie jaar geleden al gedetailleerd geboekstaafd.

Maar van Simon van het Scheve ontbrak in dat bundeltje ieder spoor.

,,We dachten inderdaad dat we alles in kaart hadden gebracht'', beaamt Ruud Broens. ,,Tot ik een tip kreeg dat we nog iets over het hoofd hadden gezien.'' De tipgever wees hem op een tekst die op 13 december 1947 in De kleine krant verscheen onder de naam Simon van het Scheve: een parodie op de zojuist verschenen debuutroman De avonden van Simon van het Reve. Het was slechts een kort tekstje, waarin de auteur echter met grote precisie het ontluisterende gedachtegoed van de hoofdpersoon Frits van Egters had overgeplaatst naar een bezoekje aan Artis met een opoe, wier optreden hij ,,aan flarden'' dreigde te observeren – geheel volgens de denktrant van de echte Frits.

Wat de 34-jarige Simon Carmiggelt destijds van De avonden vond, is niet meer na te gaan. Hoewel de debuutroman van de latere Gerard Reve anno 1947 veel opzien baarde wegens de misantropische toonzetting – een schril contrast met het positivistische wederopbouwdenken van die dagen – lijkt Carmiggelt zich buiten die discussie te hebben gehouden. In de bundel Over De avonden (1989), waarin G.F.H. Raat alle kritieken op het boek inventariseerde, ontbreekt een reactie van Carmiggelt. En elders is alleen een piepklein tekstje te vinden dat hij in 1948 voor een strooigoedrubriekje in Vrij Nederland schreef: ,,Simon van het Reve, de schrijver van De avonden, is ondertrouwd met de dichteres Hanny Michaelis. Verwacht wordt dan ook dat zijn tweede roman milder zal zijn.'' Meer niet. Pas vanaf de jaren zestig maakte Carmiggelt in zijn Kronkels herhaaldelijk op bewonderende toon melding van nieuw werk van Reve, en in 1970 begon de vriendschappelijke correspondentie tussen beide schrijvers. Maar ook daarin werd over De avonden niet gerept.

De teruggevonden parodie blijkt overigens in 1994 ook al – onopgemerkt door de verzamelaars – te zijn verschenen in de literaire parodieënbundel Ik ben geboren in Apeldoorn van Rody Chamuleau en J.A. Dautzenberg. Chamuleau herinnert zich desgevraagd, dat het tekstje hem destijds is toegespeeld door Hans van Straten, de intussen overleden verzamelaar van letterkundige bric à brac. Met de mededeling dat Simon van het Scheve in werkelijkheid Simon Carmiggelt was. Daarover twijfelt ook Ruud Broens niet. ,,Ik ben er voor 99 komma 9 procent zeker van'', zegt hij.

    • Henk van Gelder