Bijstandskinderen

Cas van Kleef (17) spreekt met kinderen van ouders in de bijstand. `Ik krijg doordat ze bijna altijd thuis is veel aandacht.'

,,Meestal zeg ik dat mijn vader thuis werkt, als ik mensen net heb ontmoet. Het is niet dat ik me schaam voor het feit dat hij geen `echte' baan heeft, maar ik ga het ook niet van de daken roepen.'' De vader van Thomas (18) zit sinds hij een jaar geleden werd ontslagen bij een reorganisatie in de bijstand. ,,Toen mijn vader ontslagen werd, kwam hij in een diepe put terecht. Zijn werk was zijn leven, en daarna was opeens alles weg. De structuur was verdwenen, hij had geen dagelijkse routine meer en hing de hele dag maar wat voor de televisie.''

Op het eerste gezicht is Thomas een goed verzorgde jongen. Zijn haren staan strak in de gel, en hij draagt opgepoetste dure sneakers. Blijkbaar lopen bijstandskinderen niet allemaal rond in vodden. ,,Ik baal er soms wel van dat we weinig geld hebben'', vertelt Thomas, ,,bijvoorbeeld als ik alle leuke vakantieverhalen hoor van mijn vrienden, die voor de zoveelste keer naar de andere kant van de wereld zijn gevlogen, terwijl ik bijna nooit op vakantie ga en zeker niet met het vliegtuig. Als je ze dan ook nog hoort vertellen dat ze met hun ouders hebben gewinkeld en dat ze dan van alles krijgen, krijg je echt het idee dat ze totaal geen besef van geld hebben. En als ik bijvoorbeeld iets duurs wil kopen, moet ik daarvoor werken.''

De moeder van Anne (15) zit al tien jaar in de bijstand. ,,Zes jaar geleden zijn mijn vader en moeder gescheiden en sindsdien moet mijn moeder het doen met de uitkering.'' Zelf heeft Anne er niet zo'n probleem mee, ze is het nu zo gewend. ,,En bovendien valt het voor mij en mijn broertje en zusje nog wel mee. We moeten natuurlijk letten op wat we kopen, en merkkleding hebben we sowieso niet, maar we kunnen tot nu toe de eindjes wel aan elkaar knopen.''

Ze merkt wel dat het steeds moeilijker wordt voor haar moeder om rond te komen. ,,Mijn oma kan gelukkig wat bijschieten omdat we het in ons huis steeds vaker niet redden. Nu mijn broertje naar de middelbare school gaat, wordt het allemaal nog duurder, schoolboeken zijn amper meer te betalen. Toch vind ik het niet vervelend dat mijn moeder in de bijstand zit. Het heeft namelijk ook positieve kanten. Ik krijg doordat ze bijna altijd thuis is veel aandacht, en daarbij ga je als oudste in huis toch anders om met zo'n situatie als dit. We hebben een heel sterke band gekregen.''

Ook Hasse (16) herkent zich daarin. ,,Sinds mijn moeder in de bijstand zit merk ik dat we veel meer met elkaar optrekken. Ik heb vijf jongere broertjes en zusjes, dus in veel gevallen behandelt ze me als een volwassene.'' Met zoveel mensen in een huis wonen is gezellig, maar ook behoorlijk zwaar. ,,Mijn moeder studeert nu weer omdat we het met een uitkering alleen niet meer redden. Ze wil een goedbetaalde baan, maar ja, in de tussentijd komt er dus geen geld bij. En doordat ze minder thuis is, moeten veel van de huishoudelijke taken door mij worden opgeknapt. Daardoor ben ik meestal de hele zaterdag aan het schoonmaken.'' Sinds haar moeder in de bijstand zit, zegt ze, neemt ze niets meer voor lief. ,,Je beseft veel beter hoeveel geld nou eigenlijk waard is. Als onze wasmachine bijvoorbeeld stuk is, moeten we een hele maand zuinig doen met eten om de reparatie daarvan te kunnen betalen. Als vriendinnen dan vertellen dat ze die week drie keer uit eten zijn geweest, valt het me soms behoorlijk zwaar.'' Het ergste van alles is de stress die het met zich meebrengt, vertelt Hasse. Omdat haar vader niet meer aan het huis meebetaalt, worden ze waarschijnlijk door de gemeente in een ander – veel kleiner – huis geplaatst. ,,Soms denk je dat het niet erger kan worden, en dan gebeurt er weer zoiets. Kinderen van onze leeftijd horen helemaal niet met dit soort dingen geconfronteerd te worden. En eigenlijk vind ik mezelf veel te jong om te moeten bedenken hoe we met z'n zevenen in een veel te klein huis moeten gaan wonen. Maar ach, we redden het wel. Dat hebben we altijd gedaan.''

    • Cas van Kleef