Pensioen in eigen beheer

Ondernemers met een BV kunnen in eigen beheer een pensioen opbouwen. Volgens adviseurs gaat dat het best in een aparte BV. ,,Maar zorg wel dat het geld er straks is, anders heb je een gigantisch probleem.''

Nadat ze bijna tien jaar in loondienst had gewerkt bij een communicatieadviesbureau, is Marloes Wessels voor zichzelf begonnen als communicatieadviseur. ,,Dat wilde ik al jaren. Ik ben bijna veertig, dus het moest er maar eens van komen'', zegt ze. ,,Het lijkt me spannend om in mijn eentje een bedrijf te runnen en zelf voor mijn inkomen zorgen. In loondienst kreeg ik elke maand hetzelfde, of ik nu veel of weinig deed. Ik verwacht dat ik als zelfstandige met hetzelfde werk meer kan verdienen.'' In overleg met haar accountant heeft Wessels een BV opgericht. ,,Volgens hem was dat fiscaal gunstig, maar veel belangrijker is dat een BV meer mogelijkheden biedt om een goed pensioen op te bouwen dan een gewone eenmanszaak. Dat wil ik, want mijn pensioenopbouw is niet om over naar huis te schrijven.''

Wessels is nu directeur-grootaandeelhouder, doorgaans eenvoudig afgekort tot DGA, van haar eigen BV. Volgens schattingen van de belastingdienst en het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) zijn er in Nederland een kleine 200.000 DGA's. Dat zijn mensen die minstens 5 procent van de aandelen van een BV bezitten. De overgrote meerderheid van de DGA's heeft veel meer dan 5 procent. Vaak hebben ze, zoals Wessels, het hele aandelenpakket. Of ze hebben de helft en hun partner de andere helft. DGA's die minstens 10 procent van de aandelen bezitten, mogen in eigen beheer een pensioen opbouwen. Dat kunnen ze letterlijk in eigen beheer doen, of bij een verzekeringsmaatschappij. Wessels weet nog niet waarvoor zij kiest.

,,In eigen beheer is gunstiger'', zegt Paul van Ravenzwaaij, pensioenconsultant en auteur van het boek Pensioen voor de dga. ,,Daarmee bespaar je de kosten van de verzekering. Maar belangrijker is dat je zelf de beschikking houdt over je geld. Dat kun je gebruiken om je onderneming verder uit te bouwen''.

,,Dat is inderdaad een voordeel'', zegt belastingadviseur en financieel planner Marjan Langbroek. ,,Maar het nadeel is dat je straks geen pensioen hebt als er geen geld in de BV zit.'' Zij adviseert DGA's met een partner om het nabestaandenpensioen altijd onder te brengen bij een verzekeraar. ,,Voor een oudedagspensioen spaar je en je weet op welk moment je dat geld nodig hebt. Maar een nabestaandenpensioen kan morgen al nodig zijn. Dat risico kun je maar beter afdekken.''

Ook DGA's die op papier wel geld reserveren voor hun pensioen maar dat geld in werkelijkheid niet opzij zetten, lopen risico. ,,In het begin kun je dat geld best inzetten als werkkapitaal, maar op een gegeven moment moet je toch zorgen dat het er is'', zegt Langbroek. ,,De pensioenreservering is een aftrekpost en zodra de BV dat pensioen gaat uitkeren, betaal je er loonbelasting over. Als er geen pensioen uitgekeerd kan worden, heb je een gigantisch probleem. Dan moet je als aandeelhouder toch inkomstenbelasting betalen en de BV kan een strafheffing krijgen. De enige manier om dat te voorkomen, is de BV failliet laten gaan.''

De meeste financiële adviseurs vinden dat DGA's met een pensioen in eigen beheer het best kunnen kiezen voor een aparte BV. Dat kan een aparte pensioen-BV zijn, maar Van Ravenzwaaij wijst erop dat de pensioen-BV al een paar jaar geen belastingvoordeel meer biedt. ,,Vroeger konden de aandelen fiscaal aantrekkelijk overgaan op de kinderen, maar nu vallen ze gewoon onder het successierecht'', zegt hij. ,,Bovendien betaal je over de winst in de pensioen-BV tegenwoordig vennootschapsbelasting. Als er een rendement van 4 procent nodig is om aan de pensioenverplichtingen te voldoen, betaal je over dat rendement geen vennootschapsbelasting. Bij een hoger rendement betaal je over die extra procenten wel belasting.''

Sinds de pensioen-BV geen extraatjes meer biedt, is een holding met een werkmaatschappij – twee BV's, waarbij de ene de aandelen van de andere heeft – gunstiger, vinden de adviseurs. ,,In ons jargon is dat een dubbeldekker'', zegt Marlies Kastelein, consultant bij Watson Wyatt. Bij een faillissement van de werkmaatschappij raakt de DGA zijn pensioenopbouw niet kwijt, want die is veiliggesteld in de holding. Maar de werkmaatschappij kan het kapitaal in de holding wel gebruiken. Ook bij verkoop biedt een holding voordelen. ,,Als de DGA zijn BV verkoopt, betaalt hij inkomstenbelasting over de winst'', zegt Langbroek. ,,Maar als de holding de aandelen van de werkmaatschappij verkoopt, hoeft dat niet. Dan betaalt de DGA pas belasting als hij dat geld uitkeert aan zichzelf. Bovendien laat je onroerend goed dat je niet wilt meeverkopen in de holding.''

Hoeveel pensioen een DGA mag opbouwen, hangt af van zijn inkomen. ,,Vergelijk het met werknemers'', zegt Van Ravenzwaaij. ,,De fiscale spelregels zijn voor DGA's niet veel anders.'' Zo mag de pensioenopbouw jaarlijks bijvoorbeeld niet hoger zijn dan 2 procent in een eindloonregeling en 2,25 procent in een middelloonregeling, en mag de uiteindelijke pensioenuitkering niet hoger zijn dan het laatste loon. ,,Het mag ook voor de vennootschapsbelasting niet bovenmatig zijn'', zegt Kastelein. ,,Als de inspecteur het te hoog vindt, beschouwt hij het als dividenduitkering. Dat is een valkuil.''

DGA's die pensioen in eigen beheer willen opbouwen, hebben een actuaris nodig die uitrekent hoeveel ze jaarlijks moeten reserveren om straks over voldoende pensioen te beschikken. Ook moet er een pensioenbrief gemaakt worden, een officieel document waarin de BV een pensioentoezegging doet aan de DGA.

Een DGA kan meer pensioen opbouwen dan een ondernemer in een eenmanszaak. Voor ondernemers in een eenmanszaak is er de oudedagsreserve. Zij mogen jaarlijks een percentage van de winst onbelast opzijzetten voor hun pensioen, maar de totale oudedagsreserve mag het vermogen van de onderneming niet overtreffen. Betere mogelijkheden om een pensioen op te bouwen kan een reden zijn om een BV op te richten. Aansprakelijkheid is ook vaak een argument. ,,De ondernemer met de eenmanszaak is, als er iets misgaat, aansprakelijk met zijn hele vermogen. De DGA niet'', zegt Van Ravenzwaaij.

Ook belastingvoordeel kan een reden zijn (zie `BV is fiscaal vaak stuk aantrekkelijker dan een eenmanszaak'). Niet alleen doordat het tarief soms lager is, maar ook omdat de DGA geen belasting over het dividend betaalt zolang het geld nog in de BV zit. Hierdoor is een laag salaris aantrekkelijk voor DGA's. ,,Dat accepteert de fiscus niet'', zegt Kastelein. ,,Voor de DGA geldt de gebruikelijkloonregeling. Hij moet zichzelf een salaris toekennen dat in zijn vak gebruikelijk is.'' Volgens Langbroek is een BV met ingang van volgend jaar extra aantrekkelijk, omdat DGA's ook mogen sparen in de levensloopregeling. Een DGA zal waarschijnlijk niet snel tussentijds verlof opnemen, maar met de levensloopregeling kan hij eerder met pensioen. ,,Je geeft jezelf 12 procent extra salaris. Daar mag je extra pensioen over opbouwen. Die 12 procent stort je in de levensloopregeling. Het resultaat is dat je netto hetzelfde inkomen houdt, terwijl je meer faciliteiten krijgt.''

Volgens Van Ravenzwaaij kun je niet zomaar zeggen in welke situatie een BV aantrekkelijker is dan een eenmanszaak. ,,Ik denk dat het omslagpunt ongeveer bij 100.000 euro winst per jaar ligt, maar er spelen meer factoren dan de winst alleen.'' Kastelein vindt dat fiscaliteit nooit de enige reden mag zijn om een BV te beginnen. ,,Je moet ook kijken naar wat er gebeurt als je arbeidsongeschikt wordt, of als je gaat scheiden. Jongeren die voor zichzelf beginnen zijn vaak niet zo gedisplineerd als het om de administratie gaat. Dat is ook een reden om nog maar niet aan een BV te beginnen, want administratief komt er bij een BV heel wat meer kijken dan bij een eenmanszaak.''