Iedereen wil voor Tom Boonen rijden

Niet alleen Tom Boonen won gisteren de wereldtitel bij het wielrennen. Van hem mocht eigenlijk iedere Belg de regenboogtrui aantrekken. ,,We kunnen ditmaal tevreden wezen om een Belg te zijn'', verklaarde de pas 24-jarige renner die zojuist een historische prestatie had geleverd. Nog nooit heeft een renner in één seizoen de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix en het wereldkampioenschap op zijn naam geschreven. Boonen deed het wel.

Zijn opmerking over de Belgische tevredenheid was meer dan een staaltje chauvinisme na een fraaie zege. Het wielerland België bestaat al langere tijd uit twee kampen, te weten Boonens ploeg Quick Step en dat van Davitamon-Lotto, waarvan onder anderen Peter van Petegem deel uitmaakt. Juist deze landgenoot, redelijk snel in de eindsprint, offerde zich op voor zijn `concurrent'. ,,Maar je kan de hele Belgische ploeg noemen. Iedereen heeft voor mij keihard gewerkt. Ik heb geen meter in de wind hoeven trappen'', aldus Boonen.

Als geen ander kan de beminnelijke Belg bruggen slaan en zijn succes delen met anderen. Nog geen week eerder had zijn ploegdirecteur Patrick Lefevere nog een privé-oorlogje met bondscoach José de Cauwer uitgevochten: Boonen had veel te weinig renners (twee) mee uit zijn ploeg, vertelde de altijd spraakzame Lefevere die het een schande vond dat ook Davitamon drie renners naar Spanje mocht sturen. Boonen zorgde echter in een paar dagen voor nationale eenheid. ,,Iedereen blijkt voor Tom te willen rijden. Dat heeft alles met zijn persoonlijkheid te maken'', wist zijn ploegleider Wilfried Peeters bij Quick Step na afloop. Boonen is inmiddels zo populair dat hij binnenkort naar Monaco verhuist omdat er dag en nacht fans dwalen rond zijn huis in de Belgische Kempen.

Volgens Peeters kan de populariteit wel eens gevaarlijk worden. ,,Jullie hebben geen idee hoe veel druk op zijn schouders wordt gelegd. Door de media, de fans, iedereen. Ik vind het onvoorstelbaar hoe hij met die druk omgaat.'' Tekenend voor Boonen is zijn ongecompliceerde openheid: aan het begin van dit seizoen verklaarde hij alles op de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, de groene trui in de Tour de France te zetten én het WK. Bijna alles lukte, alleen moest hij door een val, gehuld in de sprinterstrui, voortijdig de Tour verlaten.

Boonen had behalve de onverwachte Belgische eenheid nog een verrassing in petto. Tijdens de Ronde van Spanje, die ruim een week geleden eindigde, won hij geen prijs en menig Belg zag het donker in. Na zijn val in de Tour de France leek Boonen nog lang niet in topvorm te steken. ,,Het is niet belangrijk om vijf etappes in de Vuelta te winnen, maar wel om eerste te worden bij het WK'', sprak hij gisteren grijnzend in zijn regenboogtrui waarvoor hij 273 kilometer had moeten fietsen. Die opmerking kon zijn Italiaanse concurrent Alessandro Petacchi, voor velen de grootste kanshebber op het relatief vlakke WK-parcours, in zijn zak steken. Zijn vijf sprintzeges in de Spaanse ronde bleken plotseling niets waard. Gisteren eindigde Petacchi onzichtbaar als 35ste.

Wel baat bij een goede voorbereiding in Spanje had Koos Moerenhout die gisteren onbetwist de sterkste Nederlander was. De 31-jarige renner bewees de afgelopen maand tijdens de Vuelta meer te kunnen dan knechtenwerk. Samen met topcoureurs als Paolo Bettini, Alexander Vinokoerov en zilveren-medaillewinnaar Alejandro Valverde speelde Moerenhout gisteren tot het eind mee. ,,Ik had voor het eerst het idee dat ik in de finale iets te zoeken had. Het is fijn te constateren dat je plotseling meer kunt en ik denk dat ik dat vertrouwen in de Vuelta [veertiende in eindklassement] heb opgebouwd'', aldus de renner die volgend seizoen van het Belgische Davitamon naar het Zwitserse Phonak verhuist.

Het had weinig gescheeld of Moerenhout had gisteren geen enkele rol in de wedstrijd gespeeld. Nadat een ontsnapping van Pieter Weening, circa 50 kilometer voor de finish, op niets was uitgelopen, ontstond een kopgroep van tien renners, zonder enige Nederlandse inbreng. ,,Dat was gewoon een fout'', gaf bondscoach Egon van Kessel na afloop toe. De tactiek was juist om met ontsnappingen mee te zitten omdat een Nederlandse Boonen niet voorhanden is. Dat gold nog meer toen halverwege de koers duidelijk was dat Nederland niet op zijn afmaker, de zieke Max van Heeswijk, hoefde te rekenen.

Nadat de groep van tien (met naast Bettini sterke renners als Valverde, Oscar Pereiro en Jakob Piil) was ingelopen, kreeg Moerenhout kans te ontsnappen en toen hij kort voor de finish samen met Michael Boogerd in een kopgroep van zes zat, leek de Nederlandse equipe voor het eerst in acht jaar (brons Leon van Bon, San Sebastian 1997) weer een medaille te kunnen bemachtigen. De Belgische trein die Boonen naar voren bracht, voorkwam dat.

,,We waren ons aan het opmaken voor de sprint toen we ineens werden ingehaald'', sprak Moerenhout gevat aan de finish. Zijn sprint ziet er naar eigen zeggen niet uit, en omdat Boogerd na een recente valpartij de explosiviteit miste, leek de missie sowieso weinig kans te maken. In de laatste ronde moest ook de snelle Van Bon verstek laten gaan.

Van Kessel zag zijn doemscenario bijna uitkomen: vijf man bij de eerste dertig en niemand een medaille. Het scheelde weinig. De eerste groep bestond uit 23 man, onder wie drie Nederlanders. De 21-jarige Thomas Dekker was de eerste met een vijftiende plaats. Boogerd en Moerenhout zaten er net achter. Of het aan de samenwerking had gelegen? Nee, antwoordde Van Kessel beslist. Iets minder beslist was het antwoord van Moerenhout. ,,We hadden afgesproken niet achter elkaar aan te gaan rijden'', zei hij over de laatste kilometers met Boogerd.