Targetkorset

Samenhang ontbreekt in het onderwijsbeleid, meent Ria Vogels van het SCP, in het eerste deel van een serie over knelpunten in het onderwijs.

ZEG NIET TEGEN een minister dat hij of zij geen visie heeft. Niets vinden ze zo vervelend als dat. Maar dat hoorde Ria Vogels, onderzoeker bij het Sociaal en Cultureel Planbureau, pas achteraf. Nadat ze het hoofdstuk over het onderwijsbeleid van minister Maria van der Hoeven had geschreven in het SCP-rapport De sociale staat van Nederland 2005. En dat hoofdstuk met de volgende conclusie had afgesloten: ``De verscheidenheid aan maatregelen voor doelgroepen die elkaar overlappen, brengt aan het licht dat het ontbreekt aan een overkoepelende visie hoe de grote knelpunten in het onderwijs aan te pakken.''

Niet alleen de kranten signaleerden dat het SCP opvallend kritisch was over het ministerie van OCW. Een dag na de publicatie van De sociale staat van Nederland, op 5 september, reageerde de minister op haar weblog. ``Het is volgens mij een misverstand om te denken dat je met een stelselwijziging – want dat wordt meestal bedoeld met `visie' – de problemen in het onderwijs oplost. Het argument `stelselwijziging' wordt vaak gebruikt om tijd te kopen om zo niet over de inhoud te hoeven praten. Ik wil problemen juist praktisch en zo snel mogelijk oplossen en heb er geen behoefte aan van bovenaf blauwdrukken op te leggen aan het onderwijs over hoe ze hun werk moeten doen.''

bang

Als ze had geweten hoe gevoelig het woord `visie' ligt bij bewindslieden, dan had ze het niet gebruikt, zegt Vogels nu. Niet omdat ze bang is om iemand boos te maken. Maar omdat het de aandacht afleidt van waar het haar echt om gaat.

Vogels: ``Dat ik het woord `visie' heb gebruikt is pure naïviteit. Het gaat me juist om dat `overkoepelend'. Ik constateer dat het in het onderwijsbeleid van dit kabinet ontbreekt aan samenhang. Maatregelen overlappen elkaar, of zijn zelfs tegenstrijdig. Daardoor is het onduidelijk of een maatregel überhaupt effect heeft.'' Van een pleidooi voor een stelselwijziging is geen sprake. Van der Hoeven struikelde over het verkeerde woord.

Halverwege het kabinet Balkenende II is het enthousiasme over minister Van der Hoeven gering. Rode draad in de kritiek: opwekte uitstraling en politiek geraffineerd, maar weinig daadkracht. Vorige week kreeg Van der Hoeven van vijfhonderd leden van de Algemene Onderwijsbond het rapportcijfer 4,4. Fijntjes wees de minister – op haar weblog – op het feit dat driekwart van de correspondenten op linkse partijen stemt, en dat de enquête dus meer zegt over de achterban van de vakbond dan over haar.

Maar weekblad Elsevier, zelden beticht van linkse sympathieën, schrijft deze week dat Van der Hoeven een departement bestiert ``waarvan we de coördinaten al lang aan de luchtmacht hadden moeten doorgeven''. Van der Hoeven noteert – weer op haar weblog – onbegrip en woede onder haar ambtenaren. Zelf rept ze van een ``flauwe, beetje banale opmerking''. Volgens Elsevier is ze een ``daler'' in politiek Den Haag.

Kan dat allemaal worden afgedaan als subjectief en weinig onderbouwd, voor het SCP ligt dat anders. Gepromoveerd antropoloog Ria Vogels – ``mijn politieke voorkeur is niet relevant'' – heeft de onderwijsbegroting van 2005 bestudeerd. Net als de andere onderzoekers die bijdroegen aan De sociale staat van Nederland heeft ze de doelstellingen uit die begroting afgezet tegen de realiteit en getoetst op haalbaarheid. Gegevens over de stand van zaken in het onderwijs ontleende ze vooral aan het Centraal Bureau voor de Statistiek. Conclusie: de onderwijsdoelstellingen van dit kabinet zijn niet realistisch.

Vogels: ``De onderwijsbegroting staat ook voor komend jaar weer vol met zeer gedetailleerd geformuleerde ambities. Allerlei percentages die binnen een bepaalde periode moeten worden gehaald. Dertig procent minder schoolverlaters in 2006, vijftien procent meer eerstejaars voor bèta- en techniekstudies in 2007, dat soort cijfers. Ze werken demotiverend, want ze worden niet gehaald. Het ministerie zet zichzelf klem. Ze kunnen beter een richting aangeven, zonder die cijfers.''

Geen ander ministerie gaat zo ver met het kwantificeren van doelen. Alleen Justitie komt in de buurt, met de prestatiecontracten voor de politie. ``Veel belangrijker is om aan te geven hoe je die doelen gaat halen. Ik zou in die begrotingen veel meer willen lezen over de middelen waar doelen mee bereikt moeten worden. Nu blijft het beperkt tot percentages. Ze suggereren daadkracht en zekerheid, maar dat is ten onrechte.''

Als bepaalde maatregelen effect zouden hebben, valt dat volgens Vogels niet aan te tonen omdat ze niet op elkaar zijn afgestemd. ``Neem het vmbo, waar veel problemen samenkomen. Uitval, zorgleerlingen, segregatie, onveiligheid. Daar lopen veel leerlingen rond waarvoor de school uit meerderde subsidiepotjes kan putten. Met als gevolg dat je niet kunt zeggen of een eventuele verbetering wordt veroorzaakt door de ene of de andere regeling. Scholen kunnen veel beter één budget krijgen voor probleemleerlingen, dat scheelt ook veel bureaucratie.''

groep 2

Soms gaat de versnippering zover dat maatregelen niet overlappen, maar ronduit botsen. Een voorbeeld daarvan is volgens Vogels de vroeg- en voorschoolse educatie (VVE), bedoeld om taalachterstand bij met name Turkse en Marokkaanse peuters en kleuters weg te werken. ``Dat is een programma voor twee- tot vijfjarigen, en moet eigenlijk doorlopen van peuterspeelzaal tot groep 2 op de basisschool. Die kinderen moeten bij elkaar blijven voor het beste resultaat. Maar dat kan niet, want dat is strijdig met het beleid om allochtone kinderen over verschillende groepen te spreiden.''

De grote worsteling van het ministerie is die tussen vrijheid en toezicht. Meer autonomie voor scholen om zelf beslissingen te nemen beschouwt Van der Hoeven als de kern van haar beleid. ``Maar het achteraf verantwoorden van die beslissingen, het afleggen van rekenschap, is zo dwingend dat de vrijheid beperkt is. Er is geen balans tussen sturen op hoofdlijnen en op details. Het ministerie wil minder voortijdige schoolverlaters. Maar een school wil onhandelbare leerlingen verwijderen. Wie krijgt z'n zin? Steeds weer kom je in die spagaat terecht. In de begroting voor 2006 wordt dat probleem niet opgelost.''

    • Mark Duursma