`Nederland is duur, moeilijk en ongastvrij'

Buitenlandse werknemers van internationale organisaties in Den Haag klagen over Nederland. Over unhappy looks en doktersrekeningen.

Lamia is al zes maanden op zoek naar een huisarts. Ze begrijpt niets van het Nederlandse systeem. ,,De dokter verwijst me naar de gemeente, de gemeente weer naar de dokter. Ik kan hier nauwelijks een afspraak maken. En als ik al een dokter spreek, stuurt hij me meestal weer weg.'' Lamia is de vrouw van een diplomaat uit Bangladesh. Ze vindt Nederland soms heel moeilijk, heel rigide.

Gisteren lekten de resultaten uit van een enquête die was gehouden onder 3.400 buitenlandse medewerkers van internationale instituten in Den Haag. De enquête was een initiatief van de personeelsverenigingen van de internationale bedrijven. Daaruit bleek dat een groot deel van de werknemers zich eigenlijk niet in Nederland thuisvoelt en het liefst het land zou verlaten. Dure, slechte en onbegrijpelijke gezondheidszorg, problemen met verblijfsvergunningen, dure kinderopvang, moeilijkheden om een passende woning te vinden en het groeiende wantrouwen van Nederlanders tegen vreemdelingen, waren veel expats slecht bevallen.

Werknemers van de internationale organisaties die aan de enquête meededen willen over de telefoon eigenlijk niet over hun ervaringen vertellen. Er is al zoveel spanning tussen hun organisaties en de Nederlandse overheden, zeggen ze. Een enkeling wil op anonieme basis wel wat vertellen. Het zijn verhalen over onbegrijpelijke medische rekeningen, ongeïnteresseerde artsen en ondoorgrondelijke zorgverzekeringen. Een buitenlandse werknemer vertelt dat hij voor medische zorg tegenwoordig maar naar het buitenland gaat.

Op het schoolplein van de Haagsche Schoolvereeniging zijn de buitenlandse ouders die in de najaarszon op hun kinderen staan te wachten wat spraakzamer. De gezondheidszorg is op het schoolplein hét gespreksonderwerp.

Lamia – die haar echtgenoot op de ambassade niet in de problemen wil brengen en daarom haar achternaam niet zegt – vertelt hoe het voor bezoekende familieleden bijna onmogelijk was een visum te krijgen. ,,We trokken aan alle touwtjes, beloofden garant te staan, maar niets hielp.'' Dat soort dingen, en het feit dat ze op straat soms unhappy looks krijgt, geven haar niet echt het gevoel dat ze welkom is.

De Amerikaanse Jane Postal zegt: ,,Wat ik niet begrijp, is dat je een huisarts krijgt aangewezen. Ik zou zelf willen kiezen, dit medische systeem begrijp ik niet.''

De verhalen van ongelukkige buitenlanders zijn niet nieuw. Begin dit jaar klaagden het Europees Octrooibureau in Rijswijk en het Internationaal Hof van Arbitrage openlijk over het gebrek aan gastvrijheid en over problemen met immigratiebeperkingen van familieleden. Maar nu zegt een woordvoerder van het octrooibureau, met meer dan 2.700 werknemers een van de grootste internationale werkgevers, dat de organisatie zich beter behandeld voelt. Er zijn zelfs plannen om uit te breiden. Volgens de woordvoerder komt dat door de inspanningen van de gemeente Den Haag, die zich graag de juridische hoofdstad van de wereld noemt, en veel waarde hecht aan de meer dan zeventig internationale organisaties (exclusief ambassades) op haar grondgebied.

Op het schoolplein komen ook de verhalen los van de vriendelijke Nederlandse buren, die uitlegden waarom de tv niet werkte (je moet voor ontvangst van tv-kanalen betalen), of doorgang door hun huis verlenen voor het verhuizen van een keukentafel die niet door het nauwe trapgat past. Nederland, zegt Postal, is een mooi land. Er zitten rare kantjes aan, maar klagen over je gastland doe je niet. Toch begrijpt ze de resultaten van het onderzoek wel: ,,Expats houden van kankeren.''

    • Derk Stokmans