Belastingadviseurs hebben imagoprobleem

Belastingadviseurs hebben een imagoprobleem, vooral de dure. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) keerde zich vorige week tegen zakelijke associaties van belastingadviseurs en accountants wegens de hogere ethische normen waaraan controlerende accountants moeten voldoen. Politici schilderen belastingadviseurs graag af als roofridders en het kabinet haalt uit naar fiscalisten die via lepe constructies willens en wetens de belastingwetten krombuigen. De belastingadviessector laat het allemaal opmerkelijk gelaten over zich heenkomen.

De kritische houding in het politieke en bestuurlijke circuit is niet nieuw. In linkse kringen zijn belastingadviseurs altijd al met wantrouwen bekeken. Econoom en oud-staatssecretaris Rick van der Ploeg (PvdA) doet ze consequent af als fiscale trapezewerkers zonder meerwaarde voor de economie. Staatssecretaris van Financiën Joop Wijn (CDA) verwoordt het kabinetsstandpunt hard en helder. ,,Er is sprake van een toenemend verschijnsel van constructies die door belastingadviseurs, veelal met intensieve `marketing', op steeds agressievere wijze, zelfs in onverbloemde bewoordingen via internet, worden gepresenteerd in een opzet die steeds vernuftiger wordt'', zo meldt Wijn in de toelichting bij een recente reparatie van de BTW-regels. AFM-directeur Paul Koster vindt dat controlerende accountants niet langer in hetzelfde kantoor moeten werken als bijvoorbeeld belastingadviseurs. De ethische normen van accountants staan door het contact met de belastingadviseurs te veel onder druk. Tweede-Kamerlid Henk de Haan (CDA) ondersteunt die visie waar het gaat om belastingadviseurs die zich erop toeleggen ,,de belastingdienst `een poot uit te draaien''', zo liet hij in het Financieele Dagblad weten.

De opvattingen van de AFM zijn gevoed door spectaculaire gebeurtenissen in de Verenigde Staten. Daar heeft het advieskantoor KPMG onlangs opgebiecht dat zijn belastingdeskundigen zowel hun cliënten als de Amerikaanse belastingdienst opzettelijk hebben misleid. Dat gebeurde bij het op de markt brengen van een zestal belastingbesparende maar frauduleuze constructies. Aanvankelijk hielden de belastingadviseurs zo meer dan 1,4 miljard dollar (1,15 miljard euro) uit handen van de fiscus. Inmiddels zijn de constructies doorgeprikt, waardoor niet alleen de reputatie van KPMG wereldwijd een deuk opliep maar ook die van de hele beroepsgroep. Schandalen in de Verenigde Staten slaan nog wel eens over naar Nederland, zoals bij de grote boekhoudfraudes het geval was. Ook in Nederland kunnen er bedrieglijke belastingconstructies aan het licht komen. Dan krijgt het AFM-voorstel om accountants zakelijk en moreel geheel los te maken van belastingadviseurs meteen een breder draagvlak.

Niet alleen het imagoprobleem komt uit het buitenland, ook het antwoord erop. ,,Belastingadvieskantoren moeten midden in de maatschappelijke discussie over belastingmaatregelen gaan staan'', zo luidt dat antwoord van Chris Sanger van de Londense vestiging van het wereldwijd opererende belastingadvieskantoor Ernst & Young. Hij leidt sinds januari een acht personen sterk team dat zich stort op de belastingpolitiek van de regering Blair. ,,Het belastingsysteem is het bezit van het volk, geen speeltje van een wetgever die naar believen de regels verandert, soms zelfs met terugwerkende kracht.''

In Nederland is een andere aanpak gebruikelijk. Kritiek is eerder fiscaal-technisch van aard dan politiek bezield. Advieskantoren verkondigen hun standpunten graag via de op hun loonlijst voorkomende deeltijdhoogleraren. ,,Zeurpieten'', noemde Joop Wijn die kort na zijn aantreden en hij valt ze in het openbaar nog steeds hard aan. Sanger wil boven dat niveau uitstijgen: ,,We zoeken creatief naar betere oplossingen voor vastgelopen wetsbepalingen. Vanuit mijn onder meer ambtelijke achtergrond heb ik daarbij respect voor de budgettaire en wetstechnische beperkingen van de regering.''

Ook in Nederland zet Ernst & Young fiscalisten in met het lef het publieke debat aan te gaan en met ervaring op het Binnenhof, zoals oud-CDA-voorzitter Marnix van Rij. Net als elf andere vennoten bij dit belastingadvieskantoor besteedt hij een deel van zijn werktijd aan de fiscale politiek en het uitdragen van de opvattingen van zijn kantoor daarover. ,,Wij willen aanwezig zijn in het centrum van de fiscale politiek. Die willen we namelijk kritisch volgen en beïnvloeden. Als bedrijf hebben we de maatschappelijke plicht onze expertise niet alleen voor onze klanten renderend te maken, maar ook bij het publieke debat in te brengen'', aldus Van Rij tegenover deze krant. ,,Wij toetsen de kabinetsplannen op een manier waartoe het ministerie van Financiën noch de politiek in staat is. Namelijk door rechtstreekse, actuele onderzoeken in het hart van ondernemingen. Iedereen kan vervolgens beschikken over de feiten, onze visie en onze verwachtingen. Later herhalen we die onderzoeken om de effecten van de wetgeving te meten.''

Dat gebeurt nu bij onderwerpen als het fiscale vestigingsklimaat (sukkelt achteruit) en de vermindering van de administratieve lasten (deels slechts verschuivingen). Zulke onderzoeken tonen vaak een minder florissant beeld dan het kabinet schildert. Ook de verrichtingen van de fiscale specialisten van de Tweede Kamer krijgen jaar op jaar een rapportcijfer (het laatste parlementaire jaar een magere voldoende). Andere belastingadvieskantoren kijken onwennig en wantrouwig naar die dadendrang van hun collega.

Toch is het zinnig dat adviseurs zich zo nadrukkelijk mengen in het maatschappelijke debat over belastingen. Hun inzicht in de fiscale kanten van het ondernemerschap en de uitwerking van belastingmaatregelen is onmisbaar in de politiek. Daarnaast doet het afglijdend imago van de beroepsgroep onrecht aan het grote belang van de talloze gewetensvolle belastingadviseurs die helemaal geen lepe constructies verzinnen. Zij zijn de voor beide partijen onmisbare schakel tussen de belastingbetaler en de fiscus. Maar ook zij lijden onder de negatieve beeldvorming door de stunts van duurbetaalde trapezewerkers.

    • Aertjan Grotenhuis