`Opvang op school niet bedacht vanuit het kind'

De VVD wil scholen verplichten kinderen de hele dag op te vangen. Dan kunnen ouders werk en gezin beter combineren. ,,Makkelijk gezegd.''

Tussen tien over acht en half negen `s morgens hebben ouders haast. Met hun kinderen aan de hand, in het fietszitje of in de bakfiets komen ze aan op het schoolplein van de Maas- en Waalschool in Amsterdam. In een mum van tijd staan er zo'n honderd fietsen bij de ingang.

Tijd om een vraag te beantwoorden hebben de ouders nauwelijks. ,,We moeten naar binnen, de directeur is heel streng.''

Wat vinden ze het plan van de VVD om scholen te verplichten kinderen de hele dag op te vangen?

,,Makkelijk gezegd'', roept een vader, die met zijn zoontje en een potje kikkervisjes naar binnen snelt. ,,Eerst het niveau van de school verbeteren'', zegt een andere vader. ,,Bedacht vanuit de economie, niet vanuit het kind'', zegt Natanya van Lith. Zij heeft wel even tijd om vragen te beantwoorden voordat ze haar dochter (6) en haar zoontje (4) naar de klas brengt.

,,Het plan lijkt bedacht om zo veel mogelijk mensen aan het werk te krijgen. Het is misschien een uitkomst voor stellen die allebei een fulltime baan hebben, maar ik vind zo'n dag op school wel heel lang en vermoeiend voor een kind.'' En ze vindt dat als je voor kinderen kiest, je er ook voor ze moet zijn. Zelf werkt ze vier dagen als manager in de jeugdzorg.

Maar het zou haar wel een hoop geregel schelen. Haar kinderen gaan nu één dag na school met de oppas mee, zijn één middag bij haar, één middag bij de vader, en één middag bij de buren. Op papier is het allemaal geregeld. ,,En als er iemand ziek is, neem je verlof op.''

Rob Jansen, de directeur van de school ziet het plan van de VVD als proefballon. ,,Ze maken nu werkende ouders blij door dit te roepen, maar ze kunnen het helemaal niet waarmaken.'' Er is nu al nergens geld voor, zegt hij. ,,Ik geef mijn budget voor verwarming van het schoolgebouw twee keer uit.'' Jansen vindt ook dat je onderwijs en opvang moet scheiden. ,,Voor kinderen is de school een plek waar ze dingen moeten leren en waar ze zich aan bepaalde regels moeten houden. Als de opvang ook bij school hoort, zullen ze dat ervaren als een hele lange dag school.''

Fractieleider Van Aartsen opperde dat werklozen en vrijwilligers kunnen gaan werken in de buitenschoolse kinderopvang. Een enorm dedain voor de beroepsgroep, vindt Theo Offermans, voorzitter van het branchebestuur kinderopvang van de MO-Groep en algemeen directeur van kinderopvangkoepel Humanitas (143 vestigingen) Hij vindt het een ,,miskenning van de kwaliteit'' om bijstandsgerechtigden of vrijwilligers in te zetten voor de opvang van kinderen op basisscholen. ,,Daar heb je gekwalificeerde mensen voor nodig.''

Daarnaast vraagt Offermans zich af of Van Aartsen zich gerealiseerd heeft wat er allemaal nodig is aan extra ruimten en materiaal om de kinderen zo lang te kunnen opvangen. ,,Je kunt ze natuurlijk niet de hele dag in het klaslokaal laten zitten. Je heb een kantine nodig voor het eten en speelruimten. De meeste basisscholen zijn daar niet op ingericht. En er moeten allerlei activiteiten aangeboden worden die je niet zomaar door een vrijwilliger kunt laten begeleiden.''

Maar leraren kunnen het óók niet doen, zegt schooldirecteur Jansen. ,,Docenten zijn er om kinderen dingen te leren. Je vraagt de minister toch ook niet om zelf zijn prullenbak te legen?''

De kwaliteit van de opvang is een belangrijk criterium voor ouders, zegt vader Floris Kisman (41) op het schoolplein. ,,Als het een plek is waar ik mijn zoon met een goed gevoel heen brengt, zou het voor mij wel een uitkomst zijn.'' Kisman is eigen baas. Hij moet nu om drie uur stoppen met werken, omdat dan de school uit gaat.

Als haar kinderen in de klas zijn, komt Natanya van Lith nog even terug. ,,Ik denk er toch iets genuanceerder over. Ik redeneer vanuit een luxepositie. Voor een alleenstaande moeder met twee kinderen is het denk ik wél een uitkomst.'' En wat ze ook goed vindt aan het plan: de continuïteit voor kinderen. ,,Het is fijn voor ze als ze op een plek kunnen blijven en zich niet steeds hoeven aan te passen aan nieuwe groepen kinderen.''

    • Merel Thie