Conservatisme in verdrukking

Zijn de onbuigzame stelregels van het economisch conservatisme – een gezond begrotingsbeleid en een kleine overheid – na een bloeiperiode van twintig jaar op hun retour?

In de Verenigde Staten heeft president Bush zojuist een ongelimiteerd federaal hulppakket voor de wederopbouw van de door orkaan Katrina getroffen gebieden bekendgemaakt, tot woede van de kleine conservatieve vleugel van zijn Republikeinse partij. In Duitsland lag kanselierskandidate Angela Merkel in de peilingen mijlenver vóór op de zittende bondskanselier Gerhard Schröder, totdat zij Paul Kirchof, een vurige pleitbezorger van de`vlaktaks', aanwees als haar voornaamste economische adviseur. Het kostte haar de verkiezingszege. Deze ontwikkelingen volgen op een paar zorgenrijke jaren voor de voorstanders van een gezond begrotingsbeleid. Bush werd gekozen als conservatief, maar in plaats daarvan heeft er onder zijn bewind een dramatische verslechtering van de Amerikaanse overheidsfinanciën plaatsgevonden. In de eurozone is het Stabiliteits- en Groeipact uitgehold. In Groot-Brittannië heeft minister van Financiën Gordon Brown, die zich de eerste vier jaar van zijn ambtstermijn keurig aan de bestedingsplannen van zijn voorgangers had gehouden, de geldkraan wagenwijd opengezet, waardoor het begrotingstekort nu net zo hard groeit als dat van veel landen op het Europese continent. De Europese Centrale Bank en de Federal Reserve, het federale stelsel van Amerikaanse centrale banken, hebben de reële rente intussen vrijwel op nul gehouden en een buitengewone prijsstijging van vastgoed en aandelen getolereerd.

Dat is een grote verandering ten opzichte van de milleniumwende. Na de verwoestende inflatie van de jaren zestig en zeventig zetten de conservatieven in de Verenigde Staten en een groot deel van Europa de toon. De nieuwe orthodoxie strekte zich nog net niet uit tot de herinvoering van het ultieme ideaal van de voorstanders van een gezond begrotingsbeleid – de gouden standaard – maar benadrukte het belang van evenwichtige begrotingen en kleinere overheden. In de jaren negentig volgden zelfs linkse politici als Bill Clinton en Tony Blair de economische beleidsvoorschriften van Wall Street en de Londense City.

Waarom heeft de conservatieve economische agenda inmiddels aan steun ingeboet? Het grootste probleem is gemakzucht, De overwinning op de inflatie lijkt zo definitief dat kiezers en politici zich er geen zorgen meer over maken. De laatste jaren hebben de technologische vooruitgang en de opkomst van China ertoe bijgedragen dat de consumentenprijzen in toom zijn gehouden, waardoor de effecten van het expansieve economische beleid zijn gemaskeerd. Maar de wetten van de economie laten zich niet zo makkelijk opzij zetten. De inflatie keert alweer geleidelijk aan terug in het systeem. De tijd van het conservatisme zal opnieuw aanbreken.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar:

zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.