Flexibele vrijstellingen van accijns is stap vooruit

Een serieuze keuze voor overgang van het gebruik van fossiele energie naar duurzame energie moet verbeteringen waarborgen, ongewenste neveneffecten voorkomen (Opinie, 22 augustus), en de grootst mogelijke ruimte geven aan vernieuwing op brandstofgebied (Opinie, 13 september, Wetenschap & Onderwijs, 17 september). Het kabinetsvoornemen met betrekking tot de accijnsvrijstelling voor biodiesel is in dat licht een keuze met de voet op de rem. Het creeert geen markt die het zoeken naar verbeterde brandstoffen aanmoedigt.

Een flexibel stelsel van accijnsvrijstellingen, onder het motto:hoe schoner de brandstof, hoe lager de accijns, doet dat wel. Gekoppeld aan strenge regulering, om ongewenste neveneffecten tegen te gaan, stimuleert een dergelijk stelsel de ontwikkeling van steeds betere brandstoffen. Een nauwkeurig uitgewerkte, eerlijke prijsvergelijking moet verder betere inzichten geven in de reële productiekosten van fossiele brandstof, afgezet tegen die van biobrandstoffen. De bestaande onduidelijkheid daarover schaadt de ontwikkelingen.

De Puur Plantaardige Olie (PPO is de grondstof voor biodiesel) van de Jatropha Curcas verdient meer aandacht dan hij momenteel krijgt. Jatropha Curcas groeit in tropische gebieden op arme grond, daar waar weinig anders wil groeien. Grootschalige teelt en toepassing van de olie kan een belangrijke ontwikkelingsimpuls geven aan grote delen van Afrika, Azië en Latijns Amerika. Productie van Jatropha-olie heeft de voordelen van weinig kunstmest, geen boskap en geen concurrentie met de voedselproductie. Zelden gaan milieu- en ontwikkelingsdoelen zo mooi, en commercieel verantwoord, hand in hand.

    • Professor C. Daey Ouwens
    • Maartje Romme