Heel het westen is in verwarring

Anders dan Ben Knapen stelt in zijn artikel `De malaise van Duitsland is de malaise van Europa' (Opinie & Debat, 17 september) is niet het onvermogen van de Duitsers antwoord te geven op de grote problemen van deze tijd de oorzaak van de malaise van Europa. Het is wellicht eerder zo dat de fundamentele maatschappelijke vraagstukken waar we in Europa en in het westen mee worstelen, `fraai' door de Duitse politieke patstelling aan het daglicht treden. Zo is Duitsland meer een heftig voorbeeld dan de oorzaak.

Ook in Amerika en andere Europese landen (en zeker ook Japan) is men nog lang niet ingesteld op het gegeven dat individuele en collectieve welvaartstoename niet via een automatische conjuncturele getijdenwerking plaatsvindt. Al heeft dat de afgelopen 50 jaar misschien wel zo gewerkt.

Het is bovendien niet alleen Duitsland, dat worstelt met de overgang van een industriële naar een kennisintensieve en door diensten gedomineerde samenleving. Met alle gevolgen daarvan voor de manier van inrichten van organisaties en werkprocessen, voor het `runnen' daarvan door `managers' en voor de eisen die een dergelijke economie stelt aan de creativiteit, flexibiliteit en ondernemingslust van mensen in relatie tot de behoefte aan duurzaamheid, zorgvuldigheid en waardigheid.

Zijn we niet ook getuige van de aflopende kracht van een westerse politieke traditie, waarin de liberalen, de sociaal-democraten en de christen-democraten de drie hoofdstromen vertegenwoordigen, in het verlengde van de idealen van de Franse Revolutie (vrijheid, gelijkheid en broederschap)? Kunnen we nog voorbij onze politieke clichés denken? Zijn we in staat opnieuw na te denken en te dromen over onze mogelijke politieke, spirituele, economische en culturele toekomst? Hebben we het lef daartoe onze oude patronen en ogenschijnlijke zekerheden los te laten?

Het artikel van Knapen maakt duidelijk dat we, niet voor het eerst in de geschiedenis trouwens, opnieuw voor de vraag staan hoe onze toekomst vorm te geven en dat het te zeer vasthouden aan oude ficties leidt tot treurige achterhoedegevechten. Daarbij is het interessant te lezen dat in Duitsland het failliet van het Rijnlandse model wordt waargenomen, terwijl in Nederland datzelfde model op het schild wordt gehesen bij de terugdringing van de al te overheersende Anglo-Amerikaanse organisatie- en managementpraktijken.

Ger Jonkergouw is sociaal-psycholoog.