Volleybalsters nog te instabiel

Het Nederlands vrouwenteam moet de finesses van topvolleybal nog leren, bleek afgelopen week bij het Europees kampioenschap in Kroatië. ,,Het was redelijk goed, maar niet voldoende.''

Gerelateerd aan de cijfers hebben de Nederlandse volleybalster bij het Europees kampioenschap in Kroatië teleurstellend gepresteerd. De vijfde plaats is tenslotte slechter dan de vierde van twee jaar geleden. Maar gelet op de extreem zware groepsindeling in Pula en de manier waarop Nederland zich manifesteerde, heeft het een bemoedigende prestatie geleverd. Het Europees kampioenschap was vooral leerzaam in de zin dat de nationale ploeg aanzienlijke progressie moet maken, wil het kunnen meespelen om de grote internationale prijzen.

In Kroatië waren toplanden als Italië en Rusland nog te sterk voor Nederland, dat bovendien het vermogen mist om in alle gevallen zakelijk af te rekenen met mindere tegenstanders. De nederlaag in de openingswedstrijd tegen Bulgarije was daar een schoolvoorbeeld van. Dat verlies heeft Nederland het gehele toernooi achtervolgd en was vooral een psychologisch nadeel tegen Italië en Rusland. Uiteindelijk kostte die instabiliteit Nederland plaatsing voor de halve finales.

In de troostronde om de plaatsen vijf tot en met acht, het afgelopen weekeinde in Zagreb gespeeld, bleek Nederland zoals verwacht the best of the rest. Nadat zaterdag het onthutsend zwakke Servië-Montenegro met 3-0 (25-15, 25-11 en 25-21) was verslagen, volgde gistermiddag een degelijke overwinning van 3-1 (25-18, 12-25, 25-21 en 25-20) op Turkije, dat met dezelfde cijfers ook al in de groepswedstrijd was verslagen. Met een plaats bij de beste zes landen kwalificeerde Nederland zich bovendien rechtstreeks voor het Europees kampioenschap dat over twee jaar in België en Luxemburg wordt gehouden.

Hoewel Nederland in Kroatië hard op zijn tekortkomingen werd gewezen, heeft bondscoach Avital Selinger voldoende aanknopingspunten gevonden om de toekomst met vertrouwen tegemoet te zien. Hij prees vooral de instelling van zijn speelsters, die afgelopen zomer een loodzwaar programma met de nationale ploeg hebben afgewerkt. ,,Ze hebben in de laatste twee wedstrijden hun sporthart getoond door volop strijd te leveren voor de vijfde plaats. Zo zie ik het graag.''

De balans opmakend van een lang seizoen met deelname aan de Grand Prix in Azië en kwalificatietoernooien voor dezelfde Grand Prix in Azerbajdzjan en in Turkije voor het wereldkampioenschap van 2007 in Japan kwam Selinger tot een kritische slotsom. ,,Het was redelijk goed, maar niet voldoende'', zei hij. ,,Hoewel de jonge speelster veel progressie hebben geboekt, zijn ze nog niet in staat een hoog niveau vast te houden. Die wisselvalligheid wreekte zich tegen Italië en Rusland, landen waar tegen we onze beste wedstrijden speelden, maar waar van we wel verloren.''

De tevredenheid van Selinger schuilt vooral in de vorderingen die speelsters individueel hebben gemaakt. ,,Zie hoe lange meiden als Manon Flier en Chaïne Staelens hebben leren verdedigen. Zo goed zijn vergelijkbare speelsters als Ekaterina Gamova van Rusland en de Italiaanse Elisa Togut niet. Het bouwwerk krijgt langzaam gestalte; het is de komende jaren alleen nog een kwestie van voegwerk aanbrengen.''

Als Selinger zich al zorgen maakt, is dat over het ontbreken van een tweede buitenaanvalster van het kaliber Staelens. Met Debby Stam noch Alice Blom heeft hij een tweede powerhitter tot zijn beschikking. Maar wanhopen doet de bondscoach ook weer niet.

Selinger gisteren: ,,Ook kleine speelsters kunnen internationaal goede aanvalsters worden. Stam en Blom krijgen alle ruimte zich als zodanig te ontwikkelen, maar ze zullen op een goed moment wel een hoog niveau moeten laten zien. Vooralsnog heb ik vertrouwen in die speelsters. Vergeet niet dat Stam dit seizoen rechtstreeks de overstap van de Nederlandse competitie naar de nationale ploeg heeft gemaakt.''

Vanuit de perceptie van de ervaren speelsters mag het programma iets worden verlicht. Spelverdeelster Riëtte Fledderus, samen met Francien Huurman en Ingrid Visser de `oudjes' van het team, is er allerminst rouwig om dat vorige maand de kwalificatie voor de Grand Prix van 2006 werd verspeeld. ,,Ik speel liever alleen het wereldkampioenschap; dat vind ik bovendien een mooier toernooi. Al die reizen deze zomer waren waanzinnig zwaar. En iedere keer moet je je maar weer opladen voor een toernooi. Iets meer rust is voor deze groep zo slecht nog niet.''

    • Henk Stouwdam