Bondskanseliere

Als Angela Merkel bondskanselier van Duitsland wordt, hoe gaan wij haar dan noemen: bondskanselier, bondskanseliere of bondskanselierster? Onlangs wierp tv-recensent Hans Beerekamp deze vraag op, maar hij kwam niet toe aan het antwoord.

Eigenlijk luidt de vraag: moet uit de benaming van een functie blijken of het om een man of een vrouw gaat? Zoals te verwachten was, is daar sinds het eind van de jaren zestig het nodige over te doen geweest. Er is veel over geschreven en ook de overheid heeft zich er een paar keer mee bemoeid. In 1978 verbood de Vlaamse overheid seksediscriminatie in advertenties voor vacatures, in 1980 volgde Nederland. Sindsdien lezen we dat er ergens een secretaresse (m/v) of een loodgieter (m/v) wordt gevraagd. In 1996 besloot het Comité van Ministers van de Taalunie dat er geen bindende voorschriften zouden komen voor het gebruik van functie- en beroepsnamen. Wel kregen de taalkundigen Johan de Caluwe en Ariane van Santen opdracht een boek te maken dat laat zien hoe `seksespecifieke en sekseneutrale functiebenamingen' worden gevormd.

Dat boek is in 2001 verschenen en heet Gezocht: functiebenamingen (m/v). Het is een leuk, helder en interessant boek én het geeft antwoord op de vraag hoe wij Angela Merkel zouden kunnen noemen. Merkel valt onder de functienamen die eindigen op -ier, zoals onder meer marinier, poelier, portier, juwelier en officier.

De meeste namen op -ier worden vervrouwelijkt door er -ster achter te plakken (denk aan juwelierster), maar soms komt er alleen een -e bij, zoals in scholiere. ,,Kennelijk is hier'', aldus De Caluwe en Van Santen, ,,sprake van variatie en een (nog) niet geheel gestabiliseerde situatie. Hoewel `-ster' tot nu het sterkste lijkt te staan, is `-e' mogelijk in opkomst, vooral bij functies met een relatief hoge status. `-Ster' komt vaak voor bij functies met een wat lagere status of functies die verband houden met een concrete activiteit.''

De functie van bondskanselier heeft een hoge status – in de seculiere wereld kan het bijna niet hoger –, dus bondskanseliere zou het meest voor de hand liggen. Ik moet dat overigens nog zien gebeuren, want veel journalisten voelen een grote weerzin tegen dit soort nieuwvormingen, die zij associëren met feministische taalterreur.

Ik heb de vraag voorgelegd aan de Taaladviesdienst van Onze Taal. Een van de medewerkers antwoordde: ,,In de verbinding `bondskanselier Merkel' is een vrouwelijke vorm sowieso niet nodig; je zegt ook niet `première Thatcher' of `presidente Arroyo' of `Kamervoorzitster Van Nieuwenhoven'. Zonder de naam erbij is de neiging om een vrouwelijk woord te gebruiken wel wat groter, maar ook niet bepaald dwingend; het lijkt er zelfs op dat in de meeste van deze gevallen toch de geslachtsneutrale (dus de mannelijke) vorm wordt gebruikt.

Kortom, áls Angela Merkel inderdaad de leider/leidster van de Duitse regering wordt, dan zullen wij haar hoogstwaarschijnlijk simpelweg bondskanselier noemen.

uitleenwoorden De ongekroonde bondskanseliere van de historische taalkunde in Nederland is zonder twijfel de Utrechtse etymologe Nicoline van der Sijs. In een adembenemend tempo heeft zij de afgelopen jaren het ene standaardwerk na het andere geproduceerd. Zo publiceerde zij in 1996 het Leenwoordenboek, een vuistdik boek over de invloed van andere talen op het Nederlands (de 2de, herziene editie is onlangs verschenen bij Van Dale). Van der Sijs is nu met een nieuw project begonnen, het Uitleenwoordenboek, inderdaad, over de invloed van het Nederlands op andere talen. Ik kom daar nog op terug, maar nu vast dit: u kunt aan dit prachtproject meewerken door op internet een vragenformulier in te vullen dat is te bereiken via www.onzetaal.nl. Van harte aanbevolen!

    • Ewoud Sanders